2

Zuid-Afrika stapt eruit

NEW YORK – Internationale investeringsovereenkomsten zijn weer in het nieuws. De Verenigde Staten proberen een sterk investeringspact op te leggen binnen de twee z.g. ‘partnership’ overeenkomsten, de ene over de Atlantische Oceaan de andere over de Stille Oceaan, die nu onderhandeld worden. Maar er is een groeiende oppositie tegen dit soort zetten.

Zuid-Afrika heeft besloten om de automatische vernieuwing van investeringsovereenkomsten die ze tekenden in de periode net na de apartheid te stoppen en heeft aangekondigd dat een aantal ervan beëindigd zullen worden. Ecuador en Venezuela hebben die van hun al beëindigd. India heeft gezegd dat ze alleen maar een investeringsovereenkomst zullen tekenen met de VS als het mechanisme van oplossen van disputen wordt veranderd. Brazilië op zijn beurt heeft er nooit een gehad.

Er is een goede reden voor de weerstand. Zelfs in de VS zelf hebben de bonden en milieu-, gezondheids-, ontwikkelings- en andere non-gouvernementele organisaties geprotesteerd tegen de overeenkomsten die de VS voorstelt.

De overeenkomsten zouden de mogelijkheid van ontwikkelingslanden om hun milieu te beschermen tegen mijnbouw en andere activiteiten, aanzienlijk beperken. Om hun burgers te beschermen tegen sigarettenfabrikanten die gewetenloos een product leveren dat dood en ziekte veroorzaakt. En om hun economieën te beschermen tegen de ruïneuze financiële producten die zo’n grote rol speelden in de mondiale financiële crisis van 2008. Ze verbieden regeringen zelfs om tijdelijke controle in te stellen op de destabiliserende korte termijn kapitaalstromen die zo vaak een ravage hebben aangericht op de financiële markten en crises hebben veroorzaakt in ontwikkelingslanden. De overeenkomsten zijn zelfs gebruikt om acties van regeringen te ondermijnen, van het herstructureren van schulden tot positieve discriminatie.