9

De gebrekkige Europese bankenunie

PARIJS – De Europese Unie (EU) is inmiddels de trotse winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede. Drie jaar geleden, toen de keus op Barack Obama viel, werd het Noorse Nobelcomité nog bekritiseerd: het eerde iemand die zich nog niet bewezen had. Het comité nam die kritiek ter harte en heeft ditmaal een instelling onderscheiden die op een trots verleden kan bogen. De toekomst van de EU is echter ongewis.

De EU is natuurlijk iets anders dan de eurozone, maar die muntunie vormt wel het meest ambitieuze project van de EU tot op heden. Zij spant zich enorm in om de juiste structuren op te tuigen die de muntunie kunnen ondersteunen. Een gemeenschappelijk begrotingsbeleid blijft evenwel een verre toekomstdroom, net als een echte politieke unie.

De Europese beleidsmakers beweren echter dat er vooruitgang geboekt wordt in de richting van een zogenaamde “bankenunie”, waaronder overigens geen samenvoeging van banken zelf, maar gemeenschappelijk bankentoezicht wordt verstaan. De Europese Commissie (EC) kondigde in september een plan aan om de Europese Centrale Bank (ECB) toezichthouder van alle 6.000 Europese banken te maken.

Nationale politici en (centrale) banken reageerden echter niet onverdeeld positief op dit plan. Zo wil Duitsland dat de ECB zich uitsluitend op grote systeembanken richt. Kleinere spaarbanken (waaronder de spaarbanken die zwaar in subprime-hypotheken belegd hebben) moet de ECB maar aan de nationale autoriteiten overlaten. Het Verenigd Koninkrijk en Zweden hebben ook bezwaren: kunnen zij wel onderworpen worden aan een centrale bank waarmee zij niet meer dan zijdelings verbonden zijn?