3

Innovatie en ongelijkheid

PARIJS – Als de voordelen van economische groei zeer ongelijk verdeeld worden verzwakken de sociale banden. Degenen die er op achteruitgaan, vooral jongeren, kunnen ontevreden worden en daarna kwaad. Dit was een sleutelfactor in de opstanden van de Arabische lente. En protesten in Chili, Brazilië, Israël, Turkije en India laten zien dat sociale spanningen gevoed door ongelijkheid over de hele wereld steeds meer voorkomen.

Zeker, de inkomensongelijkheid wordt wereldwijd al tientallen jaren groter. Zelfs terwijl ontwikkelende en opkomende economieën miljoenen mensen uit extreme armoede hebben getild, sluimerde hierbij het gevoel dat groei grotere ongelijkheid betekent altijd onder de oppervlakte. Maar nu geeft steeds een vasthoudender werkloosheid een nieuwe impuls aan de stijging in ongelijkheid, zoals de OECD aan de G-20 rapporteerde in juli.

In de nasleep van de financiële crisis van 2008 is de jeugdwerkloosheid nu gemiddeld 16% in ontwikkelde landen en overschrijdt deze de 40% in sommige Europese landen.

Als resultaat staat de uitdaging van inclusieve groei bovenaan de agenda van het mondiaal economisch beleid. Ook volgens de ‘Global Agenda Outlook’ van het Wereld Economisch Forum zullen de grotere inkomensverschillen de op een na belangrijkste wereldtrend worden in 2014, alleen achter de spanningen in het Midden-Oosten.