91

Het laatste kunstje van Europa?

NEW YORK – De leiders van de Europese Unie blijven een gevaarlijk spel van onverzettelijkheid spelen met de Griekse regering. Griekenland is zijn crediteuren al ruimschoots halverwege tegemoet gekomen. Maar Duitsland en de andere crediteuren blijven eisen dat het land akkoord gaat met een programma dat een mislukking is gebleken en waarvan weinig economen dachten dat het ooit had ten uitvoer had kunnen of mogen worden gelegd.

De ommezwaai van de Griekse begrotingspositie van een groot tekort naar een primair overschot was vrijwel ongekend, maar de eis dat het land een primair overschot van 4,5% van het bruto binnenlands product (bbp) zou verwezenlijken was excessief. Helaas konden de Griekse autoriteiten, op het moment dat de 'trojka' – de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het Internationale Monetaire Fonds – deze onverantwoordelijke eis voor het eerst in het internationale financiële hulpprogramma voor Griekenland opnamen, niets anders doen dan ermee instemmen.

De dwaasheid van het blijven nastreven van de voltooiing van dit programma is nu bijzonder acuut, door toedoen van de daling van het Griekse bbp met 25% sinds het begin van de crisis. De trojka heeft de macro-economische gevolgen van het oplegde programma zeer slecht ingeschat. Volgens hun eigen voorspellingen geloofden ze dat, door in de lonen te snijden en andere bezuinigingsmaatregelen te nemen, de Griekse exporten zouden toenemen en de economie snel weer zou gaan groeien. Ze geloofden ook dat de eerste schuldsaneringsronde zou leiden tot een dragelijker schuldenlast.

De voorspellingen van de trojka zaten er herhaaldelijk naast, en niet zo'n beetje ook. De Griekse kiezers hadden gelijk toen ze een koerswijziging eisten, en hun regering had gelijk toen zij weigerde akkoord te gaan met een programma vol structurele fouten.