2

Investeringen moeten meer nadruk krijgen

GENÈVE – Op de topconferentie van de G20 vorige maand in het Chinese Hangzhou hebben de wereldleiders een ambitieus plan geschetst voor een “nieuw tijdperk van mondiale groei.” Maar ze hebben een belangrijk ingrediënt buiten beschouwing gelaten: het repareren van het investeringsklimaat.

De conventionele wijsheid luidt dat de besparingen van de huishoudens via efficiënte financiële markten zullen vloeien naar de bedrijven die dit geld het best productief kunnen inzetten. Maar in veel ontwikkelingslanden heeft een makkelijker toegang tot financiering – dankzij onbeperkte grensoverschrijdende kapitaalstromen en de deregulering van de financiële markten – nog steeds niet geleid tot meer financiering voor langetermijninvesteringen, met name in de industriële productie.

Investeringsbesluiten hangen af van een verscheidenheid aan ingewikkelde factoren en eventualiteiten. Een mix van publieke en private financiering is van cruciaal belang om nieuwe projecten in vervulling te doen gaan. In Oost-Azië, dat de afgelopen jaren een snelle groei en ontwikkeling heeft ervaren, hebben beleidsmakers hogere bedrijfswinsten niet alleen toegestaan, maar ook bevorderd, zolang ze maar voor productieve investeringen werden aangewend. Als gevolg daarvan wordt maar liefst viervijfde van de investeringen van de grote Oost-Aziatische bedrijven gefinancierd uit de winsten, terwijl publieke financiële instellingen hebben geholpen het tempo van de door investeringen geleide groei vast te houden.

Een onevenwichtigheid tussen winsten en investeringen is een belangrijke reden voor de slappe groei vandaag de dag, zowel in ontwikkelde economieën als in ontwikkelingslanden; als daar niets aan wordt gedaan kan het gevolg een bredere legitimiteitscrisis zijn voor het bedrijfsbestuur en het economisch management.