0

De Sustainable Development Goals en de private sector

WASHINGTON, DC – Te voldoen aan de ambitieuze mondiale Sustainable Development Goals (SDG’s) – waaronder het beëindigen van armoede, het verbeteren van de mondiale volksgezondheid, het garanderen van universeel onderwijs, en het verzachten van de klimaatverandering, dit alles in 2030 – zal veel geld gaan kosten. Het totaalbedrag zal veel groter zijn dan wat regeringen beschikbaar kunnen stellen, en deze kloof kan niet gedicht worden door de officiële ontwikkelingshulp, die nu 132 miljard dollar per jaar bedraagt. De private sector, zowel als gemoderniseerde financiële markten, zullen in dezen van essentieel belang zijn.

Tot recent hadden internationale organisaties en regeringen relatief goed gedefinieerde taakomschrijvingen binnen de mondiale ontwikkelings- en duurzaamheidsagenda, terwijl de participatie van de private sector in dit proces vaak bekeken werd op basis van zijn bijdragen aan de economische groei, het scheppen van banen, en belastinginkomsten. Dit moet nu veranderen, waarbij de private sector een bredere, meer geïntegreerde rol in de ontwikkelingsagenda zal gaan spelen.

De private sector kan een financier worden, en biljoenen dollars aan kapitaal richting ontwikkelende economieën dirigeren. En ze kan een belangrijke rol spelen als katalysator, door winsten in een duurzame economische groei, sociale inclusie, en bescherming van het milieu te vertalen. De principes die aan zulke maatregelen ten grondslag liggen zijn verankerd in SDG 12.6 dat ‘bedrijven, vooral grote en internationale firma’s’ aanmoedigt ‘om duurzaamheid in praktijk te brengen en duurzaamheidsinformatie in hun rapportagecyclus op te nemen.’

Financiële instituties en vermogensbeheerders kunnen aan zulke bedrijven – die duurzaamheid, een langetermijnvisie, en prestatiecriteria voor milieu, sociaal beleid en governance (environmetal, social, and governance; ESG) incorporeren in hun centrale zakenmodellen – positieve stimulansen bieden door hun fondsen dienovereenkomstig te alloceren. Een zet in die richting zou veel doen voor de lange termijn vooruitgang inzake de SDG’s.

Gelukkig voldoen al veel bedrijven aan deze omschrijving. Een enquête onder CEO’s uit 2016, geleid door het Global Compact and Accenture van de Verenigde Naties liet zien dat veel topmensen uit het zakenleven het oplossen van ‘maatschappelijke uitdagingen’ al zien als ‘centrale factor in de zoektocht naar concurrerend voordeel.’ En bijna de helft van alle ondervraagde CEO’s gelooft dat ‘het zakenleven de belangrijkste actor in het behalen van de SDG’s zal zijn.’

Volgens een recent rapport gepubliceerd door Moody’s is de interesse van institutionele investeerders in investeringen gerelateerd aan klimaatverandering en duurzame ontwikkeling de afgelopen jaren sterk gegroeid. Institutionele investeerders met een lange geschiedenis van ESG-investeringen, zoals het California Public Employees Retirement System (CalPERS), worden momenteel vergezeld door een groeiend aantal van hun collega’s. Sommigen opteren er zelfs voor zich af te keren van elk bedrijf dat blootgesteld is aan industrieën of zakenpraktijken die duurzaamheid in het geding brengen.

Deze trend richting duurzame ontwikkeling zal ongetwijfeld versnellen. Maar zelfs zonder de overeenkomst zal de aantrekkingskracht van dit soort investeringen solide blijken: er is bewijs dat integratie van ESG-overwegingen – wanneer intelligent geïmplementeerd en transparant gemeten en gerapporteerd – kan helpen investeringen de verwachtingen te doen overstijgen, voor zowel bedrijven als investeerders. Tel hier de stimuli voor financiële markten bij op, en ESG-investeringen zouden grote hoeveelheden kapitaal aan kunnen trekken.

Desalniettemin blijven er aanzienlijke uitdagingen bestaan, waaronder onzekere prestatieverwachtingen en evoluerende regimes voor openbaarheid. Ondanks innovatie in de financiële producten die ESG-investeringen begeleiden blijft het aanbod van ESG-instrumenten zoals groene obligaties ontoereikend.

Een andere uitdaging is data-gerelateerd. Goede data over ESG-investeringen zijn onmisbaar, omdat ze investeerders en bedrijven in staat stellen om te bepalen of hun operaties op dit gebied het behalen van de SDG’s zullen bevorderen of belemmeren.

Tot dit doel moeten we een robuust en transparant rapportagekader ontwikkelen dat bedrijven in staat stelt om te rapporteren over financiële en niet-financiële prestaties. Dit kader moet hiernaast de private sector en investeerders ondersteunen in hun inspanning om winstmaximalisatie te combineren met het najagen van lange termijn economische, sociale, en milieudoelstellingen. Een geïntegreerde bedrijfsrapportage en openbaarmaking van materiele ESG-informatie kan de creatie van een efficiënt financieel systeem dat een duurzame economische groei bevordert faciliteren, terwijl het behalen van de SDG’s ondersteund wordt.

Het ontwikkelen van zo een geïntegreerd rapportagekader word momenteel geleid door een aantal nationale en internationale organisaties, zoals het Global Reporting Initiative (GRI), de Sustainability Accounting Standards Board (SASB), en de International Integrated Reporting Council (IIRC). Hun belangrijkste doelstellingen zijn om bedrijven en organisaties in staat te stellen om duurzaamheidsdoelen en cruciale prestatie-indicatoren te stellen; om vergelijkende data die hun economische en ESG-prestaties meten te monitoren, prepareren, en openbaar maken; en om leidraden voor een duurzame productie en consumptie te integreren in de zakenstrategieën en -modellen van bedrijven.

Het mondiaal bewustzijn over dit onderwerp groeit. Onlangs brachten Mark Carney, directeur van de Bank of England en voorzitter van de Financial Stability Board van de G20, en Michael Bloomberg, voormalig burgemeester van New York en CEO van Bloomberg LP, een verklaring uit met betrekking tot marktdata over het klimaat.

Gegeven de gigantische omvang van deze opgave is het echter ook van belang om de effectieve coördinatie en harmonisatie van deze inspanningen met de relevante standaarden, regulatoren, en professionele organisaties te garanderen. De Amerikaanse Securities and Exchange Commission bijvoorbeeld debatteert al over deze kwesties terwijl het de opties analyseert om te antwoorden op de behoeften van investeerders en bedrijven in betrekking tot ESG-factoren.

Nieuwe ESG-rapportagekaders kunnen helpen om miljarden dollars van institutionele investeerders aan te trekken die de inspanningen om de SDG’s te behalen zouden ondersteunen. Maar dat is nog maar één voorbeeld van hoe de publieke en private sector samen kunnen werken om mogelijkheden om de SDG’s te bevorderen te identificeren. Als we uit deze mogelijkheden voordeel weten te halen kan publiek-private samenwerking miljoenen mensen in staat stellen om zichzelf uit de armoede te tillen en om mee te helpen een vrediger, welvarender, en veiliger wereld op te bouwen.

Vertaling Melle Trap