36

Trump en de wedergeboorte van de persvrijheid

NEW YORK – De regering van president van de VS Donald Trump heeft de reguliere pers geshockeerd door nieuwsmedia te intimideren en door schaamteloos ‘alternatieve feiten’ (ook wel bekend als leugens) te presenteren. Maar Trump’s uitdaging van de media status quo is wellicht niet alleen maar een slechte zaak. Journalisten hebben nu een kans om de slechte gewoonten geassocieerd met het aanschurken tegen de macht bij de wortel uit te roeien.

De chef-strateeg van Trump, Stephen Bannon, veroorzaakte rumoer toen hij onlangs tegen de New York Times zei dat de nieuwsmedia ‘de oppositiepartij’ representeren. Bannon wilde zijn gesprekspartners misschien desoriënteren, maar hij herinnerde ze onbedoeld ook aan de confronterende rol die ze behoren te spelen. In een gezonde democratie helpt de pers burgers de regering aansprakelijk te houden, door officieel beleid en gedrag actief te bevragen.

Helaas is het decennia geleden dat Amerika over dat soort nieuwsmedia beschikte. In plaats daarvan heeft de pers meerdere presidentiele regeringen toegestaan om ze hapklare brokken informatie te voederen. Nieuwsorganisaties in de Verenigde Staten hebben toegang tot de corridors of power prioriteit gegeven boven al het andere, zelfs wanneer de voorwaarde voor deze toegang het vermijden van ongemakkelijke vragen of het accepteren van ontwijkende antwoorden was.

Wanneer ‘toegangsjournalistiek’ er toe leidt dat hoge redactionele besluitvormers zich met politieke elites identificeren, wordt het uitleggen van de gedachten van de regering aan het publiek hun primaire doel. Combineer dat met bezuinigingen op nieuwsbudgetten, en de politieke verslaggeving wordt een schijnbaar eindeloze cyclus van sound bites van politici en hun surrogaten – ongeveer zoals een sportzender een voetbalseizoen verslaat.