4

De Afrikaanse subprime-debiteuren

NEW YORK – De afgelopen jaren heeft een groeiend aantal Afrikaanse staten Eurobonds uitgegeven, een alternatief voor traditionele financieringsbronnen als 'zachte' leningen en directe buitenlandse investeringen. Ghana, dat in oktober 2007 de leiding nam met een Eurobond-lening van 750 miljoen dollar, met een couponrente van 8,5%, is het eerste Afrikaanse land ten zuiden van de Sahara – op Zuid-Afrika na – dat in dertig jaar obligaties heeft uitgegeven.

Deze eerste aanbieding uit deze contreien, waarvoor zich vier maal zo veel beleggers inschreven als mogelijk was, heeft tot een golf van obligatie-uitgiftes in de regio geleid. Negen andere landen – Gabon, de Democratische Republiek Congo, Ivoorkust, Senegal, Angola, Nigeria, Namibië, Zambia en Tanzania – hebben het voorbeeld gevolgd. In februari 2013 hadden deze tien Afrikaanse economieën gezamenlijk $8,1 mrd binnengehaald via de uitgifte van staatsobligaties, met een gemiddelde looptijd van 11,2 jaar en een gemiddelde couponrente van 6,2%. De bestaande buitenlandse leningen van deze landen kenden daarentegen een gemiddelde rente van 1,6%, bij een gemiddelde looptijd van 28,7 jaar.

Erdogan

Whither Turkey?

Sinan Ülgen engages the views of Carl Bildt, Dani Rodrik, Marietje Schaake, and others on the future of one of the world’s most strategically important countries in the aftermath of July’s failed coup.

Het is geen geheim dat er aan staatsobligaties hogere rentekosten zijn verbonden dan aan 'zachte' leningen. Waarom nemen steeds meer ontwikkelingslanden dan toch hun toevlucht tot de uitgifte van deze obligaties? En waarom zijn crediteuren deze landen opeens aantrekkelijk gaan vinden?

Nu de kwantitatieve versoepeling (de aankoop van eigen staatsobligaties door de centrale banken van de rijke landen) de rente naar een diepterecord heeft gedreven, is één verklaring dat dit gewoon weer een nieuwe, nog obscuurdere manifestatie is van het streven van beleggers naar méér rendement. Daarnaast is uit recente analyses, uitgevoerd in samenhang met de oprichting van de nieuwe BRICS-bank, gebleken hoe betreurenswaardig inadequaat officiële ontwikkelingshulp en 'zachte' leningen zijn ter leniging van de infrastructuurbehoeften van Afrika, laat staan voor het bereiken van de duurzame groei die nodig is om de armoede aanzienlijk terug te dringen.

Bovendien maken de voorwaardelijkheid en het nauwe toezicht die doorgaans worden geassocieerd met multilaterale instellingen ze tot minder aantrekkelijke financieringsbronnen. Welke politicus zou niet de voorkeur geven aan geld dat hem meer vrijheid geeft om te doen wat hij wil? Het zal jaren duren voordat eventuele problemen zich manifesteren – en dan zal een of andere toekomstige politicus ze moeten oplossen.

Voorzover deze nieuwe leningen zijn gebaseerd op de sterkere economische positie van Afrika, is de recente golf aan staatsobligatie-uitgiftes een welkom signaal. Maar op dit punt moet je – net als elders – de kredietbeoordelingen van de particuliere sector met een korreltje zout nemen. Zijn de kortzichtige financiële markten, in eendrachtige samenwerking met kortzichtige regeringen, dus de fundamenten aan het leggen voor de volgende mondiale schuldencrisis?

De risico's zullen ongetwijfeld toenemen als sub-nationale autoriteiten en particuliere ondernemingen eveneens toegang verkrijgen tot de internationale kapitaalmarkten, wat kan leiden tot buitensporige leningen. Nigeriaanse banken hebben al internationale obligaties uitgegeven; in Zambia zijn het elektriciteitsbedrijf, de spoorwegen en de wegenbouwer van plan voor een bedrag aan $4,5 mrd aan internationale obligaties in de markt te zetten.

De aanwijzingen voor irrationele overdrijving of de verwachting van de markt dat er een reddingsoperatie op til is, nemen nu al toe. Hoe kun je anders verklaren dat Zambia in staat was een rente uit het vuur te slepen die lager was dan de rente op een Spaanse obligatie-uitgifte, ook al is de Spaanse kredietstatus vier maal zo hoog? Behalve Namibië hebben al deze landen uit het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika een “speculatieve” kredietstatus, wat inhoudt dat hun obligaties in de categorie van de “junk bonds” thuishoren en een aanzienlijk faillissementsrisico vertegenwoordigen.

De tekenen die op dit laatste wijzen dienen zich al aan. In maart 2009 – minder dan twee jaar na de uitgifte – werden Congolese staatsobligaties verhandeld voor 20 cent per dollar, waardoor de rente naar recordhoogte steeg. In januari 2011 werd Ivoorkust het eerste land sinds Jamaica in januari 2010 dat zijn betalingsverplichtingen niet meer kon nakomen.

In juni 2012 schortte Gabon de betaling van de couponrente op zijn obligatielening van $1 mrd op, in afwachting van de uitkomst van een juridisch geschil, zodat een staatsbankroet in de lucht hing. Als de olie- en koperprijzen zouden instorten, kunnen Angola, Gabon, Congo en Zambia aanlopen tegen problemen bij het aflossen van hun staatsobligaties.

Om ervoor te zorgen dat hun staatsobligaties niet tot een financiële ramp leiden, moeten deze landen een gezonde, vooruitziende en samenhangende schuldsaneringsstructuur opzetten. Zij moeten niet alleen de opbrengsten in de juiste soorten projecten met een hoog rendement investeren, maar er ook voor zorgen dat ze niet verder hoeven te lenen om hun schulden af te kunnen betalen.

Deze landen kunnen misschien leren van de bittere ervaringen van Detroit, dat in 2005 voor een bedrag van $1,4 mrd aan gemeentelijke obligaties uitgaf om een dreigende financiële crisis af te wenden. Sindsdien is de stad blijven lenen, grotendeels om de uitstaande leningen te kunnen aflossen. Al doende hebben vier banken van Wall Street, die Detroit in staat hebben gesteld sinds 2005 voor een totaal van $3,7 mrd aan obligaties uit te geven, $474 mln aan garantievergoedingen, verzekeringspremies en swaps in de wacht gesleept.

Als ze de risico's begrijpen van buitensporige leningen van de particuliere sector, de ontoereikendheid van de kredietwaardigheidsbeoordelingen door particuliere crediteuren, en de belangenconflicten die endemisch zijn bij banken, moeten de ten zuiden van de Sahara gelegen landen van Afrika beperkingen opleggen aan dergelijke leningen, vooral als er sprake is van aanzienlijke fluctuaties van wisselkoersen en looptijden.

Landen die overwegen staatsobligaties uit te geven, doen er goed aan de lessen van de schuldencrises van de afgelopen dertig jaar te internaliseren. De situatie zou in de toekomst wel eens nóg slechter kunnen worden, omdat zogenoemde 'vulture funds' hebben geleerd hoe ze kunnen profiteren van landen die in de problemen raken. Recente gerechtelijke uitspraken in de VS waren gunstig voor de 'vultures' en kunnen schuldsaneringen nog lastiger maken, terwijl het enthousiasme voor reddingsoperaties duidelijk afneemt. De internationale gemeenschap zou wel eens terecht kunnen oordelen dat zowel debiteuren als crediteuren gewaarschuwd waren.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Er zijn geen makkelijke, risicoloze routes naar ontwikkeling en voorspoed. Maar het lenen van geld van de internationale kapitaalmarkten is een strategie die enorme risico's met zich meebrengt, en slechts beperkte kansen biedt – behalve voor de banken, die hun vergoedingen van te voren uitgekeerd krijgen. We moeten hopen dat de economieën van het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika zich de kostbare lessen die andere ontwikkelingslanden de afgelopen dertig jaar hebben geleerd ter harte zullen nemen.

Vertaling: Menno Grootveld