timmermans1_Mike KempIn Pictures via Getty Images_climate uk Mike Kemp/In Pictures via Getty Images

De geopolitieke aspecten van klimaatverandering

BRUSSEL – De Europese Unie speelt op wereldvlak een voortrekkersrol op het gebied van klimaat. Met hun recente akkoord over de Europese klimaatwet hebben de wetgevers en regeringen van de EU onze doelstelling van klimaatneutraliteit in het recht verankerd. Met de Green Deal als groeistrategie en met haar doelstelling om in 2030 de emissies met ten minste 55 % te reduceren ligt de EU op koers om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Maar Europa is staat niet alleen: wereldwijd ontwikkelt zich een kritische massa nu meer en meer landen hun ambities op het gebied van decarbonisatie versterken.

Recente ontmoetingen met John Kerry, de speciale gezant van de Amerikaanse president voor klimaatzaken, hebben bevestigd dat de EU en de Verenigde Staten opnieuw nauw samenwerken om een internationale coalitie op de been te brengen met als doel de lat op het vlak van klimaatambities voor de volgende VN-klimaattop een stuk hoger te leggen. Deze COP26 zal in november in Glasgow worden gehouden.

Er is geen tijd te verliezen. Zonder maatregelen om de klimaatverandering – met haar verwoestende droogten, hongersnoden, overstromingen en massale ontvolking – onder controle te krijgen, zouden er nieuwe migratiegolven ontstaan en zouden conflicten over water, landbouwgrond en natuurlijke hulpbronnen frequenter en scherper worden. Wie klaagt over de grote investeringen voor het aanpakken van de klimaatverandering en het biodiversiteitsverlies, moet beseffen dat niets doen veel meer zou kosten.

Maatregelen tegen de klimaat- en de biodiversiteitscrisis zullen iedereen ten goede komen, want zij zorgen voor betere banen, een betere lucht- en waterkwaliteit, minder pandemieën, betere gezondheid en meer welzijn.  Maar net als bij elke grote transitie zullen de veranderingen voor sommigen nadelen en voor anderen voordelen met zich meebrengen en tot spanningen binnen en tussen landen leiden. Naarmate het tempo van de transitie van een op koolwaterstoffen gebaseerde economie naar een duurzame, op hernieuwbare energie gebaseerde economie wordt opgevoerd, kunnen we deze geopolitieke effecten niet gewoon naast ons neerleggen.

Als gevolg van de transitie zullen degenen die fossiele brandstoffen in handen hebben en exporteren, hun macht zien verschuiven naar degenen die zich de groene technologieën van de toekomst eigen hebben gemaakt. Door de uitfasering van fossiele brandstoffen zal de strategische positie van de EU bijvoorbeeld sterk verbeteren, onder meer – en niet het minst – doordat de EU minder afhankelijk wordt van ingevoerde energie. In 2019 importeerde de EU 87 % van haar olie en 74 % van haar gas uit het buitenland, ter waarde van 320 miljard EUR (384 miljard dollar).

Bovendien zullen de oude strategische knelpunten – te beginnen met de Straat van Hormuz – als gevolg van de groene transitie minder belangrijk en dus minder gevaarlijk worden. Dit soort zeeëngten bezorgt militair strategen al tientallen jaren hoofdbrekens. Naarmate het olietijdperk op zijn einde loopt, zal echter ook de concurrentie om toegang en controle tussen regionale en mondiale mogendheden verminderen.

Subscribe to PS Digital
Digital Only

Subscribe to PS Digital

Access every new PS commentary, our entire On Point suite of subscriber-exclusive content – including Longer Reads, Insider Interviews, Big Picture/Big Question, and Say More – and the full PS archive.

Subscribe Now

De geleidelijke afbouw van de invoer van energie zal ook bijdragen tot een vermindering van de inkomsten en geopolitieke macht van landen als Rusland, dat momenteel sterk afhankelijk is van de EU-markt. Uiteraard kan het verlies van deze belangrijke bron van inkomsten voor Rusland op korte termijn tot instabiliteit leiden, met name als het Kremlin dit beschouwt als een uitnodiging tot avonturisme. Anderzijds zou een wereld met schone energie op lange termijn ook een wereld met een schonere overheid kunnen worden, omdat de traditionele exporteurs van fossiele brandstoffen hun economie zullen moeten diversifiëren en zich zullen moeten bevrijden van de “oil curse” en de corruptie die daar maar al te vaak mee samenhangt.

Voor de groene transitie zullen echter schaarse grondstoffen nodig zijn. Een aantal daarvan is vooral te vinden in landen die al duidelijk hebben gemaakt dat ze bereid zijn hun natuurlijke hulpbronnen als instrumenten voor buitenlands beleid in te zetten. Deze toenemende kwetsbaarheid moet op twee manieren worden aangepakt: door meer van deze essentiële hulpbronnen te recyclen en door bredere allianties met de exporterende landen aan te gaan.

Zolang de klimaatverbintenissen van de andere landen niet hetzelfde niveau halen als de onze, bestaat er bovendien een risico op zogenaamde “koolstoflekkage”. Daarom werkt de EU aan een mechanisme voor koolstofcorrectie aan de grens (of kortweg “CBAM”, wat staat voor “carbon border adjustment mechanism”). We weten dat sommige landen – ook onder onze bondgenoten – hierover bezorgd zijn. Maar we willen duidelijk zijn: het vaststellen van een prijs voor geïmporteerde koolstofintensieve goederen is niet bedoeld als repressieve of protectionistische maatregel.

We zullen ervoor zorgen dat onze plannen in overeenstemming zijn met de regels van de Wereldhandelsorganisatie, en zullen al een vroeg stadium aan onze internationale partners uitleggen wat ons voor ogen staat. Ons doel is de samenwerking te bevorderen en anderen te helpen hun klimaatdoelstellingen te halen. CBAM zal, naar we hopen, zorgen voor een race naar de top.

De groene transitie zal de economie duurzamer en veerkrachtiger maken, maar zal de deur niet automatisch openen naar een wereld met minder conflicten en minder geopolitieke concurrentie. De EU is realistisch. Ze zal het effect van haar beleid in verschillende regio’s moeten analyseren, met aandacht voor de waarschijnlijke gevolgen en de voorzienbare risico’s.

In het Noordpoolgebied, waar de temperaturen twee keer zo snel stijgen als het mondiale gemiddelde, proberen Rusland, China en andere landen uit geopolitieke overwegingen al de hand te leggen op gebieden en hulpbronnen die zich ooit onder het ijs bevonden. Hoewel al deze mogendheden er veel belang bij hebben de spanningen te verminderen en “het Noordpoolgebied een Noordpoolgebied te laten blijven”, brengt dit landjepik het hele gebied in gevaar.

Ten zuiden van Europa is er een enorm potentieel voor de opwekking van energie uit solaire en groene waterstof en voor de invoering van nieuwe duurzame groeimodellen op basis van hernieuwbare energie. Europa zal nauw moeten samenwerken met de landen in Afrika bezuiden de Sahara en elders om deze kansen te grijpen.

De EU is begonnen met een groene transitie omdat het wetenschappelijk en economisch noodzakelijk en technologisch mogelijk is. We zijn ervan overtuigd dat een wereld die op schone technologie draait, zowel het welzijn van de mensen als de politieke stabiliteit ten goede zou komen. Maar de risico’s en obstakels onderweg zullen talrijk zijn.

Daarom moeten we ons allemaal bewust zijn van de geopolitieke aspecten van klimaatverandering. Een geopolitiek risico mag geen excuus zijn om van koers te veranderen of rechtsomkeer te maken. Het moet veeleer een stimulans zijn om sneller werk te maken van een transitie die rechtvaardig is voor iedereen. Hoe sneller we ervoor kunnen zorgen dat iedereen toegang heeft tot mondiale collectieve goederen, hoe beter.

https://prosyn.org/71pxkpKnl