23

Aarzelende mineur in de wereldeconomie

NEW HAVEN – Economische vertragingen kunnen vaak gekarakteriseerd worden als perioden van aarzeling. Consumenten aarzelen een nieuw huis of nieuwe auto te kopen, omdat ze denken dat het oude huis of auto nog prima een tijd mee kan. Managers aarzelen hun personeelsbestand uit te breiden, een nieuw kantoorgebouw te kopen, of een nieuwe fabriek te bouwen, wachtend op nieuws dat ze niet langer doet weifelen nieuwe ideeën aan te gaan. Hoeveel zorgen zouden we ons uit dit perspectief gezien momenteel moeten maken over de effecten van aarzeling?

Aarzelen lijkt vaak uitstelgedrag. Iemand kan vage twijfels hebben en de behoefte voelen om te wikken en wegen; in de tussentijd dringen zich andere kwesties op en wordt er geen beslissing genomen. Vraag mensen waarom ze uitstellen, en waarschijnlijk zal je geen helder antwoord krijgen.

Erdogan

Whither Turkey?

Sinan Ülgen engages the views of Carl Bildt, Dani Rodrik, Marietje Schaake, and others on the future of one of the world’s most strategically important countries in the aftermath of July’s failed coup.

Dus hoe wordt zulk gedrag zo wijdverspreid dat het een economische terugval kan veroorzaken? Het zal in de praktijk waarschijnlijk lastig zijn om de vraag wat de redenen zijn om activiteiten die de economie zouden stimuleren uit te stellen eenduidig te beantwoorden.

Men denkt hierbij ten eerste aan de feedback van anderen die aarzelen. Inkomenseffecten en massapsychologie kunnen individuele twijfel versterken. Maar er moet ergens een initiële factor zijn geweest die deze cyclus van feedback startte – enige onderliggende bron van aarzeling.

Verlies van economisch ‘vertrouwen’ is één mogelijke oorzaak. Gepubliceerde vertrouwensindexen, beschikbaar vanaf de jaren vijftig, zijn gebaseerd op enquêtes die consumenten of zakenmensen ondervragen over hun percepties van de zakenactiviteiten en verwachtingen van hun toekomstig inkomen en de werkgelegenheid.

‘Onzekerheid’ over economisch beleid is een andere mogelijke bron van aarzeling. Wanneer zakenmensen niet weten welke regels, belastingen, of erger, nationalisaties, er aan zitten te komen, kunnen ze gaan weifelen. Dit is al een oud idee, uitgesproken tijdens de crisis in de jaren dertig, maar het is nooit goed onderzocht; tot onlangs tenminste.

In een werkstuk uit 2015 construeerden economen Scott R. Baker, Nicholas Bloom, en Steven J. Davis met gebruik van digitale nieuwsarchieven Economic Policy Uncertainty (EPU) indexen voor een dozijn landen. Deze indexen (die Canada, China, Frankrijk, Duitsland, India, Italië, Rusland, Zuid-Korea, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, en de Verenigde Staten beslaan) werden samengesteld door het aantal nieuwsartikelen per maand per land te tellen dat de termen ‘economie’ (E), beleid (P), en onzekerheid (U) alle drie gebruikte.

De index van elke maand bestaat uit het totale aantal artikelen die deze woorden bevatten, gedeeld door het totale aantal artikelen die maand in de onderzochte kranten verschenen. In elk land werden native speakers geconsulteerd over de juiste vertalingen van deze drie woorden. De indexen overspannen decennia en gaan in twee landen, de VS en Groot-Brittannië, helemaal terug tot 1900. De index van de VS correleert met de impliciete prijsvolatiliteit in de optiemarkten (VIX).

Ze vonden dat hun EPU-index in deze twaalf landen een voorafspiegeling is van economische krimp, en dat voor de twee landen met de langere termijn-indexen de EPU-waarden tijdens de crisis in de jaren dertig hoog waren. Maar veroorzaakt krimp onzekerheid, zo vragen ze zich af, of veroorzaakt onzekerheid krimp? Gegeven het feit dat we weten dat mensen onderling zeer reactief zijn komt de causaliteit hoogstwaarschijnlijk van twee kanten, in een vicieuze cirkel van feedback.

De diepere en interessantere vraag is wat deze onzekerheid initieert. Om deze te beantwoorden moeten we beschikken over impressionistische karakteriseringen van de verhalen en ideeën die het publieke denken – of het vermijden van denken – over de economie beïnvloeden.

Wat de crisisjaren betreft, vraag je je af of de hoge mate van EPU verbonden was met de sociale trends na de excessen van de jaren twintig, die angst voor communisme, en in de Verenigde Staten voor de New Deal, veroorzaakten. Je kan je ook afvragen of de angst voor fascistische regimes en voor een aanstaande oorlog de depressie verlengde nadat Hitler in 1933 aan de macht kwam. De aandacht besteed aan het boek van Johannes Steele uit 1934 The Second World War, dat de gelijknamige gebeurtenis voorspelde, laat zien dat er genoeg over de angst voor oorlog gesproken moet zijn om enige aarzeling te ondersteunen. Voor mensen die de eerste Wereldoorlog hadden meegemaakt moet de gedachte aan een vervolg een nachtmerrie zijn geweest.

Of de crisis echt verlengd werd door deze verhalen of ideeën kan natuurlijk niet bewezen worden. Hoe weten we zeker welke verhalen het denken van mensen beïnvloeden? Aan de andere kant kunnen we er vrij zeker van zijn dat sommige van deze verhalen daadwerkelijk de waargenomen economische onzekerheid beïnvloeden.

Psychologen hebben laten zien dat mensen een ‘heuristisch affect’ vertonen, ofwel een neiging om herinneringen met emoties te verbinden en om deze emoties vervolgens de besluitvorming te laten beïnvloeden, zelfs wanneer de beslissing niet gerelateerd is aan wat de emoties veroorzaakte. Een wanverhouding van emoties kan dysfunctie qua uitvoering veroorzaken; niet in actie komen wanneer nodig, aarzelen.

Bepaalde verhalen die op dit moment circuleren – gerelateerd aan een groeiend nationalisme of angst voor immigranten die traditionele culturele waarden uitdagen – zouden een grotere aarzeling kunnen ondersteunen. De stem voor een Brexit in Groot-Brittannië afgelopen maand is wereldwijd buitengewoon verontrust ontvangen als signaal van politieke instabiliteit. De stijgende incidentie van terrorisme heeft een levendige emotionele factor aan dit soort ontwikkelingen toegevoegd.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Zullen deze angsten genoeg economische aarzeling tot gevolg hebben om een volgende wereldwijde recessie te veroorzaken? Op dit moment zou elk antwoord hierop impressionistisch en onnauwkeurig zijn. Vanwege het belang van de consequenties echter  moeten we niet terugdeinzen te overwegen hoe zulke angsten de economische besluitvorming beïnvloeden.

Vertaling: Melle Trap