0

Het wordt tijd dat de G20 klimaatleiderschap toont

PARIJS – Begin 2016 waren de Verenigde Staten goed gepositioneerd om de leiding te nemen in het gevecht tegen klimaatverandering. Als voorzitter van de G20 voor 2017 rekende de Duitse bondskanselier Merkel op de VS om een diepgaande transformatie van de wereldeconomie tot stand te helpen brengen. En zelfs nadat Donald Trump de Amerikaanse verkiezingen won gaf Merkel hem het voordeel van de twijfel, tegen beter weten in hopend dat de VS wellicht toch een leidende rol zouden blijven spelen in het reduceren van de mondiale broeikasgasuitstoot.

Maar bij de eerste persoonlijke ontmoeting tussen Merkel en Trump werden er geen verklaringen van enige substantie uitgegeven en hun lichaamstaal maakte het vooruitzicht van toekomstige dialoog flets. Trumps slogan ‘Amerika eerst’ lijkt te betekenen ‘alleen Amerika.’

Door het terugdraaien van het beleid van zijn voorganger om CO2-uitstoot terug te dringen stapt Trump af van het nieuwe model van coöperatief mondiaal bestuur dat belichaamd werd door de klimaatovereenkomst van 2015 in Parijs. De landen die dit akkoord ondertekenden engageerden zichzelf aan het delen van de risico’s en de voordelen van een mondiale economische en technologische transformatie.

Trumps beleid qua klimaatverandering belooft weinig goeds voor de Amerikaanse burger – waarvan velen zich inmiddels tegen zijn regering mobiliseren – of de rest van de wereld. Maar deze rest zal toch doorgaan met het ontwikkelen veerkrachtige koolstofarme systemen. Spelers uit de private en publieke sector door de hele ontwikkelde en ontwikkelingswereld maken de aanstaande economische verschuiving vrijwel onvermijdelijk, en hun agenda’s zullen niet veranderen simpelweg omdat de VS een grillige nieuwe regering heeft. China, India, de Europese Unie, en veel Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse landen blijven steeds meer systemen voor schone energie overnemen.

Zolang dit het geval is zullen bedrijven, lokale overheden, en andere belanghebbenden koolstofarme strategieën blijven bevorderen. Zeker, het beleid van Trump kan nieuwe gevaren en kosten introduceren, in eigen land en wereldwijd; maar hij zal er niet in slagen het tijdperk van de fossiele brandstoffen te verlengen.

Toch is een effectieve exit van de VS uit het akkoord van Parijs een bedreigende ontwikkeling. De afwezigheid van zo een belangrijke speler in het gevecht tegen klimaatverandering zou nieuwe vormen van multilateralisme kunnen ondermijnen, zelfs wanneer dit een nieuw klimaatactivisme bekrachtigt terwijl de mondiale publieke opinie zich tegen de VS keert.

Meer concreet heeft de regering-Trump significante financiële risico’s geïntroduceerd die inspanningen om klimaatverandering aan te pakken kunnen belemmeren. De door Trump voorgestelde begroting zou restricties plaatsen op federale financiering voor de ontwikkeling van schone energie en klimaatonderzoek. Overeenkomstig zullen zijn recente ‘executive orders’ de financiële kosten van de koolstofvoetafdruk van de VS minimaliseren, door te veranderen hoe de ‘sociale kosten van koolstof’ worden berekend. En zijn regering heeft al geëist dat frases over klimaatverandering moeten worden geschrapt uit een gezamenlijke verklaring uitgegeven door de ministers van Financiën van de G20.

Dit zijn stuk voor stuk onverstandige beslissingen die serieuze gevaren voor de Amerikaanse economie zowel als de mondiale stabiliteit opleveren, zoals secretaris-generaal van de Verenigde Naties António Guterres onlangs benadrukte. Het financiële systeem van de VS is leidend in de wereldeconomie en Trump wil ons allen mee terug nemen naar een tijd toen investeerders en het grote publiek geen rekening hielden met klimaatrisico’s wanneer ze financiële beslissingen namen.

Sinds 2008 is de regelgevende benadering gekozen door de VS en de G20 gericht geweest op he vergroten van transparantie en het verbeteren van ons begrip van mogelijke systematische risico’s voor het mondiale financiële systeem, en niet in het minst die geassocieerd met klimaatverandering en afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Het ontwikkelen van stringentere transparantieregels en betere gereedschappen voor risico-inschatting is voor de financiële wereld zelfs topprioriteit. Het implementeren van deze nieuwe regels en middelen kan de algemene trend in het afstappen van fossiele brandstoffen versnellen, een soepele overgang naar een veerkrachtiger economie met schone energie verzekeren, en vertrouwen en duidelijkheid aan lange termijn investeerders bieden.

Gegeven de verhoogde financiële risico’s geassocieerd met klimaatverandering zou het weerstaan van de executive order van Trump om de transparantie-regelgeving voor Wall Street terug te draaien topprioriteit moeten zijn. Het feit dat Warren Buffet en vermogensbeheerder Black Rock hebben gewaarschuwd voor de investeringsrisico’s van klimaatverandering suggereert dat de strijd nog niet gestreden is.

Het creëren van de G20 was een goed idee. Nu moet deze zijn grootste uitdaging tot nu toe aangaan. Het is aan Merkel en andere leiders van de G20 om de Amerikaanse (en Saudische) weerstand te overkomen en op koers te blijven qua klimaatactie. Ze kunnen een aantal van de grootste institutionele investeerders ter wereld tot hun bondgenoten rekenen, die het eens lijken te zijn over de noodzaak tot een overgangskader van zelfregulering. Het is de plicht van andere wereldleiders om een coherente respons op Trump ontwikkelen, en om aan een nieuw ontwikkelingsparadigma te blijven bouwen dat compatibel is met verschillende financiële systemen.

Tegelijkertijd heeft de EU – die dit jaar de 60e verjaardag van het verdrag van Rome viert – nu een kans om te bedenken welke toekomst na te jagen. Het zijn moeilijke tijden, absoluut, maar we kunnen nog steeds zelf beslissen in welke wereld we willen leven.

Vertaling Melle Trap