13

Voedselverspilling in een hongerige wereld

OTTAWA – Ieder jaar gaat een kwart van al het voedsel in de wereld verloren, door inefficiënte oogsten, ontoereikende opslag en verspilling in de keuken. Als je die verspilling halveert kan de wereld nóg een miljard mensen voeden – en wordt honger een probleem uit een andere tijd.

De omvang van het voedselverlies is bijzonder storend met het oog op een nieuw mondiaal onderzoek naar voedselzekerheid van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties. Volgens de FAO zijn 57 ontwikkelingslanden er niet in geslaagd de Millenium Ontwikkelingsdoelstelling te verwezenlijken om de hoeveelheid hongerlijdende mensen vóór dit jaar te halveren. Eén op de negen mensen op de planeet – 795 miljoen mensen in totaal – gaat nog steeds met een hongerige maag naar bed.

 1972 Hoover Dam

Trump and the End of the West?

As the US president-elect fills his administration, the direction of American policy is coming into focus. Project Syndicate contributors interpret what’s on the horizon.

Er is uiteraard ook opmerkelijke vooruitgang geboekt: de afgelopen 25 jaar heeft de wereld nog eens twee miljard mensen extra gevoed, en de ontwikkelingslanden hebben – ondanks de 57 landen die daar niet in slaagden – als geheel hun percentage hongerlijdende mensen bijna gehalveerd. Maar de uitdaging is het duurzaam maken van deze vooruitgang: tegen 2050 zal de vraag naar voedsel bijna zijn verdubbeld. Éen reden is dat de wereld tegen die tijd twee miljard monden extra zal moeten voeden; een tweede reden zal de toenemende honger van de groeiende nieuwe middenklasse zijn.

Op dit moment besluiten de VN over 169 nieuwe ontwikkelingsdoelstellingen als opvolgers van de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen (honger is één van de vele doelgebieden). Deze doelgebieden zijn van cruciaal belang, omdat ze zullen bepalen hoe ruim $2,5 bln aan ontwikkelingsgeld zal worden besteed aan van alles, van klimaatverandering tot malaria.

Mijn denktank, het Copenhagen Consensus Center, heeft daarom zestig teams van topeconomen gevraagd in te schatten welke voorgestelde doelen het meeste goed zullen doen – en welke niet. Uit ons onderzoek naar voedselzekerheid blijkt dat er slimme manieren zijn om veel meer mensen op de planeet te voeden – maar die hebben weinig te maken met de campagnes tegen verspilling die je in de meeste rijke landen ziet.

In de rijke wereld ligt de nadruk op voedsel dat door de consument wordt verspild. Daar schuilt ook wel enige logica in: ruim de helft van de verliezen van de rijke wereld vindt plaats in de keuken (vooral omdat we ons dat kunnen veroorloven).

In Groot-Brittannië treffen we het grootste verlies aan bij salades, groenten en fruit – luxeproducten vergeleken met de goedkope calorieën in de granen en knollen die in ontwikkelingslanden worden gegeten. Kleine huishoudens in de rijke landen verspillen meer per persoon, omdat het moeilijker is alles te gebruiken, terwijl rijkere huishoudens extra afval produceren als zij het zich kunnen veroorloven wat extra's te kopen “om aan de veilige kant te zitten.”

Daarentegen verspillen de hongerenden in de wereld heel weinig, eenvoudigweg omdat ze zich dat niet kunnen veroorloven. In Afrika bedraagt de dagelijkse voedselverspilling 500 calorieën per persoon – maar consumenten nemen slechts 5 procent van dit verlies voor hun rekening. Ruim driekwart van de verspilling geschiedt allang voordat het voedsel de keuken bereikt, in de inefficiënte landbouw, omdat vogels en ratten gewassen bijvoorbeeld tijdens de oogst opeten, of omdat ziekten het graan in opslagplaatsen laten bederven.

Er zijn veel oplossingen voor dit soort verspilling – van het 'prepareren' van wortels en knollen om de schade te beperken, tot dure vormen van koeling. Waarom worden deze technologieën – die alom worden gebruikt in de rijkere landen – in de ontwikkelingslanden dan niet geadopteerd?

Het antwoord luidt: als gevolg van de gebrekkige infrastructuur. Als er geen echte wegen zijn die de landbouwgronden met de markten verbinden, kunnen de boeren niet zo makkelijk hun overtollige producten slijten, die vervolgens kunnen wegrotten voordat ze worden opgegeten. Door het verbeteren van de weg- en spoorverbindingen kunnen boeren hun klanten beter bereiken – en mest en andere hulpmiddelen de boeren. Een betrouwbare elektriciteitstoevoer maakt het mogelijk dat graankorrels worden gedroogd en groenten koel worden bewaard.

Economen van het International Food Policy Research Institute schatten dat de totale kosten van het nagenoeg halveren van de verliezen na de oogsten in de ontwikkelingslanden de komende vijftien jaar $239 mrd zullen bedragen – en voordelen zullen opleveren die ruim $3 bln waard zijn, ofwel $13 aan sociale voordelen voor iedere uitgegeven dollar.

Dit zou voedsel betaalbaarder maken voor de armen. In 2050 kan een betere infrastructuur betekenen dat 57 miljoen mensen – méér dan de huidige bevolking van Zuid-Afrika – geen risico op honger meer zouden lopen, en dat ongeveer vier miljoen kinderen niet meer aan ondervoeding zouden lijden. Het grootste deel van deze winst zou in het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika en in Zuid-Azië worden geboekt, de meest gedepriveerde regio's van de wereld.

Maar er is zelfs een nog betere investering. We kunnen drie maal de economische voordelen verwezenlijken, en nog grotere reducties van het aantal mensen dat dreigt honger te gaan lijden, als we ons concentreren op de verbetering van de voedselproductie en niet slechts op het voorkomen van voedselverlies.

Vandaag de dag wordt slechts $5 mrd per jaar besteed aan onderzoek naar de verbetering van de zeven belangrijkste voedselgewassen ter wereld, en slechts een tiende van dat bedrag is bedoeld om de kleine boeren in Afrika en Azië te helpen. Door de komende vijftien jaar nog eens $88 mrd te investeren in landbouwkundig onderzoek en ontwikkeling zouden de oogsten ieder jaar met 0,4 procent extra kunnen stijgen.

Dat klinkt misschien niet als heel veel, maar de prijsverlagingen en de verbetering van de voedselzekerheid zouden bijna iedereen helpen. Het zou bijna $3 bln aan sociale voordelen waard zijn – ofwel $34 per gespendeerde dollar.

Fake news or real views Learn More

Honger is een complex probleem, dat nog wordt verscherpt door financiële druk, volatiele grondstoffenprijzen, natuurrampen en burgeroorlogen. Maar we zouden een enorme stap voorwaarts kunnen maken in de wereldwijde strijd tegen ondervoeding door eenvoudigweg te investeren in een betere infrastructuur en in landbouwkundig onderzoek en ontwikkeling.

Vertaling: Menno Grootveld