A container ship leaves Hamburg port Morris MacMatzen/Getty Images

Europa mag niet terugslaan tegen Amerikaans protectionisme

MÜNCHEN – De Amerikaanse president Donald Trump lost zijn belofte in om Amerika via handelsprotectionisme “op de eerste plaats te zetten.” Hoe moet Europa reageren?

Trump heeft Europa tijdelijk vrijgesteld van zijn zojuist ingestelde importtarieven voor staal en aluminium. Maar zijn Zwaard van Damocles – hoge importtarieven – hangt nog steeds boven Europa. Om de Amerikaanse autoproducenten te helpen heeft hij al beloofd importtarieven voor Europese auto's in te zullen stellen, waarbij hij in het bijzonder BMW en Mercedes op het oog heeft, ook al zal dit Amerikaanse consumenten eveneens pijn doen. Zoals altijd hebben consumenten politiek minder macht dan producenten, omdat hun verliezen per capita kleiner zijn dan de winsten per capita van de producenten, en ze met meer hindernissen voor collectieve actie te maken hebben.

De Europese Commissie overweegt importtarieven in te stellen voor een reeks producten uit de Verenigde Staten – uiteenlopend van Harley Davidson-motorfietsen tot voedselproducten als sinaasappelsap en pindakaas – in de hoop dat de betreffende Amerikaanse producenten druk zullen gaan uitoefenen op de regering-Trump. Dit heeft voor het moment gewerkt, maar is uiteindelijk de verkeerde strategie.

Feit is dat vergeldingsmaatregelen buitengewoon gevaarlijk zijn, omdat ze dreigen een bredere handelsoorlog uit te lokken. En handelsoorlogen zijn – in tegenstelling tot Trumps slecht-geïnformeerde beweringen – niet goed voor iedereen, omdat ze de arbeidsdeling ondermijnen. Ook zijn ze niet “makkelijk te winnen.” Integendeel: evenals conventionele oorlogen kunnen handelsoorlogen onmogelijk gewonnen worden.

Naast dit algemene risico van een handelsoorlog zijn er ook nog andere redenen dat de Europese Commissie erachter zou kunnen komen dat vergeldingstarieven het tegengestelde effect hebben van wat ze beogen. Om te beginnen kunnen ze tot de verdenking leiden dat de Commissie op z'n minst gedeeltelijk wordt gemotiveerd door het verlangen om meer douane-inkomsten voor zichzelf te oogsten, als indekking tegen een door de Brexit veroorzaakte financiële crisis. Hoewel met dergelijke inkomsten rekening zou worden gehouden bij de komende begrotingsonderhandelingen met de EU-landen, zijn vragen over de motieven van de Commissie het laatste waar zij behoefte aan heeft.

Hoe dan ook moet je niet met stenen gaan gooien als je in een glazen huis woont. En het huis van de EU is kwetsbaar: de EU belast auto-importen uit de VS nu al met 10%, tegen een tarief van 2,5% van de VS voor auto-importen uit de EU. Hoewel deze asymmetrie is ontstaan doordat de VS een ruimere bescherming van intellectuele eigendomsrechten genieten op grond van de zogenoemde TRIPS Agreement, blijft het een feit dat importtarieven de consumentenbelangen ondermijnen en derhalve onverdedigbaar zijn.

What do you think?

Help us improve On Point by taking this short survey.

Take survey

Om systemische redenen legt de EU eveneens een BTW op voor importproducten, evenals extreem hoge importtarieven voor agrarische producten. Van het begin af aan is de Europese Economische Gemeenschap gekenmerkt door een slecht compromis tussen Duitsland en Frankrijk: Franse boeren kunnen buitensporige prijzen eisen, en Duitsland kan zijn industrieproducten aan Frankrijk verkopen.

Het systeem van agrarisch protectionisme dat een gevolg was van dit compromis duurt voort tot vandaag de dag en wordt gesymboliseerd door importtarieven van 69% op rundvlees en 26% op varkensvlees. Vanwege deze hoge importtarieven liggen de Europese landbouwprijzen gemiddeld zo'n 20% boven het wereldniveau. Hiervan zijn consumenten in de hele EU de dupe, vooral armere mensen die een groot deel van hun inkomen aan voedsel moeten besteden.

Het agrarisch protectionisme van Europa schaadt ook de ontwikkelingslanden, die niet in staat zijn hun landbouwproducten – in veel gevallen de enige producten die zij kunnen exporteren – op de Europese markten te verkopen. Volgens een ouder onderzoek van de Canadese econoom John Whalley zijn de nadelen van het agrarisch protectionisme voor ontwikkelingslanden groter dan de voordelen van de ontwikkelingshulp.

Amerikaanse boeren behoren ook tot de verliezers, omdat hen de toegang wordt ontzegd tot de grote Europese markt. Dus in dit opzicht heeft Trump een punt als hij het Europese protectionisme bekritiseert. Europa blokkeert de toegang voor een categorie goederen – die van cruciaal belang is voor het overleven van mensen – waarvan het veel goedkoper zou zijn om die te importeren dan in eigen land te produceren.

De EU moet garanderen dat zij werkelijk een bastion van de vrijhandel is, ook al doet Amerika zijn best als bastion van het protectionisme te fungeren. Dat betekent dat de EU de belangen van haar burgers niet mag opofferen aan die van de Franse landbouwlobby of aan de financieringsbehoefte van de Commissie. En zij zou zich beslist niet met transatlantisch wappengekletter moeten bezighouden.

In plaats daarvan zou de Europese Commissie een de-escalatiestrategie moeten voeren. Zij zou moeten aanbieden de tarieven op Amerikaanse importen omlaag te brengen en de onderhandelingen over het Transatlantic Trade and Investment Partnership TTIP) te hervatten. Dit zou Trump in staat stellen thuis victorie te kraaien, terwijl de Europese levensstandaard omhoog zou gaan door de Europese consumenten te bevrijden van het juk van het agrarisch protectionisme van de EU.

Vertaling: Menno Grootveld

http://prosyn.org/tjVgGs5/nl;

Handpicked to read next

Cookies and Privacy

We use cookies to improve your experience on our website. To find out more, read our updated cookie policy and privacy policy.