2

Obama de pragmaticus

CAMBRIDGE – Vorige maand heeft president Barack Obama, in zijn toespraak tot de afgestudeerde kadetten van de Amerikaanse militaire academie in West Point, verklaard dat een paar van de kostbaarste fouten van Amerika sinds de Tweede Wereldoorlog niet het gevolg waren van terughoudendheid, maar juist van een “bereidheid zich in militaire avonturen te storten, met weinig oog voor de gevolgen.” Hoewel Obama gelijk zou kunnen hebben, wist zijn toespraak de critici niet te vermurwen die hem hebben beticht van passiviteit en zwakte, vooral met betrekking tot Syrië en Oekraïne.

Deze teleurstelling kan deels worden toegeschreven aan de onmogelijk hoge verwachtingen die Obama in zijn vroege redevoeringen heeft gewekt, waarin hij de kiezers inspireerde met beloften over systeemveranderingen. Anders dan de meeste kandidaten bleef Obama vasthouden aan deze retoriek, zelfs nadat hij er de overwinning mee had behaald in de presidentsverkiezingen van 2008. In een serie toespraken in het eerste jaar van zijn presidentschap liet hij die verwachtingen zelfs nog hoger oplopen, door het doel te formuleren van een kernwapenvrije wereld, te beloven het Amerikaanse beleid in het Midden-Oosten te zullen herzien, en te verklaren dat hij “de geschiedenis in de richting van gerechtigheid wilde ombuigen.”

Er wordt vaak gezegd dat democratische politici op poëtische wijze campagne voeren, maar op prozaïsche wijze regeren. Toch is er geen reden te geloven dat Obama onoprecht was over zijn motieven. Zijn visie was eenvoudigweg niet opgewassen tegen de recalcitrante en lastige wereld waarmee hij werd geconfronteerd; hij moest zich dus aanpassen. Na slechts één jaar werd de man die een op verandering gericht leiderschap had beloofd een 'transactionele' leider – pragmatisch tot op het bot. En wat zijn critici ook mogen zeggen, dat is een positieve ontwikkeling.

Hoewel hij plechtig heeft beloofd geweld te zullen gebruiken als de vitale belangen van Amerika op het spel staan, en pessimistische verwachtingen over een nationale neergang heeft verworpen, heeft Obama – anders dan zijn voorganger George W. Bush – zwaarder op de diplomatie geleund dan op het gebruik van geweld. Om die reden hebben zijn critici hem ervan beticht de Amerikaanse waarden niet te hebben bevorderd en terug te zijn gevallen in isolationisme.