7

De emancipatie-achterstand in het Arabische onderwijs

PARIJS – De onderwijsdiscussie in de Arabische wereld heeft zich vrijwel nooit beziggehouden met de rol van het onderwijs op het gebied van de verandering van sociale en politieke mores. Dat is jammer, want goed opgeleide burgers in de Arabische landen zijn gemiddeld vaak veel minder politiek en sociaal geëmancipeerd dan hun gelijken in andere delen van de wereld. Als de Arabische samenlevingen ooit opener en economisch dynamischer willen worden, zullen hun onderwijssystemen waarden moeten omarmen en propageren die bij dit doel passen.

Dit verschil wordt weerspiegeld in de World Value Survey (WVS), een mondiale opiniepeiling die een vergelijking van een brede reeks waarden in uiteenlopende landen mogelijk maakt. Onlangs onderzocht de WVS twaalf Arabische landen – Jordanië, Egypte, Palestina, Libanon, Irak, Marokko, Algerije, Tunesië, Qatar, Jemen, Koeweit en Libië – naast 47 niet-Arabische landen. De resultaten stellen ons voor het eerst in staat de inwoners van een aanzienlijk deel van de Arabische wereld met burgers elders in de wereld te vergelijken.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

De WVS meet vier onthullende politieke en sociale waarden: steun voor de democratie, bereidheid tot burgerlijk engagement, gehoorzaamheid aan gezag, en steun voor patriarchale waarden die ten grondslag liggen aan de vrouwendiscriminatie. Als een doorsneeland rijker, beter opgeleid en politiek opener wordt, nemen de steun voor de democratie en de bereidheid tot burgerlijk engagement toe, en nemen de gehoorzaamheid aan gezag en de steun voor patriarchale waarden af.

Maar uit de data blijkt dat Arabische landen achterblijven bij landen met een vergelijkbaar ontwikkelingsniveau. De Arabieren leggen minder voorkeur voor democratie aan de dag (met een verschil van 11%), zijn minder burgerlijk actief (8%), tonen meer respect voor gezag (11%), en omarmen patriarchale waarden veel sterker (met een verschil van maar liefst 30%).

Twee kenmerken van de Arabische wereld zouden dit kunnen verklaren: de voornamelijk islamitische bevolking en de autocratische regeringen die een groot deel van de regio de afgelopen vijftig jaar hebben geregeerd.

Volgens de WVS bevordert religiositeit inderdaad het conservatisme, maar in de Arabische landen niet méér dan in de rest van de wereld. Toch verklaart deze factor, gezien het feit dat de score van de Arabieren op het gebied van religiositeit ongeveer het dubbele is van mensen elders in de wereld, voor een deel het conservatisme in de regio. Maar interessanter is de rol die onderwijs speelt – of niet speelt – bij het bevorderen van sociale en politieke openheid in de Arabische wereld.

De grootste verschillen tussen de Arabische landen en de rest van de wereld kunnen worden aangetroffen onder de goed opgeleiden. Neem de voorkeur voor democratie. Op dat terrein is het verschil tussen Arabieren en niet-Arabieren met een universitaire graad 14%, terwijl het verschil tussen degenen met louter een middelbare schoolopleiding slechts 5% is. En soortgelijke verschillen kunnen worden waargenomen bij de andere drie waarden. Het lijkt erop dat onderwijs een zwakker effect heeft op de sociale waarden in Arabische landen dan elders – met een factor van ongeveer drie.

Degenen die uit zijn op het bevorderen van openheid in de Arabische wereld moeten zich dus niet richten op de impact van de Islam, maar op het onderwijs dat de inwoners van de regio krijgen. Eén waarschijnlijke verklaring voor het waargenomen verschil in sociale waarden is dat onderwijs bewust wordt gebruikt als indoctrinatiemiddel, met als doel autocratische regeringen te bestendigen.

Via de invoering van massa-onderwijs in de jaren zestig werd het onderwijs in de Arabische wereld ten dienste gesteld van top-down nationalistische projecten. Daarna werd in de jaren zeventig, toen door de staat geleide moderniseringspogingen waren mislukt en regeringen steeds repressiever waren geworden, het onderwijsbeleid doordrenkt met conservatieve, religieuze waarden – eerst om linkse oppositiegroeperingen te bestrijden, en later om op hun eigen terrein te kunnen concurreren met islamitische groeperingen.

Uit een onderzoek van de pedagogische literatuur over de onderwijssystemen in de regio blijkt de mate waarin deze systemen zijn ingericht om te indoctrineren. De meeste ervan worden gekenmerkt door het 'erin stampen' van kennis, de veronachtzaming van analytische vermogens, een overdreven nadruk op religieuze onderwerpen en waarden, de ontmoediging van zelfexpressie ten gunste van conformisme, en het gebrek aan betrokkenheid van de studenten bij gemeenschapszaken. Deze kenmerken zijn allemaal bedoeld om de gehoorzaamheid te bevorderen en het ter discussie stellen van gezag te ontmoedigen.

Het kan paradoxaal lijken dat seculiere regimes verantwoordelijk waren voor het islamiseren van het onderwijs. Maar dit is begrijpelijk als wordt ingezien dat het een poging is om plaatselijke culturele karakteristieken te exploiteren teneinde de indoctrinatie-inspanningen te versterken (zoals in China is gebeurd). Het is niet constructief om de plaatselijke cultuur, die samenlevingen grotendeels erven, de schuld te geven. De erkenning dat autocratische regimes doelbewust het moderniserende potentieel van onderwijs neutraliseren terwille van hun eigen overleving biedt echter een weg voorwaarts.

Fake news or real views Learn More

Helaas voor de Arabische wereld is dit een nogal smalle weg. De elites zullen het onderwijs niet graag hervormen als dat hun eigen overleving in de waagschaal stelt. Activisten uit de burgermaatschappij zullen moeten vechten om de waarden die ten grondslag liggen aan hun onderwijssystemen te veranderen, door burgerlijk engagement te bevorderen, democratische principes op de voorgrond te plaatsen, geslachtsgelijkheid te steunen, en diversiteit en pluralisme aan te moedigen. Alleen door ervoor te zorgen dat deze waarden wortel schieten op iedere school zullen ze sterk genoeg worden om de koers van Arabische samenlevingen te kunnen verleggen.

Vertaling: Menno Grootveld