5

Genetisch gemodificeerde gewassen van levensbelang voor Afrika

NAIROBI – Het Keniase verbod op de import van genetisch gemodificeerde (GM) gewassen weerspiegelt een zorgwekkende trend in een land dat van oudsher doorging voor een agrarische innovator. De stap vertegenwoordigt ook een gigantische sprong achterwaarts voor een continent dat dikwijls moeite heeft zijn eigen voedselveiligheid zeker te stellen. Een rationele, wetenschappelijke benadering zou moeten triomferen over vooroordelen, angst en speculatie. En Kenia kan de weg wijzen.

Genetische gemodificeerde gewassen (ook wel biotechnologiegewassen genoemd) zijn herhaaldelijk veilig gebleken, en worden met succes gebruikt om de agrarische productiviteit in de hele wereld een impuls te geven. Maar bureaucratie, propaganda en foutieve informatie weerhouden miljoenen Afrikaanse boeren, onder meer in Kenia, ervan om zich van een technologie te bedienen die het levensonderhoud van veel mensen kan verbeteren en kan helpen voedseltekorten te bestrijden.

Erdogan

Whither Turkey?

Sinan Ülgen engages the views of Carl Bildt, Dani Rodrik, Marietje Schaake, and others on the future of one of the world’s most strategically important countries in the aftermath of July’s failed coup.

Ruim een miljoen Kenianen zijn momenteel afhankelijk van voedselhulp als gevolg van de graantekorten in het land. Het Keniase Famine Early Warning Systems Network (een netwerk dat vroegtijdig een noodsignaal kan afgeven als er een hongersnood dreigt) heeft al geregistreerd dat de toch al hoge maïsprijzen tot eind dit jaar zullen blijven stijgen, waardoor de voedselveiligheid en de economische prestaties nog verder onder druk zullen komen te staan. Nu Kenia moeite heeft zijn inwoners te voeden en zijn economie te stabiliseren, zou de GM-technologie een welkom instrument zijn om de oogsten en de inkomens te verhogen, wat de consument en het milieu ten goede zou komen.

Het handjevol Afrikaanse landen dat genetisch gemodificeerde gewassen verbouwt heeft daar in aanzienlijke mate profijt van gehad. De introductie van genetisch gemodificeerde maïs, sojabonen en katoen in Zuid-Afrika heeft bijvoorbeeld geholpen de inkomens van de boeren tussen 1998 en 2012 met ruim $1 mrd op te trekken. Dit was grotendeels te danken aan genetisch gemodificeerde maïs-variëteiten, waardoor de jaarlijkse opbrengst met 32% is gestegen. Deze variëteiten vertegenwoordigen nu bijna 90% van de maïsoogst van het land. Ondanks de stijgende productie kan Zuid-Afrika nog steeds niet genoeg maïs exporteren om gelijke tred te houden met de mondiale vraag.

De boeren in Burkina Faso verbouwen nu een genetisch gemodificeerde katoenvariëteit die zich op natuurlijke wijze weert tegen een schadelijk insect, waardoor er minder vaak behoefte zal zijn aan dure pesticiden. De overstap van traditionele katoen naar de genetisch gemodificeerde variëteit heeft de opbrengst met ruim 18% doen stijgen. De boeren verdienen nu $61 méér per hectare en alleen al in 2013 is er $1,2 mrd aan landbouwinkomsten binnengekomen.

Omdat het land altijd een pioniersfunctie heeft vervuld op landbouwtechnologisch gebied zouden de boeren van Kenia ongetwijfeld soortgelijke rendementen boeken. Driekwart van het voedsel in Kenia wordt verbouwd door kleine boeren – het type dat ruim 90% van 's wereld genetisch gemodificeerde gewassen verbouwt. Het ligt in de verwachting dat de Kenianen enorm zouden profiteren van de nieuwe GM-variëteiten, zoals insectenwerende maïs, die door plaatselijke wetenschappers worden ontwikkeld.

Bovendien is Kenia een van de weinige Afrikaanse landen met een sterk netwerk van toezicht dat de nieuwe gewasvariëteiten kan onderzoeken en goedkeuren. De Keniase Biosafety Act uit 2009 heeft geleid tot de oprichting van de National Biosafety Authority (NBA), een van de eerste van dergelijke lichamen op het continent. Maar ondanks de snelle vooruitgang op dit terrein heeft de Keniase strijd over genetisch gemodificeerde gewassen een onnodig politieke lading gekregen. In 2012 verbood de regering de import van genetisch gemodificeerde gewassen zonder zelfs de NBA maar te raadplegen, een besluit dat was gebaseerd op een alom gekraakt en uiteindelijk ingetrokken studie waarin GM-gewassen onterecht met kanker in verband werden gebracht.

Recenter heeft de Keniase regering een speciale studiegroep belast met het onderzoek naar biotechnologie. De uitkomsten van dit onderzoek zijn nog niet openbaar gemaakt, maar negatieve uitlatingen van de voorzitter van de studiegroep over genetische modificatie duiden op nog meer verwarring over dit onderwerp, waardoor boeren, wetenschappers en het algemene publiek in het ongewisse dreigen te blijven in een tijd waarin de behoefte aan GM-gewassen het grootst is.

Een duidelijke kans om de bevolking te voeden wordt te grabbel gegooid als gevolg van politiek gekonkel en bureaucratie, en Kenia is in dit opzicht helaas niet het enige Afrikaanse land waar dit gebeurt. Broodnodige wetgeving over bioveiligheid in Nigeria en Oeganda is bijvoorbeeld ook al op de lange baan geschoven.

Een groot deel van het probleem is te wijten aan een kleine groep anti-GM-activisten, die op “ethische gronden” bezwaar maakt tegen de technologie. Zij beweren doorgaans dat genetisch gemodificeerde gewassen onveilig zijn – een standpunt dat de afgelopen twintig jaar door de wetenschappelijke gemeenschap van de hand is gewezen. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft ook bevestigd dat er “geen effecten op de menselijke gezondheid zijn aangetoond als gevolg van de consumptie van dergelijke voedingsmiddelen.” Iedere nieuwe genetisch gemodificeerde gewasvariëteit moet voldoen aan rigoureuze normen op het gebied van de gezondheid, het milieu en de doeltreffendheid.

Hoewel ze het misschien goed bedoelen zetten deze activisten samen met een paar slecht geïnformeerde beleidsmakers de klok terug als het gaat om agrarische technologie en productiviteit in heel Afrika. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat genetisch gemodificeerde gewassen geen wondermiddel zijn, maar zij zijn wel een belangrijk instrument bij het bereiken van voedselveiligheid en economische welvaart.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Dat is de reden dat beslissingen over de gezondheidsaspecten en de veiligheid van nieuwe gewasvariëteiten moeten worden gebaseerd op wetenschappelijke bewijzen en niet mogen worden bepaald door politiek gekonkel, op basis van ongegronde “ethische” argumenten. Door een op bewijzen gestoelde aanpak van de beleidsvorming te omarmen kunnen de Keniase autoriteiten de levens van miljoenen mensen in eigen land verbeteren en een precedent van onschatbare waarde scheppen voor het hele continent.

Vertaling: Menno Grootveld