2

De gevaarlijke mythologie rondom kanker

GENEVE – Dit jaar zal Wereldkankerdag zich sterk maken voor het uitbannen van de schadelijke mythes rond de ziekte. Het thema – geïllustreerd door de slogan “Kanker – Wist u dat?” – biedt de mogelijkheid om na te denken over de werkelijke gevolgen van kanker en de mondiale preventie- en behandelingspraktijk te ondersteunen.

Eén van die mythes is dat kanker vooral een probleem is van de ontwikkelde landen. Maar hoewel het waar is dat kanker in de rijkere landen hardnekkig aanwezig blijft, verliezen de mensen in de armste landen van de wereld meer levensjaren aan de ziekte. Terwijl de medische vooruitgang en technologische ontwikkelingen kankerpatiënten in landen met hoge inkomens hebben geholpen langer in leven te blijven – in die mate dat sommige vormen van kanker feitelijk chronische aandoeningen zijn geworden – blijven de mensen in landen met lagere inkomens jong sterven.

Erdogan

Whither Turkey?

Sinan Ülgen engages the views of Carl Bildt, Dani Rodrik, Marietje Schaake, and others on the future of one of the world’s most strategically important countries in the aftermath of July’s failed coup.

Afgezien van het feit dat dit onrechtvaardig is, is het ook zeer tragisch. Als je aan dodelijke ziekten als malaria en aids bent ontsnapt, mag je niet voortijdig het loodje leggen als gevolg van kanker – vooral niet als gevolg van een vorm van kanker die voorkomen had kunnen worden met zoiets eenvoudigs en betaalbaars als een vaccin.

Het dikwijls over het hoofd geziene verband tussen vaccins en kanker onderstreept een tweede misverstand dat vaak voorkomt: het zou vooral het lot (en misschien het feit of je wel of niet rookt) zijn dat bepaalt of je kanker krijgt. In wezen wordt één op de zes gevallen van kanker in de wereld veroorzaakt door een of andere bekende infectie. In sommige landen in het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika is dat zelfs één op de drie. De vier belangrijkste schuldigen zijn hepatitis B en C (hepB en hepC), het humaan papillomavirus (HPV) en Helicobacter pylori, die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor jaarlijks 1,9 miljoen gevallen van lever-, baarmoederhals- en darmkanker.

Baarmoederhalskanker zorgt nu voor meer sterfte onder vrouwen dan bevallingen, en eist iedere twee minuten een leven. Van de 275.000 vrouwen die jaarlijks aan baarmoederhalskanker sterven, leeft 85% in de armste landen van de wereld. Baarmoederhalskanker heeft immers de neiging vooral de meest kwetsbaren te treffen, zoals vrouwen die zijn besmet met HIV. Als er niets aan wordt gedaan, zal het aantal sterfgevallen als gevolg van baarmoederhalskanker stijgen naar 430.000 per jaar in 2030.

Dan is er nog hepB, dat meer dan vijftig maal zo besmettelijk is als HIV en vaak van moeder op kind wordt doorgegeven, vóór of vlak na de geboorte, waardoor de kans op leverkanker later in het leven toeneemt. Naar schatting twee miljard mensen zijn vandaag de dag geïnfecteerd met hepB, terwijl 350 miljoen mensen chronisch besmet zijn. Daarvan zal grofweg een kwart sterven aan met hepB samenhangende leverkanker of cirrose (een gevolg van chronische leveraandoeningen).

Het goede nieuws is dat er krachtige middelen beschikbaar zijn om veel van deze sterfgevallen te voorkomen. Bestaande HPV-vaccins kunnen tot 70% van de baarmoederhalskankergevallen voorkomen, en er zitten nieuwe vaccins in de pijplijn die het percentage nog hoger kunnen doen uitkomen. Op dezelfde manier zijn hepB-vaccins voor 95% effectief ter voorkoming van besmettingen en hun chronische consequenties.

Vaccins die bescherming bieden tegen Helicobacter pylori en hepC zijn in ontwikkeling (hoewel laatstgenoemde buitengewoon ingewikkeld blijkt). Zelfs met een vaccin tegen het Epstein-Barr virus, dat bescherming moet bieden tegen sommige soorten lymfeklierkanker, worden veelbelovende resultaten geboekt.

Maar de bekostiging van deze vaccins en de terbeschikkingstelling ervan aan de meest kwetsbare inwoners van de lage-inkomenslanden is een aanzienlijk probleem. Hoewel de Wereldgezondheidsorganisatie WHO al sinds 1992 aanbeveelt het hepB-vaccin op te nemen in routinematige vaccinatiecampagnes, heeft de hoge prijs ervan aanvankelijk voorkomen dat dit in sommige ontwikkelingslanden ook daadwerkelijk gebeurde. Meer recentelijk dreigde hetzelfde probleem de verspreiding van HPV-vaccins te hinderen. Maar de GAVI-alliantie is tussenbeide gekomen om ervoor te zorgen dat dit met hepB niet langer een zorg is, en dat het onwaarschijnlijk is dat dit met HPV het geval zal zijn.

Sinds haar lancering in 2000 heeft de GAVI-alliantie geprobeerd de toegang uit te breiden tot levensreddende vaccins voor de armste kinderen ter wereld. In samenwerking met de Wereldbank, de WHO, UNICEF en de Bill & Melinda Gates Foundation heeft de alliantie innovatieve financiële instrumenten gebruikt om fondsen te werven voor mondiale vaccinatieprogramma's en met de sector samengewerkt om de prijzen van vaccins omlaag te krijgen.

Door het hepB-vaccin op te nemen in een vijfvoudig vaccin is de Alliantie er al in geslaagd er kinderen in zeventig landen mee te bereiken, als onderdeel van routine-vaccinaties. De Alliantie doet nu haar best het HPV-vaccin vóór 2020 beschikbaar te maken voor ruim dertig miljoen van de armste vrouwen en meisjes ter wereld; als onderdeel van deze inspanningen, en samenvallend met Wereldkankerdag, heeft ze demonstratieprogramma's gelanceerd in acht ontwikkelingslanden.

Uit steeds meer bewijsmateriaal blijkt dat de voordelen van vaccins verder gaan dan het voorkomen van ziektes en de dood. Ook de cognitieve ontwikkeling en de schoolprestaties van kinderen gaan erdoor vooruit, waardoor de potentiële economische groei van landen wordt bevorderd. In de strijd tegen kanker kan medische vooruitgang de sterftecijfers met kostbare procentpunten laten dalen, wat impliceert dat de verbeterde toegang tot vaccins een enorme impact kan hebben. Het aantal toekomstige gevallen in de ontwikkelingslanden kan erdoor worden teruggebracht, voor slechts een paar dollar per dosis.

De mensen in de rijke landen zijn ongetwijfeld vertrouwd met de uitspraak dat voorkomen beter is dan genezen. Maar gezien de goede verkrijgbaarheid van vaccins in de ontwikkelde landen, is de nadruk van pogingen om besmetting te voorkomen verschoven naar de levensstijl die kanker veroorzaakt.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Intussen missen de mensen in de ontwikkelingslanden de toegang tot eenvoudige en effectieve instrumenten om een aantal van de meest algemene kankers te voorkomen. Het verbeteren van de toegang tot vaccins is van cruciaal belang voor het aanpakken van deze mondiale ongelijkheid en het verkleinen van de kloof tussen arm en rijk. Daarvoor is het in de eerste plaats nodig om de mythe te ontzenuwen dat kanker zich niet laat 'vangen.'

Vertaling: Menno Grootveld