1

De infrastructuuroplossing

TORONTO – “Infrastructuur is, per definitie, van fundamenteel belang voor het functioneren van samenlevingen,” aldus de vroegere Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright in februari 2013. En toch is infrastructuur de vergeten economische kwestie van de 21e eeuw. Het onvermogen om de juiste infrastructurele investeringen te doen heeft het potentieel van veel landen gehinderd om de economische groei en de werkgelegenheid te bevorderen.

Hoewel het debat over infrastructuur meestal gaat over de behoefte aan geld en een creatievere vorm van financieren, is het echte probleem niet dat de investeringen tekortschieten. Het is eerder zo dat de gebouwde omgeving achteruitgaat als gevolg van een gefragmenteerde aanpak van planning, financiering, oplevering en beheer van infrastructuur, waarbij de nadruk ligt op de kosten, bezitsklasse en geografische locatie.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

De ontwikkeling van een nieuwe aanpak – gebaseerd op een breed, systemisch perspectief – moet een topprioriteit worden voor degenen die in staat zijn veranderingen te bewerkstelligen, zoals CEO's en hoge overheidsfunctionarissen. Dit is precies wat McKinsey’s Global Infrastructure Initiative, dat vorige maand zijn tweede bijeenkomst in Rio de Janeiro hield, wil doen, door praktische mondiale oplossingen te bevorderen, gericht op het verhogen van de productiviteit en doelmatigheid van ieder aspect van infrastructuur.

Zonder dergelijke oplossingen zal tussen 2013 en 2030 naar schatting $57 bln aan infrastructurele investeringen nodig zijn, alleen al om het tempo van de bbp-groei te kunnen bijbenen. Dat is meer dan de waarde van alle bestaande infrastructuur.

Een productievere infrastructuur zou de rekening voor de wereld jaarlijks 40% – ofwel $1 bln – lager kunnen doen uitvallen, een besparing die de economische groei tegen 2030 een impuls van 3% of ruim $3 bln kan geven. Dit zou hogere investeringen in infrastructuur mogelijk maken, waarbij een stijging die overeenkomt met 1% van het bbp zich vertaalt in 3,4 miljoen extra banen in India, 1,5 miljoen in de Verenigde Staten, 1,3 miljoen in Brazilië en 700.000 in Indonesië.

Het verhogen van de productiviteit van infrastructuur begint in de planfase. Een pragmatischer aanpak van de selectie van infrastructuurprojecten waarin geïnvesteerd kan worden – waaronder een systematische evaluatie van kosten en baten, gebaseerd op nauwkeurige criteria die rekening houden met bredere economische en sociale doelstellingen – kan de wereld jaarlijks een besparing van $200 mrd opleveren.

Sommige landen oogsten nu al de voordelen van zo'n aanpak. Het Zuid-Koreaanse Public and Private Infrastructure Investment Management Center heeft de uitgaven aan infrastructuur met 35% teruggebracht; vandaag de dag keuren functionarissen 46% van de voorgestelde projectvoorstellen af, tegen 3% vroeger.

Op dezelfde manier heeft Engeland een kostenherzieningsprogramma opgezet dat 40 grote projecten heeft aangewezen die voorrang zouden moeten krijgen. Daarnaast is het totale planningsproces hervormd en vervolgens een subcommissie binnen de regering gecreëerd om een snellere oplevering van projecten te verzekeren, waardoor de uitgaven aan infrastructuur met 15% zijn gedaald. En het Chileense Nationale Publieke Investeringssysteem evalueert alle voorgestelde overheidsprojecten met standaardformulieren, -procedures en -metingen – en wijst daar nu zo'n 35% van af.

Extra mogelijkheden voor besparingen – tot wel $400 mrd per jaar – zijn gelegen in een meer gestroomlijnde oplevering van infrastructuurprojecten. Er is veel ruimte om goedkeuringen en grondaankopen te versnellen, contracten zodanig in te richten dat ze innovatie en besparingen bevorderen, en samenwerking met aannemers te verbeteren.

In Australië heeft de staat New South Wales de goedkeuringstijd in een jaar met 11% weten terug te dringen. En een Scandinavische wegenautoriteit heeft de totale uitgaven met 15% omlaag gekregen door ontwerpnormen te updaten, slimme bouwtechnieken te gaan gebruiken en te profiteren van gebundelde en internationale aanbestedingsmodellen.

De mogelijkheden om te bezuinigen beperken zich niet tot nieuwe capaciteit. Regeringen kunnen jaarlijks eenvoudigweg $400 mrd besparen door de doelmatigheid en productiviteit van bestaande infrastructuur te versterken. 'Smart grids' kunnen de kosten van de elektriciteitsinfrastructuur in de VS bijvoorbeeld jaarlijks met $2-6 mrd omlaag brengen, terwijl de dure uitval van het netwerk wordt teruggedrongen.

Op dezelfde manier kunnen intelligente transportsystemen voor wegen het gebruik van zo'n weg verdubbelen of verdrievoudigen – doorgaans tegen een fractie van de kosten van het toevoegen van het equivalent aan fysieke capaciteit. Het Britse intelligente transportsysteem op de M42 heeft de reistijd met 25% verminderd, het aantal ongelukken met 50%, de vervuiling met 10% en de brandstofconsumptie met 4%.

Tolheffing in de spits kan de behoefte aan nieuwe capaciteit ook omlaag brengen, terwijl er aanzienlijke besparingen worden bereikt in brandstofkosten en tijd. Een dergelijke heffing heeft de gemeente Londen in staat gesteld de files met 30% terug te dringen.

Geen van deze oplossingen is bijzonder wereldschokkend. Zij vergen slechts een minder gefragmenteerde aanpak binnen de overheid en meer samenwerking tussen publieke en private sectoren.

Het doel kan zowel in rijke als arme landen worden bereikt. Het Zwitserse Departement van het Milieu, Transport, Energie en Communicatie verwerkt bijvoorbeeld nationale doelstellingen, geformuleerd door de Federale Raad, tot een gezamenlijke infrastructuurstrategie die rekening houdt met de behoeften van specifieke sectoren. Op dezelfde manier coördineert het Rwandese ministerie van Infrastructuur de activiteiten van andere ministeries en publieke diensten – om ervoor te zorgen dat de infrastructuurstrategieën goed aansluiten op de regionale integratieplannen van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap.

Overheden moeten inzien dat de particuliere sector niet alleen infrastructuurfinanciering kan bieden, maar ook knowhow in de planning-, bouw- en beheerfasen. Chili, de Filippijnen, Zuid-Afrika, Zuid-Korea en Taiwan ontwikkelen allemaal kaders die de rol van particuliere partners bij het plannen van projecten uitbeiden.

Fake news or real views Learn More

Infrastructuur bevordert de concurrentiekracht van economieën, terwijl ze het fysieke raamwerk bieden voor de levens van mensen. Het doel van beleidsmakers moet zijn te verzekeren dat infrastructuur zijn volledige potentieel kan verwezenlijken, zodat de mensen die ervan afhankelijk zijn de hunne kunnen verwezenlijken.

Vertaling: Menno Grootveld