Getty Images

Hoe werknemers te beschermen zonder handelstarieven

NEW HAVEN – Volgens een opiniepeiling onder Amerikanen van de Washington Post en de Schar School, die op 11 juli werd gepubliceerd, keurt slechts 39% van de respondenten het invoeren door de Amerikaanse president Donald Trump van tarieven op importen uit het buitenland goed, terwijl 56% zegt daartegen te zijn. Maar hoewel het goed nieuws is dat een meerderheid van de Amerikanen zich op dit belangrijke punt tegen hun president keert, gaat Trump vrolijk verder, klaarblijkelijk in de veronderstelling dat het publiek de tarieven wel zal gaan appreciëren als ze eenmaal van kracht zijn.

Het is een raadsel waarom zelfs maar 39% van de Amerikanen dit beleid steunt. Sinds de Grote Depressie en de Tweede Wereldoorlog, en de General Agreement on Tariffs and Trade uit 1947, hebben de Verenigde Staten – zowel de regering als het volk – de vrije handel altijd vierkant gesteund.

In zijn uit 1776 daterende boek The Wealth of Nations heeft Adam Smith een goed verwoord en overtuigend argument vóór de vrije handel geformuleerd, in plaats van handel die wordt vertekend door invoertarieven. Met vrije handel gaat het de economie voor de wind, omdat goederen en diensten worden betrokken van de landen die het productiefst zijn in het creëren daarvan.

Het boek van Smith werd van meet af aan veel besproken, en zijn betoog wordt ondersteund door het bewijsmateriaal. De economen Jeffrey Frankel en David Romer hebben bevestigd dat individuele landen met een vrijere handel ook een hogere economische groei kennen, en dat dit niet – andersom – louter het gevolg is van groei die tot vrijere handel leidt.

Waarom zien we nu dan toch zo veel publieke steun voor een door de VS geïnitieerde handelsoorlog?

Dat moet voortkomen uit de arbeidsonzekerheid die de vrije handel soms met zich meebrengt, en het gevoel van onrecht dat zich manifesteert als je tot de verliezers behoort. De meeste mensen willen geen liefdadigheid. De kiezers in de Verenigde Staten reageerden goed op de slogan “Make America Great Again.” Zij reageerden niet zo goed op de oproep van de voormalige president Barack Obama tot “een herverdeling van de welvaart .”

Subscribe now

Exclusive explainers, thematic deep dives, interviews with world leaders, and our Year Ahead magazine. Choose an On Point experience that’s right for you.

Learn More

Politicoloog John Ruggie stelde in 1982 dat het multilateralisme en de vrije handel van na de Tweede Wereldoorlog het gevolg waren van een “compromis van het ingebedde liberalisme.” Een multilateraal systeem en lage invoertarieven waren alleen levensvatbaar als de overheid tussenbeide kon komen om de economische levens van haar burgers te stabiliseren.

De econoom Dani Rodrik heeft nog meer bewijsmateriaal geleverd ter ondersteuning van het betoog van Ruggie. Gebruikmakend van gegevens uit 125 landen en andere factoren uitsluitend, heeft Rodrik een positieve samenhang vastgesteld tussen de economische openheid van landen en het percentage overheidsuitgaven in hun bbp; dat wil zeggen: economieën die opener zijn, geven in verhouding tot hun omvang meer geld uit aan goederen en diensten voor hun burgers. Landen met veel handel zijn geen landen met een kleine overheid: het is precies het tegenovergestelde.

De totale waarde van de overheidsbestedingen is veel belangrijker dan de tijdelijke werkloosheidsverzekering die veel landen bieden, of programma's als Trade Adjustment Assistance in de VS. Trade Adjustment Assistance geeft mensen die kunnen aantonen dat ze hun baan aan het buitenland zijn kwijtgeraakt door toedoen van de vrije handel de mogelijkheid tijdelijke compensatie te ontvangen terwijl ze op zoek zijn naar een nieuwe baan. Obama wilde dat deze hulp, die is begonnen met de Trade Expansion Act uit 1962, verder zou worden uitgebreid door loonverzekering in het leven te roepen. Maar zelfs dit bescheiden voorstel werd niet tot wet verheven.

In mijn uit 2003 daterende boek The New Financial Order heb ik een pleidooi gehouden voor een “levensonderhoudsverzekering” op particuliere basis, die beschermt tegen inkomensverlies op de langere termijn en premies vaststelt op basis van beroep en training. Maar hoewel zulke programma's het nemen van risico's en de economische groei zouden kunnen bevorderen, worden ze niet ten uitvoer gelegd.

Eén van de redenen dat het zo moeilijk is geweest het beginsel van verzekeringen toe te passen op handelsrisico's is dat als de overheid dekking biedt tegen de risico's voor het levensonderhoud die voortvloeien uit de vrije handel, dit op herverdeling lijkt. Dit is vooral het geval omdat het risico van het in stand houden van de vrije handel met lage invoertarieven een langetermijnkwestie kan zijn. Het verlies van je baan in de Amerikaanse staalindustrie wanneer fabrieken sluiten als gevolg van de concurrentie uit het buitenland kan een vreselijk permanente indruk maken. Maar het is lastig je voor te stellen dat overheden werkloos geraakte arbeiders decennialang kunnen blijven subsidiëren.

Het probleem vandaag de dag is dat, nu de toegenomen mondialisering een klaarblijkelijk permanente toestand is, en nu de ongelijkheid binnen landen groter wordt, veel mensen het gevoel hebben dat hun economische situatie op de langere termijn riskanter wordt. We moeten een manier vinden om mensen te verzekeren tegen de risico's van de mondiale markt zonder ze op een of andere manier te vernederen.

Gelukkig zijn er veel voorbeelden van overheidsherverdeling die niet de indruk wekken van liefdadigheid voor de maatschappelijke verliezers. Als de overheid belastinggeld uitgeeft aan universeel openbaar onderwijs en universele gezondheidszorg, zal dat op veel mensen niet als een vorm van herverdeling overkomen, omdat deze diensten aan iedereen worden aangeboden, en het aanvaarden ervan eerder patriottisch dan abject zal lijken. Zolang de meeste mensen gebruik maken van openbaar onderwijs en openbare gezondheidszorg, ziet herverdeling er niet als liefdadigheid uit.

Een andere oplossing is dat de overheid particuliere levensonderhoudsverzekeringen bevordert door ze te subsidiëren, om te helpen de kosten te dekken van arbeidsplaatsen die verloren zijn gegaan als gevolg van de buitenlandse handel. Particuliere verzekeringsmaatschappijen die met elkaar concurreren en onderhevig zijn aan de juiste regelgeving, zouden wel eens veel meer ondernemende creativiteit aan de dag kunnen leggen bij het succesvol managen van de risico's die de vrije handel aan individuen opdringt.

De handelsoorlog van Trump is een internationale tragedie. Maar hij zou een happy ending kunnen krijgen als hij ons uiteindelijk herinnert aan de risico's die de vrije handel voor mensen met zich kan meebrengen, en als we onze verzekeringsmechanismen verbeteren om hen te helpen die risico's het hoofd te bieden.

Vertaling: Menno Grootveld

http://prosyn.org/ifOPCdj/nl;

Cookies and Privacy

We use cookies to improve your experience on our website. To find out more, read our updated cookie policy and privacy policy.