13

De nieuwe vijanden van de openbare ruimte

NEW YORK – Vóór de terreuraanslagen in Parijs van november vorig jaar was het legaal een demonstratie te houden op een openbaar plein in die stad. Nu is dat niet meer zo. In Oeganda kregen burgers die campagne voerden tegen de corruptie of vóór de rechten van homoseksuelen vaak te maken met een vijandig publiek, maar liepen zij niet het risico in de gevangenis te belanden omdat ze demonstreerden. Maar op grond van een angstaanjagend vage nieuwe wet is dat nu wel het geval. In Egypte hebben de autoriteiten onlangs invallen gedaan bij prominente culturele instellingen – een kunstgalerie, een theater en een uitgeverij – waar kunstenaars en activisten ooit bijeenkwamen, en die ook gesloten.

Overal in de wereld lijkt het wel of de muren zich sluiten rond de ruimtes die mensen nodig hebben om zich te verzamelen, zich vrijelijk te uiten en een afwijkende mening te laten horen. Zelfs nu het internet en de communicatietechnologie het technisch makkelijker dan ooit hebben gemaakt om zich in het openbaar uit te spreken, zorgt de alomtegenwoordige surveillance van staten en bedrijven ervoor dat de vrijheid van meningsuiting, vereniging en protest beperkt blijft. Kortom, er is nooit meer moed voor nodig geweest om je uit te spreken dan nu.

Aleppo

A World Besieged

From Aleppo and North Korea to the European Commission and the Federal Reserve, the global order’s fracture points continue to deepen. Nina Khrushcheva, Stephen Roach, Nasser Saidi, and others assess the most important risks.

Voor mij persoonlijk is deze ontwikkeling nu ook heel dichtbij komen. In november waren de Open Society Foundations (de mondiale filantropische instellingen van George Soros, waaraan ik leiding geef) de tweede organisatie die in Rusland op de zwarte lijst werd gezet op grond van een nieuwe wet van mei vorig jaar, die de procureur-generaal van het land het recht geeft buitenlandse organisaties in de ban te doen en hun financiële steun aan plaatselijke activisten op te schorten. Omdat mensen die zich met ons inlaten blootstaan aan mogelijke vervolging en gevangenzetting, hadden we geen andere keuze dan het verbreken van de relaties met de tientallen Russische burgers die we ondersteunden bij hun pogingen om nog iets van democratie in hun land overeind te houden.

Uiteraard is er niets verkeerd aan het uitoefenen van toezicht op de openbare ruimte en de organisaties die daar gebruik van maken. Begin jaren negentig slaagden sommige nieuwe regeringen in OostEuropa, Afrika en Latijns-Amerika, die de macht van een actieve burgerij en civiele samenleving hadden onderschat, er niet in op adequate wijze lobby-organisaties en de sfeer waarbinnen zij werken te reguleren. Maar de afgelopen twee decennia, nadat actieve burgers in tientallen landen regimes ten val hadden gebracht, zijn regeringen te ver gegaan in de tegenovergestelde richting, door buitensporig toezicht op deze organisaties en de openbare ruimte op te leggen. Al doende criminaliseren ze de meest fundamentele vormen van democratische praktijk.

In sommige gevallen doen regeringen niet eens moeite om een wettelijk precedent voor hun daden te scheppen. In de lente van vorig jaar heeft president Pierre Nkurunziza in Burundi een derde ambtstermijn aanvaard, ondanks het feit dat het presidentschap in de grondwet tot twee termijnen is beperkt. Toen burgers de straat opgingen om hiertegen te protesteren, werd hen gewelddadig het zwijgen opgelegd.

Zelfs landen met een paar van 's werelds meest robuuste democratische tradities hebben flink ingegrepen. Na de aanslagen in Parijs hebben Frankrijk en België (waar die aanslagen werden beraamd en georganiseerd) de burgerlijke vrijheden voor onbepaalde tijd opgeschort, waardoor deze landen in één klap in politiestaten veranderden, althans in wettelijke zin. In beide landen werden demonstraties verboden, werden gebedshuizen gesloten, en zijn honderden mensen vastgehouden en ondervraagd omdat ze een onconventioneel geluid lieten horen.

Deze benadering eist een zware tol. Duizenden mensen die vorige maand van plan waren tegen de klimaatonderhandelingen van de Verenigde Naties te betogen, zagen zich genoodzaakt alleen hun schoenen op straat te zetten. Het leverde een verbijsterend beeld op, dat illustreerde hoe angst de beloften ongedaan kan maken die nodig zijn om ook in Europa, de geboorteplek van het moderne burgerschap, open samenlevingen en politieke vrijheden te behouden.

Er is geen simpele formule voor het uitoefenen van toezicht op de openbare ruimte of het garanderen van vreedzame politieke protesten in een tijdperk van terrorisme en mondialisering. Maar twee fundamentele principes zijn glashelder.

In de eerste plaats heeft de wereld een krachtiger internationaal toezicht nodig op het verkeer van mensen en geld, en minder restricties op de vrijheid van meningsuiting, vereniging en protest. De laatste tijd hebben regeringen zich in de verkeerde richting bewogen. Maar 2016 biedt tal van mogelijkheden om deze dwaling te corrigeren, op gebieden uiteenlopend van de handel tot de migratie.

In de tweede plaats moeten non-profit-organisaties die het publiek beleid willen verbeteren dezelfde rechten krijgen op internationale financiering als ondernemers die uit winstbejag proberen goederen en diensten te slijten. De directe buitenlandse investeringen moeten worden bevorderd, niet gehinderd, ongeacht de vraag of dit de goederenproductie en de creatie van werkgelegenheid ten goede zal komen, dan wel een sterker publiek beleid en een actiever burgerschap.

De verantwoordelijkheid om van koers te veranderen rust niet exclusief op de schouders van regeringen. Allen onder ons die waarde hechten aan échte openbare ruimte moeten schouder aan schouder staan om de beleidskaders en instituties te steunen die dit garanderen. Nu is het tijd voor solidariteit tussen bewegingen, campagnes en landen.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Als het eenvoudigweg ondersteunen van het activisme van een bezorgde burger je in de gevangenis kan doen belanden en als de angst voor surveillance tot massale passiviteit leidt, is de politiek van de enkelvoudige issues geen winnende strategie. De beste manier om de openbare ruimte te verdedigen is door haar te bezetten, zelfs als je je inzet voor een zaak die anders is dan die van de persoon naast jou. In 2016 moeten we deze ruimte samen vullen – en dus beschermen.

Vertaling: Menno Grootveld