3

Grote akkoorden met Iran zijn mogelijk

STOCKHOLM – Langzaam maar zeker naderen de besprekingen tussen Iran en de internationale gemeenschap over het nucleaire programma van het land het punt waarop er knopen moeten worden doorgehakt. Maar nog belangrijker is dat de uitkomst een keerpunt kan zijn voor het bredere – en nog steeds uiterst instabiele – Midden-Oosten.

De toenadering tussen Iran en zijn onderhandelingspartners over de belangrijke nucleaire kwestie is duidelijk. Niemand gelooft op dit moment serieus dat Iran er een actief programma op na houdt voor de ontwikkeling van kernwapens, maar niet lang geleden was het bijna conventionele wijsheid dat het land op het punt stond ze te krijgen.

Nu ligt de nadruk erop dat ervoor moet worden gezorgd dat Iran zeker nog een jaar nodig zal hebben om een kernwapen te maken, mocht het land daar ooit toe besluiten. Maar dit idee is twijfelachtig. Als het vertrouwen zou verdwijnen en het Iraanse regime zou besluiten alle relevante internationale overeenkomsten op te zeggen, is het zeer waarschijnlijk dat het een kernwapen zal krijgen, zelfs als het land herhaaldelijk zou worden gebombardeerd. De strategische nadruk op die voorbereidingstijd van een jaar is dus misplaatst.

De sleutel tot de vooruitgang is dat Iran moet worden geholpen zich van een probleemgeval tot een volwaardig land te ontwikkelen, om Henry Kissinger te parafraseren. Iran moet zich concentreren op het aanboren van al zijn menselijke en materiële hulpbronnen, zodat het land deel kan gaan uitmaken van een regio die zich van confrontatie naar samenwerking beweegt. De overeenkomst over belangrijke nucleaire kwesties is cruciaal voor deze aanpak, maar dat geldt ook voor een geloofwaardig proces voor de ontwikkeling van de handels- en beleggingsrelaties die de stap van Iran van isolement naar integratie zullen vergemakkelijken.