4

Hervorming van de Arabische veiligheidsstaat

WASHINGTON, DC – Door de hele Arabische wereld leert de ervaring dat wanneer het aankomt op hervormingen op gebied van veiligheid een technocratische aanpak niet toereikend is. Simpel gezegd kan een technocratische focus op het verbeteren van vaardigheden en operationele capaciteit in absentie van een beter bestuur van de veiligheidsdiensten makkelijk ondergraven worden door anti-hervormingsgezinde coalities, resulterend in de voortzetting van regressieve gedragspatronen.

Dit geldt in het bijzonder voor gepolariseerde politieke en sociale milieus – waarvan de meest duidelijke gevallen momenteel Egypte, Irak, Libië, en Jemen zijn, om van Bahrein en Syrië nog maar niet te spreken. Maar zelfs in landen waar er enige mate van politiek pluralisme bestaat en er geen burgeroproer of binnenlands gewapend conflict is – zoals in Libanon en Tunesië, en potentieel de Palestijnse autoriteit en Algerije – kunnen stapsgewijze benaderingen slechts gedeeltelijk succes behalen. Het creëren van geheel gemoderniseerde en aansprakelijke veiligheidsdiensten vereist meer dan technocratisch gesleutel.

Ondanks formele juridische kaders weerhouden barrières tegen effectieve controles het monitoren van geldstromen naar en binnen de politie en interne veiligheidsdiensten. Bovendien zijn zulke instituten vaak in staat om officiële anti-corruptie training te absorberen en toch weer tot de orde van de dag over te gaan.

Om een effectieve hervorming van de veiligheidssector in de Arabische wereld te laten plaatsvinden moet de waas van geheimzinnigheid die om de sector heen hangt verwijderd worden. Maar van alle Arabische staten stelde alleen Jemen na 2011 een wet voor vrijheid van informatie op. Omgekeerd blokkeerden verschillende staatsinstituties juist een voorstel door de Egyptische Centrale Audit Organisatie voor wetgeving die het recht van burgers bedingt om toegang te krijgen tot informatie betreft corruptie bij elke overheidsdienst.