15

De toekomst van het Iraanse atoomakkoord

NEW YORK – ‘There’s many a slip twixt the cup and the lip’, zo luidt een oud Engels gezegde. Iets lijkt opgelost, maar feitelijk staat er nog niets vast over de toekomst. Ik voorspel dat wanneer deze uitdrukking in het Farsi nog niet bestaat, deze snel zal verschijnen.

De reden hiervoor is natuurlijk het ‘Parameters for a Joint Comprehensive Plan of Action Regarding the Islamic Republic of Iran’s Nuclear Program,’ het raamwerk dat zojuist is aangenomen door Iran en de P5+1 (de vijf permanente leden van de VN-Veiligheidsraad - China, Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland en de Verenigde Staten - plus Duitsland). Het akkoord is een belangrijke politieke en diplomatieke mijlpaal, en is gedetailleerder en breder van opzet dan velen hadden verwacht.

Maar desondanks laat de tekst minstens zoveel vragen onbeantwoord als beantwoord. De realiteit is dat er – zoals de komende jaren, maanden en jaren zullen uitwijzen – nog belangrijke kwesties afgehandeld moeten worden. Het ligt waarschijnlijk zelfs dichter bij de waarheid te stellen dat het echte debat over het atoomakkoord nog maar net begonnen is.

Het raamwerk legt het Iraanse nucleaire programma aanzienlijke beperkingen op, waaronder op het aantal en type centrifuges, het soort reactors, en de hoeveelheid en kwaliteit van het verrijkte uranium waarover het land mag beschikken. Er worden standaarden gesteld voor de inspecties die nodig zijn om er op te kunnen vertrouwen dat Iran zijn afspraken verifieerbaar nakomt.