2

Het tellen van Afrika's onzichtbare werkers

YAMOUSSOUKRO – De miljarden dollars aan hulp die jaarlijks naar Afrika gaan, brengen het continent wellicht veel goeds, maar kunnen geen oplossing bieden voor de armoede. Alleen door het scheppen van meer banen van hoge kwaliteit zou dat kunnen lukken. De vraag is hoe.

Afrika kan bogen op een groot aanbod aan creatieve arbeidskrachten, dankzij een jongerenbevolking die naar verwachting tegen 2050 zal zijn verdubbeld naar ruim 830 miljoen mensen. Dat zou de economieën op het hele continent een flinke impuls moeten geven. Maar de Afrikaanse beleidsmakers staan voor een ernstig probleem: ze weten niet met hoeveel mensen zij te maken hebben, waar zij leven, en hoe zij aan de kost komen. Eenvoudig gezegd: ze hebben niet genoeg data.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

In 46 van de 54 Afrikaanse landen is het officieel bijhouden van cruciale statistieken als die van geboorten, sterfgevallen en huwelijken beperkt. Zoals de Mo Ibrahim Foundation bericht, leeft slechts “een derde van alle Afrikanen in een land waar sinds 2010 een volkstelling heeft plaatsgevonden,” en de bestaande volkstellingen zijn vaak slecht gefinancierd en onbetrouwbaar. Ruim de helft van alle Afrikanen leeft in landen die minstens tien jaar lang géén onderzoek meer hebben gedaan naar de omvang van hun beroepsbevolking.

Intussen werken jonge Afrikanen grotendeels in de informele economie, waar zij ad hoc-overeenkomsten aangaan die buiten het bereik liggen van overheidsregulering en belastingheffing. Zij verrichten misschien productief werk, maar wél in economieën waarin de informaliteit feitelijk is geïnstitutionaliseerd als gevolg van een gebrek aan data-collectie-mechanismen.

Zonder een accuraat beeld van de toestand van de arbeidsmarkt worden overheden belemmerd in hun vermogen te reageren op de problemen waarmee die arbeidsmarkt te kampen heeft. Initiatieven die zijn gericht op het beperken van de jeugdwerkloosheid zullen – ook al zijn het er nóg zo veel – niet heel effectief blijken als we niet weten welke soorten banen er al zijn en welke nog nodig zijn. Omdat tot 2022 naar schatting nog eens tot de Afrikaanse beroepsbevolking zullen toetreden, zal het gelijke tred houden met de trends op de arbeidsmarkt – en het bieden van genoeg goede banen – alleen nog maar moeilijker worden.

Het verkrijgen van een scherper beeld door betere data-vergaring betekent niet dat de methodes voor het volgen van de arbeidsmarkt uit de OESO-landen simpelweg moeten worden gekopieerd, want de informele economie neemt daar lang niet zo'n groot aandeel van de werkgelegenheid voor haar rekening. In plaats daarvan moeten de Afrikaanse regeringen, met behulp van spelers uit de particuliere sector, methoden ontwikkelen voor het begrijpen van de manier waarop de informele economie werkt en kan worden verbeterd. Alleen dan zal het mogelijk zijn de werkloosheid en de armoede effectief aan te pakken, en het potentieel van de Afrikaanse jeugd te ontsluiten.

In sommige gevallen is het al heel duidelijk waar de nadruk op moet komen te liggen. De Alliance for a Green Revolution in Africa bericht dat het continent, hoewel het 60% van al het onbebouwde land ter wereld omvat, jaarlijks $60 mrd uitgeeft aan voedselimporten. Het ligt dus voor de hand in de ontwikkeling van Afrika's landbouwhulpbronnen te investeren.

Jonge mensen kunnen een centrale rol spelen bij deze inspanningen. Door te investeren in die delen van de agrarische waardeketens waar jongeren een bijdrage kunnen leveren, kunnen Afrikaanse leiders goede werkgelegenheidsmogelijkheden creëren in bijvoorbeeld de lichte industrie, voor relatief laaggeschoolde werknemers. Slechts een klein beetje training van bepaalde vaardigheden zou deze werknemers – zoals de 120 mensen die nu werk hebben gevonden bij een fabriek voor tomatenpasta in Nigeria – van de bodem van de waardeketen omhoog kunnen helpen.

Een andere veelbelovende aanpak wordt vertegenwoordigd door het -programma in Johannesburg, dat erop is gericht voor jongeren de hindernissen weg te nemen om de arbeidsmarkt te betreden, door het aanbieden van vaardigheden als digitale geletterdheid. Dergelijke vaardigheden stellen jongeren in staat zich te ontworstelen aan de informele sector én aan onwenselijke banen in de formele sector, zoals in de Zuid-Afrikaanse particuliere bewakingsindustrie, waarin ruim 412.000 mensen werkzaam zijn. Deze sector heeft kritiek gekregen wegens de armzalige arbeidsomstandigheden; en zelfs waar dat niet het geval is, ontwikkelt zij niet het soort vaardigheden die stabiele en duurzame economische groei kunnen ondersteunen.

Naarmate meer mensen de vaardigheden en kansen verkrijgen om productieve banen te vervullen in de formele sector, waar ze geregistreerd en erkend worden, zullen overheden een betere kijk op de arbeidsmarkt ontwikkelen. Maar om de effectiviteit te vergroten van de pogingen om deze vaardigheden en kansen ter beschikking te stellen, om maar te zwijgen van het zekerstellen dat degenen die in de informele sector achterblijven niet onzichtbaar worden, zijn ook initiatieven nodig die rechtstreeks gericht zijn op het verbeteren van de data-vergaring.

Eén van die initiatieven is het Africa Programme on Accelerated Improvement of Civil Registration and Vital Statistics, dat formeel in 2011 werd gelanceerd. Hoewel het misschien niet onmiddellijk resultaat zal opleveren, kan het de basis leggen voor de ontwikkeling en tenuitvoerlegging van programma's, gebaseerd op harde data over Afrikaanse bevolkingen.

Het terugdringen van de werkloosheid en de armoede zijn niet alleen de verantwoordelijkheid van overheden. Ook spelers uit de particuliere sector en gewone burgers kunnen helpen. We kunnen bijvoorbeeld informele activiteiten steunen, zoals het, die laaggeschoolde jongeren een kans geven om geld te verdienen. En we kunnen stagetrajecten bevorderen en faciliteren, die technische vaardigheden en opleidingskansen bieden.

Afrika heeft al eerder complexe en verreikende problemen het hoofd geboden. De HIV/AIDS-epidemie bijvoorbeeld, die ooit onoplosbaar leek, is nu grotendeels onder controle gebracht. De sleutel tot het bewerkstelligen daarvan was samenwerking tussen overheden, ontwikkelingspartners en lokale gemeenschappen bij het verzamelen, verwerken en gebruiken van data om strategieën bij te stellen.

Fake news or real views Learn More

We moeten hetzelfde doen om het tekort aan werkgelegenheid aan te pakken. Als de Afrikaanse economieën de 122 miljoen jongeren willen kunnen opnemen die naar verwachting de komende jaren tot de beroepsbevolking zullen toetreden, moeten we de boeken nu op orde zien te krijgen.

Vertaling: Menno Grootveld