25

Een nieuwe overeenkomst voor te grote schuldenlasten?

CAMBRIDGE – De erkenning door het Internationale Monetaire Fonds dat de schuld van Griekenland onhoudbaar is kan een waterscheiding betekenen voor het mondiale financiële systeem. Het is duidelijk dat onorthodox beleid om de hoge schuldenlasten aan te pakken serieuzer moet worden genomen, zelfs in een paar hoog-ontwikkelde landen.

Sinds het begin van de Griekse crisis hebben zich in wezen drie standpunten afgetekend. In de eerste plaats is er dat van de zogenoemde 'trojka' (de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het IMF), dat inhoudt dat de door schulden geplaagde periferie van de eurozone (Griekenland, Ierland, Portugal en Spanje) een strikte begrotingsdiscipline nodig hebben om te voorkomen dat een liquiditeitscrisis op de korte termijn verandert in een insolvabiliteitsprobleem op de lange termijn.

Het orthodoxe beleidsplan bestond uit het verstrekken van conventionele overbruggingskredieten aan deze landen, waardoor ze de tijd zouden krijgen om hun begrotingsproblemen op te lossen en structurele hervormingen door te voeren, gericht op het vergroten van hun groeipotentieel op de langere termijn. Deze aanpak heeft 'gewerkt' in Spanje, Ierland en Portugal, maar ten koste van enorme recessies. Bovendien is er een groot risico op terugval als zich een aanzienlijke inzinking in de wereldeconomie voordoet. Het beleid van de trojka is er echter niet in geslaagd de Griekse economie te stabiliseren, laat staan tot nieuwe bloei te laten komen.

Een tweede stroming beschouwt de crisis eveneens als een puur liquiditeitsprobleem, maar ziet insolvabiliteit op de langere termijn op z'n ergst als een extern risico. Het probleem is niet dat de schuldenlast van de landen van de periferie van de eurozone te hoog is, maar dat de schulden niet hoog genoeg hebben mogen stijgen.