2

Economisch beleid heeft een goed verhaal nodig

WASHINGTON, DC – Het beste advies dat ik ontving toen ik ruim tien jaar geleden beleidsverantwoordelijkheid kreeg in Turkije, was dat ik “veel tijd en zorg moest besteden aan het ontwikkelen en communiceren van het 'verhaal' ter ondersteuning van het beleidsprogramma dat je wilt laten slagen.” Hoe meer dat economische beleid onderwerp is van een publiek debat – dat wil zeggen, hoe democratischer een land is – des te belangrijker zulke beleidsverhalen zullen worden.

De crisis waar de Europese Unie en de eurozone voor staan zijn een sprekend voorbeeld van de noodzaak van een verhaal dat het overheidsbeleid uitlegt en er politieke steun voor werft. Een succesvol verhaal mag niet te ingewikkeld, maar ook niet te simplistisch zijn. Het moet tot de verbeelding spreken, zich verhouden tot de angsten van het publiek en realistische hoop wekken. Kiezers zijn vaak allergisch voor goedkoop populisme.

President Mario Draghi van de Europese Centrale Bank heeft vorig jaar juli zo'n verhaal aan de financiële markten voorgehouden. Hij zei dat de ECB al het noodzakelijke zou doen om de desintegratie van de euro te voorkomen, en voegde daar eenvoudigweg aan toe: “Geloof me, het zal genoeg zijn.”

Met dat zinnetje nam Draghi het risico weg van een mogelijk vertrek uit de euro, dat het grootst was in het geval van Griekenland, maar de loonkosten in Spanje, Italië en Portugal eveneens opdreef. Het was geen populistische boodschap, want de ECB heeft inderdaad de vuurkracht om genoeg staatsobligaties op de secundaire markt op te kopen om een renteplafond in te stellen, althans voor langere tijd.