5

Turkije moet een beleid van vrede nastreven

WENEN – Turkije begeeft zich in onbekende politiek wateren, na het onvermogen van de regerende Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling (AKP) om zijn parlementaire meerderheid te behouden bij de recente algemene verkiezingen in het land. De keuzes die Turkije maakt bij het inrichten van een nieuwe regering zullen niet alleen cruciaal zijn voor de toekomst van de Turkse democratie; de volgende regering zou ook wel eens een beslissende rol kunnen spelen in een reeks vredesprocessen die essentieel zijn voor het herstel van de stabiliteit in het Midden-Oosten.

In de eerste en voor Turkije belangrijkste plaats is er het lopende vredesproces met de Koerdische bevolking van het land. In de kern gaat dit proces over het herdefiniëren van de seculiere eenheidsstaat die in 1923 door Atatürk in het leven werd geroepen. Iedereen in de nieuwe republiek, die niet expliciet werd aangeduid als lid van een officieel erkende minderheid, werd verondersteld op te gaan in een nieuwe Turkse identiteit.

Maar dit gebeurde niet zoals Atatürk dat voor ogen had. De Koerden hielden vast aan hun eigen etnische identiteit. Uiteindelijk leidde de onderdrukking van de Koerdische taal en cultuur tot een bloedige opstand, onder aanvoering van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK), die het land ruim 30.000 mensenlevens heeft gekost.

Het is de grote verdienste van president Recep Tayyip Erdoğan dat hij de moed heeft gehad om in 2013 het vredesproces met de PKK op gang te brengen. Sindsdien heeft dat proces een vooruitgang geboekt die nog maar een paar jaar geleden ondenkbaar leek. Toch moeten er nog steeds belangrijke stappen worden gezet op weg naar een blijvende vrede.