21

Nieuwe doelstellingen voor de EU

LONDEN – De meest angstaanjagende periodes in de geschiedenis zijn vaak interregnums geweest – tussen de dood van de ene koning en de komst van de volgende. Wanorde, oorlog en zelfs ziekten kunnen het vacuüm binnenstromen als, zoals Antonio Gramsci het in zijn Prison Notebooks omschreef, “het oude sterft en het nieuwe nog niet geboren kan worden.” De ontwrichting en verwarring van 2016 kunnen niet in de schaduw staan van de onrust tijdens de periode van het interbellum, toen Gramsci dit schreef, maar zijn beslist symptomen van een nieuw interregnum.

Na het einde van de Koude Oorlog werd de wereld bijeengehouden door een door de Amerikanen gegarandeerde veiligheidsorde en een door Europa geïnspireerde juridische orde. Maar nu zijn beide systemen op hun retour, zonder dat er al alternatieven voor zijn. Anders dan in 1989 is dit geen crisis van één bepaald soort systeem. Landen, zo verschillend van aard als Brazilië, China, Rusland en Turkije, staan onder verhoogde politieke en economische druk.

Zelfs als de nachtmerrie van een president Trump kan worden vermeden, wat steeds waarschijnlijker lijkt, kunnen de Verenigde Staten niet langer optreden als mondiale politie-agent. Machten als Rusland, Iran en China proberen een Amerikaanse reactie uit te lokken in Oekraïne, Syrië en de Zuid-Chinese Zee. En Amerikaanse bondgenoten als Turkije, Saoedi-Arabië, Polen en Japan smeden een onafhankelijk en assertief buitenlands beleid ter compensatie van een Amerika dat zijn vroegere verplichtingen niet meer kan en wil nakomen.

Intussen ondermijnt de afnemende samenhang van de Europese Unie haar morele gezag op het wereldtoneel. Veel van de mondiale instellingen die Europese waarden en normen weerspiegelen – van de Wereldhandelsorganisatie en het Internationale Strafhof tot de United Nations Framework Convention on Climate Change – zitten muurvast.