1

Rechtvaardigheid voor Litvinenko

LONDEN – In 2006 werd Alexander Litvinenko, voormalig officier van de Russische Federale Veiligheidsdienst (FSB), de opvolger van de KGB, in Londen vergiftigd met radioactief polonium-210. De afgelopen tien jaar heeft zijn weduwe Marina Litvinenko een ongelijke strijd gevoerd om haar man recht te doen. Nu heeft ze eindelijk gezegevierd.

Litvinenko moest niet alleen opstaan tegen het Kremlin, dat er van beschuldigd werd dat het twee agenten naar Londen had gestuurd om de sluipmoord uit te voeren, maar ook tegen de regering van het Verenigd Koninkrijk, die zijn relatie met Rusland niet op het spel wilde zetten. Op een zeker moment drie jaar geleden stond ze in tranen op de trappen van het Royal Court of Justice, waar rechters hadden geweigerd haar te beschermen tegen de potentieel hoge juridische kosten als ze er niet in zou slagen de regering te overtuigen een onderzoek in te stellen.

Maar uiteindelijk kreeg Litvinenko haar dag – om precies te zijn 34 dagen – bij de rechter. En op 21 januari sprak Sir Robert Owen, voorzitter van het openbare onderzoek, zijn vonnis uit: het lijdt ‘geen twijfel’ dat FSB-agenten Adrei Luguvoi en Dmitri Kovtun de moord hebben uitgevoerd, die ‘waarschijnlijk werd goedgekeurd’ door de Russische president Vladimir Poetin.

Het bewijs tegen Lugovoi en Kovtun kwam voornamelijk voort uit het politierapport, dat een ‘poloniumspoor’ vastlegde dat door het stel rond Londen was achtergelaten. Er werden zeer hoge niveaus van besmetting vastgesteld, vooral in het toilet naast de bar waar Litvinenko vergiftigde thee dronk en in de twee badkamers van de hotelkamers waar de moordenaars verbleven. Litvinenko heeft geen van deze drie plekken, waar de moordenaars blijkbaar het ongebruikte gif dumpten, ooit bezocht. Een getuige heeft onder ede gezegd dat Kovtun voor de aanslag had verklaard dat hij op een missie was om ‘een verrader te doden’ met een ‘zeer duur vergif.’