7

Gebruik data voor ontwikkeling

NEW YORK – De datarevolutie verandert in hoog tempo elk facet van de maatschappij. Verkiezingen worden in banen geleid met gebruik van biometrie, bossen worden gemonitord door middel van satellietbeelden, bankieren is overgegaan van plaatselijke agentschappen naar smartphones, en röntgenfoto’s van patiënten worden aan de andere kant van de globe onderzocht. Met enige investeringen en planning (die worden uitgewerkt in een nieuw rapport, voorbereid door het Sustainable Development Solutions Network (SDNS) van de VN, over Data for Development) kan de datarevolutie ook een duurzame ontwikkelingsrevolutie aandrijven en de vooruitgang in het beëindigen van de armoede versnellen, de sociale inclusie bevorderen, en ons milieu beschermen.

Regeringen van over de hele wereld zullen op een speciale VN-top op 25 september de nieuwe Sustainable Development Goals (SDGs) aannemen. Deze gelegenheid zal waarschijnlijk de grootste bijeenkomst van wereldleiders in de geschiedenis worden, waar ongeveer 170 staatshoofden en regeringsleiders gezamenlijke doelen zullen stellen die als fungeren als leidraad voor de mondiale ontwikkelingsinspanningen tot 2030. Natuurlijk is het makkelijker om doelen te stellen dan ze te volbrengen. Dus hebben we, om de SDGs tegen 2030 gerealiseerd te hebben, nieuwe gereedschappen nodig, waaronder nieuwe datasystemen. In de ontwikkeling van deze nieuwe datasystemen zouden regeringen, het zakenleven en groepen uit het maatschappelijk middenveld zich sterk moeten maken voor vier afzonderlijke gebruiksdoeleinden.

 1972 Hoover Dam

Trump and the End of the West?

As the US president-elect fills his administration, the direction of American policy is coming into focus. Project Syndicate contributors interpret what’s on the horizon.

Het eerste en belangrijkste doeleinde is data voor het aanbieden van diensten. De datarevolutie biedt overheden en bedrijven nieuwe en enorm verbeterde manieren om services aan te bieden, corruptie te bestrijden, bureaucratische rompslomp te verminderen, en toegang tot voorheen geïsoleerde plekken te garanderen. Informatietechnologie is het aanbod van gezondheidszorg, onderwijs, bestuur, infrastructuur (zoals bijvoorbeeld prepaid-elektriciteit), bankieren, noodhulp, en nog veel meer, al radicaal aan het veranderen.

Het tweede doeleinde is data voor openbaar bestuur. Ambtenaren kunnen nu realtime dashboards onderhouden die ze informeren over de huidige staat van overheidsfaciliteiten, transportnetwerken, reddingsacties, monitoring van de volksgezondheid, geweldsdelicten et cetera. De feedback van burgers kan het functioneren hiervan verder verbeteren, zoals bij het crowdsourcen van verkeersinformatie van verkeersdeelnemers. Geographic information systems (GIS) maken het realtime monitoren van lokale overheden en districten in verre buitengebieden mogelijk.

Het derde is data voor het afleggen van rekenschap door overheden en bedrijven. Het is een waarheid als een koe dat overheidsbureaucratieën de kantjes er vanaf lopen, lacunes in het aanbod van diensten verbergen, hun prestaties overdrijven, of, in het slechtste geval, stelen waar ze maar kunnen. Veel bedrijven zijn geen haar beter. De datarevolutie kan helpen garanderen dat verifieerbare data toegankelijk zijn voor het publiek en de bedoelde ontvangers van openbare en private diensten. Als diensten niet op schema arriveren (door, laten we zeggen, een constructiefout of corruptie in de aanvoerlijn), zal het datasysteem het publiek in staat stellen om de vinger op de zere plek te leggen en overheden en bedrijven ter verantwoording te roepen.

Ten slotte moet de datarevolutie er voor zorgen dat het publiek er kennis van kan nemen of een mondiaal doel werkelijk bereikt is. De Millenniumdoelen, die werden gesteld in het jaar 2000, hielden kwantitatieve doelen voor het jaar 2015 aan. Maar alhoewel we nu al in het laatste jaar van deze doelen zitten, beschikken we nog steeds niet over precieze kennis of bepaalde Millenniumdoelen behaald zijn, dit door gebrek aan tijdige data van hoge kwaliteit. Sommige van de belangrijkste Millenniumdoelen worden verslagen met een vertraging van meerdere jaren. De Wereldbank bijvoorbeeld heeft sinds 2010 geen gedetailleerde gegevens over armoede gepubliceerd.

De datarevolutie kan de grote vertragingen beëindigen en de kwaliteit van de gegevens drastisch verbeteren. In plaats van bijvoorbeeld om het sterftecijfer te berekenen te vertrouwen op gezinsenquêtes om de paar jaar, kunnen systemen voor civiele registratie en cruciale statistieken de sterftecijfers in realtime verzamelen, met het extra voordeel van informatie over de doodsoorzaak.

Overeenkomstig kunnen, door het gebruik van smartphones die papieren enquêtes vervangen, tegen relatief lage kosten gegevens over armoede worden verzameld en met een veel hogere frequentie dan momenteel. Sommige analisten opperen dat het gebruik van mobiele telefoons de kosten van enquêtes in sommige Oost-Afrikaanse landen over een periode van tien jaar tot 60% zou kunnen doen dalen. Commerciële bedrijven, zoals Gallup International zouden samen kunnen werken met de meer traditionele statistiekbureaus uit de publieke sector om de datacollectie te accelereren.

De datarevolutie biedt ons een kans op een doorbraak in het serviceaanbod, management, accountability, en validering, dankzij een nauw verweven ecosysteem van technologieën die op verschillende manieren informatie verzamelen: remote sensing en satellietbeelden, biometrische data, GIS tracking, gegevens uit faciliteiten, gezinsenquêtes, sociale media, crowdsourcing en andere kanalen.

Om de SDGs te ondersteunen zouden dit soort data voor alle landen hoogfrequent publiekelijk beschikbaar gemaakt moeten worden; ten minste een keer per jaar voor cruciale doelen, en in realtime in sectoren waar het dienstenaanbod van levensbelang is (gezondheid, onderwijs en dergelijke). Private ondernemingen, waaronder telecombedrijven, sociale marketing bedrijven, systeemontwerpers en andere aanbieders van informatie, zouden allemaal geïntegreerd moeten worden in dit data-‘ecosysteem.’

Bij de voorbereiding van het nieuwe rapport heeft de SDSN samengewerkt met verschillende partners om een ‘behoeften-evaluatie’ te doen hoe de datarevolutie voor de SDGs te kunnen lanceren. Het rapport biedt een actieplan dat bouwt op partnerschappen tussen nationale statistieksystemen en private informatieondernemingen en andere niet gouvernementele dataproviders. Zoals het rapport benadrukt zullen landen met lagere- en middeninkomens financiële hulp nodig hebben om deze nieuwe datasystemen op te zetten.

Alhoewel de kostenramingen noodzakelijk voorlopig zijn, vooral in dit tijdperk van ontwrichtende technologische veranderingen, stelt de nieuwe studie dat adequate datasystemen voor de SDGs op zijn minst 1 miljard dollar zullen vereisen om alle 77 lagelonenlanden te dekken. Van dat bedrag zou ongeveer de helft gefinancierd moeten worden via officiële ontwikkelingshulp, wat ten minste 200 miljoen dollar per jaar bovenop de huidige donorgeldstromen inhoudt.

Het is nu de tijd voor een verhoogd engagement aan dit soort financiering. In juli zal de wereld zich in Addis Abeba verzamelen voor de International Finance for Development Conference, en slechts een paar weken daarna op het hoofdkwartier van de VN om eind september de SDGs aan te nemen. Als we nu, voor deze topontmoetingen, snel handelen, zal de wereld er op tijd klaar voor zijn om de SDGs, met de voor succes benodigde datasystemen, te lanceren.

Fake news or real views Learn More

Vertaling Melle Trap

Jeffrey D. Sachs is hoogleraar Duurzame Ontwikkeling, Hoogleraar Zorgbeleid en Management en directeur van het Earth Institute aan Columbia University. Hij is ook speciaal adviseur Millenniumdoelen voor de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.