2

Het juiste dieet voor geslachtsgelijkheid

KOPENHAGEN – De afgelopen eeuw heeft de strijd om de gelijkheid van vrouwen en meisjes af te dwingen zich afgespeeld in het klaslokaal, in het stemhokje en in de bestuurskamers van de Fortune 500-bedrijven. Maar als we de geslachtsdiscriminatie ooit willen overwinnen, kunnen we het ons niet langer veroorloven een van haar belangrijkste oorzaken en gevolgen te negeren: slechte voeding.

Op dit moment lijdt het verbijsterende aantal van 1,6 miljard mensen wereldwijd aan bloedarmoede, een aandoening die te maken heeft met een tekort aan ijzer – en één van de symptomen van een mondiale voedingscrisis die vrouwen onevenredig hard treft. Twee maal zoveel vrouwen als mannen – bijna één op de drie vrouwen en meisjes wereldwijd – hebben last van bloedarmoede, en de aandoening draagt bij aan één vijfde van alle sterfgevallen tijdens de bevalling.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

In 2012 ondersteunde de World Health Assembly de doelstelling om de bloedarmoede vóór 2025 met 50% terug te dringen. Maar in het huidige tempo zal deze doelstelling pas in 2024 worden verwezenlijkt. Ondanks zwaar bevochten overwinningen voor vrouwen blijven we een eeuw achterliggen op schema, in een kwestie die zeer belangrijk is voor hun gezondheid en ontwikkeling – en die van hun kinderen.

Maar er is hoop. Als we nu in betere voeding investeren, kunnen we een mooiere toekomst garanderen voor meisjes en vrouwen overal ter wereld – voor de komende honderd jaar en daarna.

We kunnen geslachtsdiscriminatie en slechte voeding niet langer als afzonderlijke problemen behandelen. Deze twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden; ze versterken elkaar in een patroon dat vrouwen in iedere fase van hun leven raakt. Slechte voeding – in al haar vormen en hoedanigheden – is zowel oorzaak als gevolg van de diepe machtsonevenwichtigheid tussen mannen en vrouwen.

Geslachtsongelijkheid begint in de baarmoeder. Ieder jaar bevallen 16 miljoen pubermeisjes, voor het merendeel in de lage- en middeninkomenslanden. Als een moeder in een gebied woont waar veel voedseltekorten heersen en ze tussen de vijftien en twintig jaar oud is, is de kans groot dat haar kind groeistoornissen zal vertonen – en vatbaarder zal blijken te zijn voor ziekten en een grotendeels onomkeerbare cognitieve onderontwikkeling, wat zijn of haar vermogen negatief zal beïnvloeden om van onderwijs te profiteren en zijn of haar volledige potentieel te verwezenlijken.

Deze kinderen zullen doorgaans minder verdienen, wat de kans verhoogt dat ze in armoede zullen blijven leven, slecht gevoed zullen blijven en als gevolg daarvan een groter risico zullen lopen om op latere leeftijd chronische aandoeningen te ontwikkelen als diabetes en hoge bloeddruk. En gezien de maatschappelijke en economische discriminatie van vrouwen in de meeste landen zorgen deze omstandigheden in het begin van hun leven ervoor dat meisjes in een nóg nadeliger positie verkeren. Vervolgens herhaalt het patroon zich: deze onmachtige en slecht gevoede vrouwen brengen onvolgroeide kinderen ter wereld, waardoor de cyclus van de ongelijkheid wordt gecontinueerd.

Om de voedingsresultaten voor meisjes en vrouwen te verbeteren, moeten we bewezen voedingsinterventies en -initiatieven uitbreiden en opschalen, en ervoor zorgen dat andere ontwikkelingsprogramma's rekening houden met voeding. Het is bijvoorbeeld van cruciaal belang dat we vroege en onmiddellijke borstvoeding bevorderen – een ongelooflijk krachtig middel tegen zowel ondermaatse groei als obesitas.

Ontwikkelingsbeleid en -programma's moeten ook rekening houden met de geslachtsongelijkheid. Sociale beschermingsprogramma's die de zeggenschap van vrouwen over inkomensoverdrachten verbeteren, houden bijvoorbeeld verband met betere voedingsresultaten voor hen en hun gezinnen.

In veel landen zijn vrouwen binnen het gezin bij het eten de laatsten die aan de beurt komen, wat hun kansen op het krijgen van de juiste voeding vermindert. De voorzieningen voor zwangerschap en borstvoeding zijn ook zwak, waardoor het voor vrouwen moeilijk is hun kinderen te verzorgen. Gedragsveranderingsprogramma's, communicatie, en rolmodellen kunnen allemaal behulpzaam zijn bij het verzwakken van de greep van kwalijke sociale normen op het gebied van voeding en gender.

Voor de verwezenlijking hiervan zal een blauwdruk voor politieke actie nodig zijn. Op 14 juni zal het Global Nutrition Report voor 2016 wereldwijd gelanceerd worden. Het rapport stelt zich ten doel te vooruitgang te beoordelen, de aansprakelijkheid voor het verwezenlijken van mondiale beloften te verbeteren, en acties aan te bevelen voor overheden en belangrijke belanghebbenden om alle vormen van slechte voeding tegen 2030 uit de wereld te helpen.

Dat gesprek moet vandaag beginnen. Deze week vindt de Women Deliver 2016 Conference – de grootste bijeenkomst van pleitbezorgers van meisjes en vrouwen in een decennium – plaats in Kopenhagen. Ruim vijfduizend wereldleiders, beleidsmakers en pleitbezorgers uit 150 landen komen samen om onder meer te bespreken hoe de cyclus van armoede en geslachtsongelijkheid moet worden doorbroken die de gezondheid van vrouwen ondermijnt. De oproep tot actie om het verband tussen slechte voeding en geslachtsongelijkheid te slechten moet luid genoeg zijn om in de hele wereld te weerklinken.

Fake news or real views Learn More

We moeten alle factoren elimineren die de geslachtsongelijkheid voortzetten. En dat begint met betere voeding voor allen. De komende eeuw van vooruitgang is daarvan afhankelijk.

Vertaling: Menno Grootveld