JIM WATSON/AFP/Getty Images

Het Witte Huis der leugens

CAMBRIDGE – President van de VS Donald Trump had op 1 juni dit jaar 3259 valse of misleidende beweringen gedaan aldus de Fact Checker’s database van The Washington Post, die elke verdachte verklaring van de president bijhoudt en categoriseert. Dat is een gemiddelde van meer dan 6,5 valse uitspraken per dag, van een dagelijks gemiddelde van 4,9 onware claims in zijn eerste 100 dagen tot 8 per dag in mei. Trump gaat duidelijk voor een record.

Trump’s supporters rechtvaardigen zijn leugenachtigheid op de grond dat ‘alle politici liegen’. Dat doen ze zeker, en een stukje introspectie zal ons doen toegeven dat alle mensen liegen. Maar de hoeveelheid en het type leugens maken het verschil. Teveel leugens ontwaarden de valuta die vertrouwen heet.

Niet alle leugens worden gelijk geboren. Sommige komen voort uit eigenbelang. Een president kan liegen om zijn sporen uit te wissen, om niet in verlegenheid gebracht te worden, om een rivaal te beschadigen, of gewoon voor het gemak.

Andere presidentiele leugens dienen een hoger doel. In sommige omstandigheden hebben historici het feit dat een president besloot om het publiek te bedriegen voor wat hij zag als een groter of later goed zelfs geprezen. John F. Kennedy misleidde het publiek over de rol van Amerikaanse raketten in Turkije in de deal die de Cubacrisis in 1962 beëindigde; maar dit was absoluut beter voor hun eigenbelang dan het risico van een atoomoorlog.

Een dubbelzinniger voorbeeld deed zich voor in 1941, voordat de Verenigde Staten in de Tweede Wereldoorlog kwamen. In een poging om een isolationistisch publiek te overtuigen dat Nazi-Duitsland een bedreiging was zei president Franklin D. Roosevelt dat een Duitse U-boot een Amerikaans oorlogsschip had aangevallen, terwijl het in werkelijkheid de Amerikanen waren die actie hadden ondernomen. In oorlogstijd, wanneer loslippigheid schepen kan laten zinken en geheimen van levensbelang zijn, zo betoogde Winston Churchill, kan de waarheid ‘zo kostbaar zijn dat deze altijd omgeven moet worden door een lijfwacht van leugens.’

Machiavellistische misleiding is vaak onderdeel van de onderhandelingsstrategie om tot een deal te komen, en Trump beweert dat hij een meester in deze kunst is. Wellicht verklaart dit zijn leugens over Noord-Koreaanse wapens, Europese heffingen, en de inmenging van de Russische president Poetin in de Amerikaanse presidentverkiezingen van 2016. Maar zijn oneerlijkheid wat betreft de omvang van het publiek bij zijn inauguratie, het betalen van zwijggeld aan vrouwen, of zijn redenen voor het ontslaan van voormalig FBI-directeur James Comey hebben niets van doen met staatsmanschap. Het is het puur uit eigenbelang manipuleren van anderen en het grote publiek.

Subscribe now

Long reads, book reviews, exclusive interviews, full access to the Big Picture, unlimited archive access, and our annual Year Ahead magazine.

Learn More

Zelfs wanneer de motieven van een president niet uit eigenbelang voortkomen zou hij voorzichtig met de keuze om te liegen om moeten gaan. Voordat hij zich tot liegen als instrument van staatsmanschap wendt zou hij goed het belang van het doel moeten overwegen, de beschikbaarheid van andere middelen om dit doel te bereiken, en of dit bedrog in binnen de perken gehouden kan worden of waarschijnlijk een patroon zal creëren.

Hoe meer een leider het publiek bedriegt, hoe meer hij het vertrouwen doet afkalven, instituties worden verzwakt, en schadelijke precedenten worden geschapen. De leugens van Roosevelt uit 1941 waren bedoeld om het Amerikaanse volk te doen ontwaken, maar hij schiep ook een precedent dat Lyndon B. Johnson in 1964 kon gebruiken om steun van het Congres te winnen voor de Tonkin-resolutie, die leidde tot een dramatische escalatie van de Vietnamoorlog. Het gevaar is dat leiders zichzelf wijsmaken dat ze ten bate van het publieke goed liegen terwijl ze dit in werkelijkheid doen voor politiek of persoonlijk gewin.

Johnson wilde niet als laf gezien worden of neergezet worden als de man die Vietnam verloor. Hij loog voortdurend tegen het Amerikaanse volk over de voortgang die in de oorlog geboekt werd. Maar hij wilde ook de oorlog beperkt houden.

Een van de morele voordelen van een beperkte oorlog is het voorkomen van schade door escalatie. Maar dit soort oorlogen omvatten altijd een element van bluf. Om de geloofwaardigheid te behouden in de onderhandelingen met de vijand moet een president een niet aflatend publiek optimisme tentoonspreiden, dat dient om het publiek te misleiden. In het geval van Johnson werd dit imperatief door persoonlijke motieven versterkt. Tegen 1968 zeiden mensen dat de enige manier om te zien of hij loog was om te kijken of zijn lippen bewogen. Hij besloot zich niet opnieuw kandidaat te stellen.

De opvolger van Johnson, Richard Nixon heeft ook gelogen over de oorlog in Vietnam, inclusief zijn expansie ervan naar Cambodja. Dit werd gevolgd door zijn leugens over zijn rol in het afdekken van de inbraak in het hoofdkwartier van de Democraten, die was uitgevoerd op het gezag van zijn regering. Toen dit uiteindelijk werd onthuld door de Watergate bandopnamen, trok Nixon zich in 1974 terug uit het presidentschap om impeachment te voorkomen.

De schade die Johnson en Nixon toebrachten betrof niet alleen hun presidentschappen maar ook het publiek vertrouwen. Aan het begin van de jaren zestig lieten peilingen zien dat driekwart van de Amerikanen groot vertrouwen in de overheid had. Tegen het eind van het daaropvolgende decennium voelde nog slechts een kwart dit. Alhoewel de oorzaken van deze terugloop complex waren speelden presidentiele leugens hier zeker een rol in.

Sommige waarnemers, die op zijn geschiedenis in de private sector wijzen, betogen dat Trump slechts liegt uit gewoonte. Anderen geloven dat de frequentie, herhaling, en schaamteloze natuur van zijn leugens geen gewoonte weerspiegelen maar een bewuste politieke strategie om instituties die worden geassocieerd met de waarheid te beschadigen. Hoe het ook zij, Trump heeft de geloofwaardigheid van instituten zoals de pers, veiligheidsdiensten, en het Amerikaanse ministerie van Justitie geërodeerd, wat alles relatief maakt en zijn extreem loyale achterban in de kaart speelt.

Kan een post-Trump Amerika zich nog herstellen? Laat ons in gedachten houden dat Johnson en Nixon werden opgevolgd door Gerald Ford en Jimmy Carter, die opmerkelijk eerlijker waren, en dat het publieke vertrouwen in de overheid in de jaren tachtig onder Ronald Reagan iets groeide. Maar zoals het immense aantal leugens aantoont heeft de VS nooit eerder een president zoals Donald Trump meegemaakt.

Vertaling Melle Trap

http://prosyn.org/uEMG5st/nl;

Cookies and Privacy

We use cookies to improve your experience on our website. To find out more, read our updated cookie policy and privacy policy.