3

Vrouwen en de Wereldeconomie

WASHINGTON,DC – In veel landen richt het publieke debat over de gelijkheid der seksen zich voornamelijk op de toegang van vrouwen tot topposities en krachtige carrière mogelijkheden. Maar het 'glazen plafond' is slechts een klein deel van het probleem. De bredere vraag is of vrouwen überhaupt de zelfde mogelijkheden als mannen hebben om mee te doen op de arbeidsmarkt. Met andere woorden: worden vrouwen in staat gesteld om ten volle bij te dragen aan de mondiale economische groei en welvaart?

Helaas laat de nieuwste studie door werknemers van het Internationale Monetaire Fonds, 'Women, Work, and the Economy', zien dat, ondanks enige verbeteringen, de vooruitgang richting een level playing field tot stilstand gekomen is. Dit is voor iedereen slecht nieuws, omdat het zich vertaalt in een lagere economische groei, in sommige landen zelfs oplopend tot 27% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) per hoofd van de bevolking.

Over de gehele wereld blijft het aandeel vrouwen in de beroepsbevolking ver beneden dat van mannen; slechts ongeveer de helft van de vrouwen in de werkende leeftijd heeft een baan. Vrouwen nemen het meeste onbetaalde werk voor hun rekening en als ze betaald worden zijn ze oververtegenwoordigd in de informele economie en onder de armen. Ze krijgen nog steeds minder betaald dan mannen voor dezelfde banen, zelfs in OESO-landen, waar het gemiddelde verschil in loon tussen de seksen zo'n 16% bedraagt. En in veel landen beperken vervormingen en discriminatie op de banenmarkt de kansen van vrouwen op een gelijk loon en de doorstroming naar hoge posities.

De potentiele winst van een grotere vrouwelijke beroepsbevolking is treffend. Als in Egypte bijvoorbeeld het aantal werkende vrouwen zou stijgen naar hetzelfde getal als van mannen dan zou het BBP met 34% stijgen. In de Verenigde Arabische Emiraten zou het BBP met 12% stijgen, in Japan met 9% en in de Verenigde Staten met 5%. Volgens een recente studie gebaseerd op data van de Internationale Arbeidsorganisatie wonen er 812 miljoen van de 865 miljoen vrouwen die meer zouden kunnen bijdragen aan hun economie in opkomende en ontwikkelingslanden.