Ethiopia ALBERT GONZALEZ FARRAN/AFP/Getty Images

Dit moet het decennium van Afrika worden

WENEN – Sinds 2000 heeft Afrika een indrukwekkende economische groei doorgemaakt, grotendeels dankzij ontwikkelingshulp en een aanhoudende grondstoffenhausse. Alhoewel het continent een grote diversiteit qua socio-economische trajecten kent maskeren de groeicijfers over het algemeen een onderliggend gebrek aan structurele hervormingen.

The Year Ahead 2018

The world’s leading thinkers and policymakers examine what’s come apart in the past year, and anticipate what will define the year ahead.

Order now

Veel Afrikaanse landen hebben de transformatie die voor sociaal inclusieve en duurzame ecologische ontwikkeling op lange termijn nodig is – industrialisatie – nog niet doorgemaakt. Overal waar zich industrialisatie heeft voorgedaan heeft deze de economische diversificatie blijvend verbeterd en geholpen de voorwaarden voor concurrerende groei en ontwikkeling te voeden, versterken, en in stand te houden.

De afgelopen decennia hebben sommige ontwikkelingslanden – hoofdzakelijk in Azië – weten te industrialiseren. Maar Afrikaanse landen is dit ondanks herhaalde pogingen niet gelukt. In 2014 bedroeg de toegevoegde waarde van Azië en de Pacifische regio aan de mondiale productie 44,6%, waar die van Afrika slechts 1,6% was. Met Zuid-Afrika als enige industrieland is Sub-Sahara-Afrika de minst geïndustrialiseerde regio ter wereld.

Als Afrikaanse landen een duurzame ontwikkeling willen doormaken zullen ze in hun nationale investeringen, productie, en handel het aandeel van de industrie – en vooral van fabricage – substantieel moeten vergroten. En het pleit in hun voordeel dat de meeste Afrikaanse landen al erkennen dat dit soort transformatie nodig is om de lange reeks van onderling verbonden uitdagingen waar ze momenteel mee te maken hebben tegemoet te treden.

Een van deze uitdagingen is bevolkingsgroei. Meer dan de helft van de 1,2 miljard inwoners van het werelddeel is jonger dan 19, en bijna 20% is tussen de 15 en 24 jaar. Elk jaar treden 12 miljoen nieuwe werknemers tot de beroepsbevolking toe, en deze hebben middelen en vaardigheden nodig om in hun toekomstige levensonderhoud te voorzien. Industrialisatie is dé sleutel om de snelgroeiende bevolking van Afrika te helpen een demografisch dividend tot stand te brengen.

Een hiermee gerelateerde uitdaging is migratie. Veel van Afrika’s meest ambitieuze en ondernemende jonge mensen migreren net als vele anderen naar het noorden. Maar geen enkel land, vooral in Afrika, kan zich veroorloven om zoveel talent en potentieel te verliezen. Industrialisatie alleen kan de migratiecrisis niet oplossen, maar het kan wel een van de belangrijkste oorzaken aanpakken door banen te creëren in de landen van herkomst.

Een derde uitdaging is klimaatverandering, die een zware last legt op landen waar landbouw nog steeds de primaire arbeidssector is. Afrika zal om deze dreiging het hoofd te bieden groene technologieën moeten ontwikkelen en toepassen, terwijl er meer investeringen in efficiency van hulpbronnen en schone energie gestoken worden. Met de juiste investeringen kunnen Afrikaanse landen de kosten van het aanbieden van energie in landelijke gebieden reduceren en de effecten van klimaatverandering verzachten.

Kort samengevat: Afrika moet industrialiseren, en het moet dit doen op een sociaal inclusieve en ecologisch duurzame manier. Gegeven het feit dat de meeste eerdere pogingen tot duurzame ontwikkeling in Afrika zijn mislukt, is er duidelijk behoefte aan een nieuwe aanpak: een breed gedragen door landen zelf beheerd proces dat gebruik weet te maken van financiële en niet financiële middelen, de regionale integratie bevordert, en samenwerking tussen de Afrikaanse ontwikkelingspartners voedt.

Nu is het geval dat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het decennium van 2016 tot 2025 heeft uitgeroepen tot de zogeheten Third Industrial Development Decade for Africa (ofwel IDDA III). Gedurende IDDA III zal de Industriële Ontwikkelingsorganisatie van de VN (UNIDO), waar ik directeur van ben, deze nieuwe benadering van duurzame ontwikkeling zoals hierboven geschetst gaan uitrollen. UNIDO heeft partnerschappen voor het mobiliseren van hulpbronnen zijn volle steun toegezegd, en biedt een testmodel aan dat Afrikaanse landen kunnen navolgen: het Programme for Country Partnership (PCP).

Het PCP van UNIDO biedt landen technische ondersteuning, beleidsadvies, en investeringen om ze industrialiseringsstrategieën te helpen ontwerpen en implementeren. Het programma is in 2014 gelanceerd en wordt al in twee Afrikaanse landen – Ethiopië en Senegal – en in Peru succesvol toegepast.

Het PCP voorziet in een partnerschapsmodel voor meerdere aandeelhouders dat kan worden aangepast aan de nationale ontwikkelingsagenda van ieder land. Het is ontworpen om in synergie met de lopende ontwikkelingsprogramma’s van regeringen en hun partners te functioneren, terwijl er extra fondsen en investeringen richting sectoren gekanaliseerd worden die een groot groeipotentieel hebben en belangrijk zijn voor de industriële ontwikkelingsagenda van dat bepaalde land. Er worden meestal prioritaire sectoren aangewezen voor het creëren van werkgelegenheid, investeringen, exportpotentieel, en toegang tot de nodige ruwe grondstoffen.

De PCP-benadering is ontworpen om de impact van alle partnerprogramma’s en -projecten die relevant zijn voor industriële ontwikkeling te maximaliseren. Tot dat doel zijn strategische partnerschappen met financiële instituties en de zakenwereld in het bijzonder belangrijk. Als die tot stand komen kunnen Afrikaanse landen over meer middelen voor infrastructuur, innovatie, expertise, en nieuwe technologieën beschikken.

Het doel van UNIDO is om het PCP-model de standaardbenadering voor alle Afrikaanse landen te maken. We zijn er klaar voor om Afrika te steunen op haar reis naar inclusieve en duurzame industriële ontwikkeling – tijdens IDDA III en ook daarna.

Vertaling Melle Trap

http://prosyn.org/9qCktZE/nl;

Handpicked to read next