18

Leugens en leiderschap

CAMBRIDGE – Dit verkiezingsseizoen wordt gekenmerkt door frequente beschuldigingen van leugenachtigheid. Gedurende het Brexit-debat in Groot-Brittannië beschuldigden beide kanten elkaar van het verdraaien van de waarheid (de snelheid waarmee het ‘Leave’ kamp zijn campagnebeloften naast zich heeft neergelegd en de beweringen van het ‘Remain’ kamp bewaarheid zijn geworden suggereren duidelijk wie van beiden de waarheid sprak). In de verkiezingscampagne in de Verenigde Staten refereerde Donald Trump, de vermoedelijke republikeinse kandidaat, zelden aan zijn grootste concurrent in de voorronden zonder hem ‘Lying Ted Cruz’ te noemen.

Overeenkomstig laat Trump zelden de kans voorbijgaan om aan de naam Hillary Clinton, de vermoedelijke democratische kandidaat, het prefix ‘doortrapt’ toe te voegen. Toen ze onlangs een doordachte speech over het buitenlands beleid afleverde, reageerde Trump hierop door haar een ‘leugenaar van wereldklasse’ te noemen. Maar volgens PolitiFact, een organisatie die de Pulitzer Prize  heeft gewonnen en de waarachtigheid van politieke uitspraken nagaat, is 60% van de onderzochte beweringen van Trump sinds hij zijn campagne begon beoordeeld als onwaar of als regelrechte leugen, tegen 12% voor Clinton.

Sommige cynici wuiven dit soort uitwisselingen tussen kandidaten weg als typisch politiek gedrag. Maar dat is te makkelijk, omdat dit serieuze vragen met betrekking tot hoe eerlijk we willen dat onze politieke leiders en het politieke discours zijn negeert.

We willen overigens waarschijnlijk niet dat onze politieke leiders altijd de letterlijke waarheid spreken. In oorlog of bij contra-terroristische operaties kan misleiding een noodzakelijke voorwaarde zijn voor overwinning of succes – en daarmee duidelijk in ons eigen belang.