21

Het Syrische doolhof

BERLIJN – In Syrië woedt nu al vier jaar een bloedige oorlog. Wat begon als een democratische opstand tegen de dictatuur van Bashar al-Assad heeft zich ontwikkeld tot een onontwarbare kluwen aan conflicten, die gedeeltelijk een keiharde schaduwstrijd tussen Iran, Turkije en Saudi-Arabië om dominantie in de regio weerspiegelt. Deze strijd heeft, zoals de gevechten in Jemen hebben laten zien, de potentie om de gehele regio te destabiliseren. En nu wil Rusland door middel van zijn militaire interventie ten behoeve van Assad zijn status als wereldmacht oppoetsen tegenover het Westen (en in het bijzonder de Verenigde Staten).

Het conflict in Syrië vindt dus plaats op minstens drie niveaus: lokaal, regionaal, en mondiaal. En omdat men de gevechten heeft laten voortwoekeren en verspreiden zijn er volgens schattingen van de Verenigde Naties inmiddels zo’n 250.000 mensen gestorven. Deze zomer noemde het commissariaat voor vluchtelingen van de VN een getal van vier miljoen uit Syrië gevluchte mensen, naast 7,6 miljoen binnenlandse vluchtelingen. In de tussentijd heeft de stroom Syrische vluchtelingen naar Europa zich ontwikkeld tot een van de grootste uitdagingen waar de Europese Unie ooit mee te maken heeft gehad.

De Syrische burgeroorlog is ook een van de gevaarlijkste broedplekken voor islamistisch terrorisme geworden, zoals de aanvallen van Islamitische Staat (ISIS) in Ankara, Beiroet, en Parijs, en de bomaanslag op een Russisch verkeersvliegtuig boven de Sinaï hebben aangetoond. Bovendien heeft het neerhalen door Turkije van een Russisch gevechtsvliegtuig het risico verhoogd dat grootmachten direct bij de gevechten betrokken worden. Turkije heeft als NAVO-lid wanneer het wordt aangevallen tenslotte recht op militaire bijstand van de alliantie.

Om al deze redenen moet de oorlog in Syrië zo snel mogelijk beëindigd worden. Niet alleen de humanitaire ramp groeit vrijwel met de dag, ook de veiligheidsrisico’s die uit de oorlog voortkomen doen dit.