1

De Poolse oppositie tegen Donald Tusk

WARSCHAU – De leiders van de Europese Unie zullen op 9 maart op een topconferentie bekend maken wie zij tot voorzitter van de Europese Raad hebben gekozen. Tot voor kort leek de herverkiezing van de huidige voorzitter, de voormalige Poolse premier Donald Tusk, een uitgemaakte zaak: de vertrekkende Franse president, François Hollande, de vroegere Oostenrijkse bondskanselier Werner Faymann en de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel hebben proefballonnen opgelaten, maar uit voorlopige peilingen bleek dat geen van hen kans maakte.

Maar op 27 februari berichtte de Financial Times dat de Poolse regering de mogelijkheid aftastte om een alternatieve kandidaat naar voren te schuiven, Jacek Saryusz-Wolski, een lid van het Europees Parlement voor het Burgerplatform, de partij die Tusk heeft opgericht. In het Europees Parlement is Saryusz-Wolski lid van de Europese Volkspartij (EPP), die hij tot november 2016 als vice-voorzitter heeft gediend.

Nog geen week later, op 4 maart, werd het bericht in de FT bevestigd. Het leiderschap van de Poolse regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) heeft de regering van premier Beata Szydło geïnstrueerd haar steun te onthouden aan de herverkiezing van Tusk. Dezelfde dag gaf het Poolse ministerie van Buitenlandse Zaken een diplomatiek memorandum uit waarin Saryusz-Wolski werd voorgedragen. Een half uur later bevestigde Saryusz-Wolski dit op Twitter. Hij werd onmiddellijk uit het Burgerplatform gegooid, en de voorzitter van de EPP, Joseph Daul, herbevestigde de volledige steun van zijn partij voor Tusk.

Nu alle EU-leden behalve Polen Tusk steunen, zou voor het onthouden van een tweede termijn aan hem een buitengewone rechtvaardiging nodig zijn. Die heeft de PiS niet gegeven. Tot nu toe had de PiS zelfs geen enkele duidelijke positie met betrekking tot de kandidatuur van Tusk ingenomen. Dus waarom is het opeens zo'n hoge prioriteit geworden om hem tegen te houden?

Al waar we op kunnen varen is een publieke uitspraak van PiS-voorzitter Jarosław Kaczyński. “Donald Tusk schendt de elementaire beginselen van de Europese Unie,” zei hij. Zonder enig bewijs te leveren, beticht Kaczyński Tusk ervan “het beginsel van de neutraliteit te schenden door openlijk de oppositie te steunen, die zichzelf absoluut noemt en probeert de regering omver te werpen met buitenparlementaire middelen.”

In feite beweert Kaczyński iets veel ergers. Hij gelooft dat Tusk heeft samengezworen met de Russische president Vladimir Poetin om het Poolse presidentiële vliegtuig in april 2010 te laten neerstorten, toen het met een delegatie hoogwaardigheidsbekleders op weg was naar Smolensk om deel te nemen aan een herdenking van het bloedbad van Katyn (de executie, op bevel van Stalin, van ruim 20.000 Poolse officieren, politie-functionarissen en intellectuelen in 1940). Waar Kaczyński echter een “coup” denkt te ontwaren, ziet de rest van de wereld (inclusief alle professionele Poolse en internationale instellingen die luchtvaartongelukken onderzoeken) een tragisch ongeval dat de levens eiste van Kaczyński’s tweelingbroer, de toenmalige president Lech Kaczyński, en 95 hoge regeringsfunctionarissen. Tusk, die de PiS tijdens zijn carrière in acht opeenvolgende verkiezingen heeft verslagen, was destijds premier.

Voorafgaand aan de recente stap van de Poolse regering heeft de hele Visegrad Group (de Tsjechische Republiek, Hongarije, Polen en Slowakije) Tusk officieel gesteund, en haar leiders reageren beschaamd op de pogingen van Kaczyński om hem te vervangen. Karel Schwarzenberg, de voorzitter van de commissie voor Buitenlandse Zaken van het Tsjechische parlement, zei tegen Gazeta Wyborcza dat Tusk “een heel goede leider” was. Zijn Slowaakse collega František Šebej wond er geen doekjes om: “Ik begrijp de bezwaren tegen Tusk niet. Ik ben tevreden met hem.” Zelfs de Hongaarse premier Viktor Orbán, met wie Kaczyński een illiberale contrarevolutie binnen de EU in gang heeft gezet, maakt geen geheim van zijn steun voor Tusk.

Saryusz-Wolski is geen onbekende. Als deskundige op het gebied van de Europese integratie sinds de jaren zeventig heeft hij diverse regeringsfuncties bekleed en is hij een (zeer conservatief) lid van het Europees Parlement sinds 2004. Hij is nooit premier, president of zelfs maar eurocommissaris geweest.

Gewapend met deze geloofsbrieven zou je verwachten dat Saryusz-Wolski voorzitter zou zijn van een commissie van het Europees Parlement (wat hij in 2007 ook was), of dat hij als vice-voorzitter zou dienen van een parlementaire groepering (zoals hij dat voor een halve zittingsperiode heeft gedaan tussen 2004 en 2007). Maar niemand zou verwachten dat hij voorzitter van de Europese Raad zou worden.

En inderdaad maakt Saryusz-Wolski – die ironisch genoeg in 2008 tegen een interviewer zei: “Ik merk tot mijn schrik dat Polen binnen de instellingen van de EU andere Polen liever schade willen toebrengen dan helpen” – geen schijn van kans. Hij is louter Kaczyński’s “nuttige idioot” in een poging een politieke overwinning te behalen op een man die het grootste gevaar voor de PiS belichaamt. Het meeste waar Saryusz-Wolski realistisch gezien op mag hopen is een regeringspost in Polen. Misschien kan hij de alom bekritiseerde minister van Buitenlandse Zaken, Witold Waszczykowski, vervangen.

Het meeste waar de PiS op haar beurt op mag hopen is dat een of andere coalitie van landen (bijvoorbeeld landen die door sociaal-democraten worden geregeerd) een alternatieve kandidaat naar voren zal schuiven, die door de lidstaten van de EU zal worden verkozen om ervoor te zorgen dat het conflict met Polen niet escaleert. In dat geval zal Tusk zeer waarschijnlijk naar de binnenlandse politiek terugkeren, waar een negende overwinning op de PiS de straf zou zijn die Kaczyński verdient. Misschien kan een Pool Polen redden van zijn vurigste patriotten.

De PiS, een partij die beweert de nationale solidariteit boven al het andere – zelfs de grondwet – te stellen, heeft een situatie bewerkstelligd waarin Polen het opneemt tegen een Pool. En zij heeft een ongelegen commotie teweeggebracht, in een tijd dat de EU moet reageren op het verlies van Groot-Brittannië en de neergang van het transatlantisch bondgenootschap.

In plaats van zich te richten op de vraag hoe het zich het best in dit veranderende landschap kan positioneren, wordt Polen – en Europa – in beslag genomen door de obsessieve waandenkbeelden van één politicus. Op 9 maart moet Europa de paranoïde fantasieën van Kaczyński resoluut afwijzen door Tusk te herkiezen als voorzitter van de Europese Raad.

Vertaling: Menno Grootveld