29

De volgende oorlog in het Midden-Oosten

BERLIJN – Met de herovering van Mosul in Noord-Irak zou de Islamistische Staat (ISIS) spoedig verleden tijd kunnen zijn. Maar de nederlaag van ISIS en de ineenstorting van zijn zelfuitgeroepen Irakees-Syrische kalifaat zal het Midden-Oosten geen vrede, of zelfs maar een eind aan de Syrische tragedie brengen. In plaats daarvan zal dit waarschijnlijk slechts een nieuw hoofdstuk openen in de bloedige en chaotische geschiedenis van de regio – en één dat niet minder gevaarlijk zal zijn dan de vorige hoofdtukken sinds de val van het Ottomaanse Rijk aan het eind van de Eerste Wereldoorlog.

De continuering van dit gewelddadige patroon lijkt vrijwel zeker daar de regio niet in staat blijft om interne conflicten zelf op te lossen, of om iets dat in enige wijze op een levensvatbaar raamwerk voor de vrede lijkt te creëren. In plaats daarvan blijft ze klemzitten ergens tussen de negentiende en twintigste eeuw.

Westerse machten zijn allesbehalve onschuldig qua de bezoekingen van het Midden-Oosten. Elk reppen van het Sykes-Picotverdrag, waarbij Groot-Brittannië en Frankrijk de post-Ottomaanse gebieden verdeelden, veroorzaakt nog steeds zoveel woede in de Arabische wereld dat het lijkt alsof het plan, dat in 1916 in het geheim bekokstoofd werd, pas gisteren bedacht is.

Ook de rol van tsaristisch Rusland in de regio mogen we niet vergeten. Na de Tweede Wereldoorlog begonnen opvolger de Sovjet-Unie en zijn rivaal in de Koude Oorlog, de Verenigde Staten, met hun meervoudige interventies.

Het kan dan ook goed zijn dat de VS de belangrijkste bijdrage aan de hedendaagse regionale onrust heeft geleverd. Het belang van Amerika in het Midden-Oosten was in beginsel gefundeerd op zijn behoefte aan olie. Maar met het begin van de Koude Oorlog veranderde economisch belang al snel in strategisch belang om de opkomst van antiwesterse Sovjet-gezinde regeringen te voorkomen. De Amerikaanse inspanningen om bepalende invloed in de regio te houden werd vervolgens gecomplementeerd door zijn nauwe veiligheidsrelatie met Israël, en uiteindelijk door de twee grote militaire interventies van de twee Golfoorlogen tegen het Irak van Saddam Hoessein.

Ook de inmenging van Amerika in Afghanistan heeft diepgaande repercussies voor het Midden-Oosten gehad. De door de VS gesteunde opstand van de jaren ’80, gelanceerd onder het mom van een jihad tegen de bezettingsmacht de Sovjet-Unie, transformeerde de twee nauwe Amerikaanse bondgenoten Pakistan en Saudi-Arabië in strategische dreigingen. Dit werd helder op 11 september 2001, toen bleek dat 15 van de 19 door Al Qaida gestuurde aanslagplegers Saudische burgers waren. En het was Pakistan dat de Taliban creëerde, die Al Qaida een vrijhaven boden om zijn plannen tegen de VS en het Westen te beramen.

Het succes van de eerste Golfoorlog, gelanceerd in januari 1991 door president George H.W. Bush werd 12 jaar later dodelijk ondermijnd door zijn zoon president George W. Bush wiens eigen Golfoorlog een regionale catastrofe veroorzaakte die tot vandaag aanhoudt. Waar Bush senior het beperkte objectief van de bevrijding van Koeweit najaagde en niet op zoek was naar verandering van regime in Irak, waren de doelstellingen van zijn zoon veel ambitieuzer.

Het idee was om Saddam Hoessein omver te werpen en een democratisch Irak tot stand te brengen dat als katalysator zou dienen voor een omvangrijke omwenteling in het hele Midden-Oosten, en het zou transformeren in een democratische en prowesterse regio. Binnen de regering van de jongere Bush won imperialistisch idealisme het van de harde realiteit wat resulteerde in een voortdurende destabilisatie van het Midden-Oosten en Iran in positie hielp om zijn invloed te vergroten.

Na de ondergang van de Islamitische Staat zal het volgende hoofdstuk in de geschiedenis van het Midden-Oosten bepaald worden door een open en directe confrontatie tussen het soennitische Saudi-Arabië en het sjiitische Iran om heerschappij in de regio. Tot nu toe is dit smeulende conflict in de coulissen uitgevochten en meestal met gebruik van stromannen. De twee wereldmachten actief in de regio hebben zich in dit conflict al duidelijk gepositioneerd, met de VS aan de kant van Saudi-Arabië en Rusland aan Iraanse zijde.

De huidige war on terror zal steeds meer vervangen worden door dit hegemoniale conflict. En nu Saudi-Arabië en zijn soennitische bondgenoten Qatar isoleren, gedeeltelijk vanwege de nauwe banden van Qatar met Iran, heeft dit conflict midden in het centrum van de regio, in de Perzische Golf, zijn eerste potentiele omslagpunt bereikt,  

Welke confrontatie met Iran dan ook zou de regio vanzelfsprekend in vuur en vlam zetten, waarbij alle eerdere oorlogen in het Midden-Oosten veruit zullen verbleken. Bovendien zal, terwijl het vuur in Syrië nog nasmeult en Irak verzwakt is door sektarische strijd om de macht, ISIS of enige incarnatie daarvan er waarschijnlijk actief blijven.

Een andere destabiliserende factor is de opleving van de ‘Koerdische kwestie.’ De Koerden – een volk zonder staat – hebben tegen ISIS bewezen betrouwbare strijders te zijn en willen hun nieuwe politieke en militaire invloed gebruiken om vooruitgang te boeken richting autonomie of zelfs een onafhankelijke staat. Voor de betrokken landen – op de eerste plaats Turkije, maar ook Syrië, Irak, en Iran – is deze kwestie een potentiele casus belli omdat hun territoriale integriteit in het geding is.

Gegeven deze onbeantwoorde vragen en de escalatie van het hegemoniale conflict tussen Iran en Saudi-Arabië belooft het volgende hoofdstuk in de geschiedenis van de regio allesbehalve vreedzaam te worden. Zeker, het is mogelijk dat de VS van het fiasco in Irak heeft geleerd ondanks zijn overweldigend superieure militaire macht geen grondoorlog in het Midden-Oosten te kunnen winnen. President Barack Obama probeerde Amerikaanse troepen uit de regio terug te trekken, maar dit bleek zowel politiek als militair lastig te bereiken. Daarom sloot hij militaire interventie – zelfs vanuit het luchtruim – in de Syrische burgeroorlog uit, waarmee hij een vacuüm creëerde dat snel door Rusland werd opgevuld, met alle gevolgen van dien.

De opvolger van Obama, Donald Trump, voerde ook campagne met de belofte uit de regio terug te trekken. Sinds de verkiezingen echter heeft hij kruisrakketen afgevuurd op Syrië, nieuwe toezeggingen gedaan aan Saudi-Arabië en zijn bondgenoten, en de Amerikaanse confronterende retoriek vis-a-vis Iran geëscaleerd.

Trump moet wat het Midden-Oosten betreft nog een steile leercurve doormaken – een regio die niet op hem zal wachten deze te volbrengen. Er bestaat dan ook geen enkele reden tot optimisme.

Vertaling Melle Trap