56

De valse belofte van een negatieve rente

LONDEN – Als biograaf en bewonderaar van John Maynard Keynes wordt mij soms gevraagd: “Wat zou Keynes van een negatieve rente vinden?”

Dat is een goede vraag, die een passage in Keynes' General Theory in herinnering roept, waarin hij opmerkt dat als de overheid niets zinvollers (zoals het bouwen van huizen) weet te verzinnen om de werkloosheid op te lossen, het begraven van flessen gevuld met bankbiljetten en het weer opgraven daarvan beter zou zijn dan niets. Hij zou waarschijnlijk hetzelfde hebben gezegd over een negatieve rente: een wanhopige maatregel van overheden die niets beters weten te bedenken.

Een negatieve rente is eenvoudigweg de jongste vruchteloze poging sinds de mondiale financiële crisis van 2008 om de economie met monetaire maatregelen weer tot leven te wekken. Toen het niet lukte de groei weer aan te jagen door de rente op een historisch laag niveau te brengen, gingen de centrale banken over tot zogenoemde kwantitatieve versoepeling: het injecteren van liquiditeit in economieën door staatsobligaties en andere obligaties met een lange looptijd te kopen. Dat hielp wel enigszins, maar voor het grootste deel zaten de verkopers bovenop het geld in plaats van dat ze het uitgaven of investeerden.

Toen kwam het negatieve rentebeleid. De centrale banken van Denemarken, Zweden, Zwitserland, Japan en de eurozone hebben zich er allemaal aan overgegeven, en de US Federal Reserve en de Bank of England zijn het aan het overwegen.