3

Het bereiken van compromissen in het Midden-Oosten

CAIRO – Het Midden-Oosten, en vooral de Arabische wereld, ervaren een periode van fundamentele veranderingen en nog veel fundamentelere uitdagingen. Maar het vermogen van de regio om alle problemen waarmee zij wordt geconfronteerd het hoofd te bieden, wordt gecompliceerd door nationale, regionale en internationale onenigheid over welke vorm die veranderingen – zowel in de hele regio als in individuele samenlevingen – moeten aannemen.

De internationale gemeenschap moet ongetwijfeld een centrale rol spelen bij het steunen van sociale en economische hervormingen in de regio, en bij het helpen van regeringen om de wil en de manier te vinden om noodzakelijke veranderingen door te voeren. Maar het is veel belangrijker dat de Arabieren zelf een naar voren gericht perspectief aanvaarden bij het omgaan met de uitdagingen waar zij voor staan, en dat ze hun lot in eigen hand nemen.

Dit is allemaal duidelijk geworden door de revoltes van de Arabische Lente in 2011. Ook al had de regio al eerder veranderingen ondergaan onder invloed van de demografische ontwikkelingen, waaronder een snelle bevolkingsgroei, verstedelijking, en een grote hoeveelheid werkloze, universitair opgeleide jong-volwassenen, deze eruptie van protest verraste veel landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika totaal. Arabische jongeren waren een grote kracht achter de roep om verandering. Dat gold ook voor nieuwe technologieën die de informatievoorziening vrijer hebben gemaakt en de communicatie onder gewone burgers hebben vergemakkelijkt, door in essentie de monopolies te ontmantelen die veel regeringen hadden op het gebied van kennis en connectiviteit.

Maar de voornaamste redenen voor de ontwrichting kunnen worden ontwaard in het onvermogen van Arabische overheden en samenlevingen om de veranderingen die de regio overspoelden effectief te beheersen, en hun buitensporige afhankelijkheid van buitenlandse machten ter verzekering van hun veiligheid. Veel regeringen, die verkalkt en rigide waren geworden, werden al snel overrompeld door sociale en geopolitieke krachten die zich aan hun controle onttrokken, en zijn niet in staat of bereid gebleken zich aan te passen aan welke trend ook die de status quo in twijfel trok. Dit weerspiegelt tevens het feit dat centrale kenmerken van de binnenlandse en regionale agenda's van veel regeringen niet eens van eigen makelij waren, maar van buiten de regio waren opgelegd.