1

De anti-breekbaarheid van gezondheid

NEW YORK – Nassim Nicholas Taleb, wellicht het bekendst als de auteur van The Black Swan, heeft een prachtig nieuw boek geschreven, getiteld Antifragile: Things That Gain from Disorder. (“Anti-breekbaar: dingen die gebaat zijn bij wanorde”). Volgens Taleb verzetten dingen die 'anti-breekbaar' zijn – meestal levende dingen – zich niet alleen tegen hun eigen fragiliteit; ze worden vaak sterker als ze onder druk komen te staan. Als ze daarentegen te veel worden vertroeteld, worden ze juist zwakker. Evolutie is een proces dat zich te weer stelt tegen breekbaarheid.

In de bredere natuurlijke wereld elimineren kleine bosbrandjes zo nu en dan de ondergroei, waardoor het risico op grote branden afneemt. Kleine bevinkjes kunnen de seismische spanning in de aardbodem verminderen en grote aardbevingen voorkomen.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

Op dezelfde manier is een gezonde economie anti-breekbaar, en daarvoor is meer nodig dan louter de afwezigheid van armoede. In een sterke economie zorgt stress voor een verbetering van de productiecapaciteit: een korte recessie of een kleine schok laat de zwakkere spelers afvloeien, zodat werknemers en kapitaal naar veelbelovender bedrijven en sectoren kunnen stromen.

Dezelfde logica is van toepassing op georganiseerd geweld. Om de toneelschrijver Jonathan Larson te citeren: “Het tegenovergestelde van oorlog is schepping”. De non-profitorganisatie Peace Direct probeert niet alleen een toestand van vrede te bevorderen, maar ook een activiteit die zij 'peace-building' noemt – actieve samenwerking, conflictoplossing, enzovoorts.

Wat zijn de overeenkomstige termen als het om de gezondheid gaat? De meeste woordenboeken definiëren gezondheid als de “afwezigheid van ziekte”. Maar als je het zo formuleert is het voor mensen niet al te aantrekkelijk om “in gezondheid te investeren”. Hoe kun je nu in een vacuüm investeren?

Uiteraard investeren we in gezondheidszorg. Maar dat is net zoiets als investeren in het repareren van auto's – het toekennen van middelen aan het repareren van de schade in plaats van aan het verbeteren van de veiligheidstechnologie of het installeren van helderder stoplichten. De gezondheidszorg is waar we op terugvallen als de inactieve “gezondheid” er niet in is geslaagd ons gezond te houden: het immuunsysteem is aangetast door een ziekteverwekker, of te veel (slechte) voeding, alcohol, roken, drugs of stress – al dan niet verergerd door te weinig slaap en beweging – spelen de normale werking van het lichaam parten. Zelfs als we zo ongelukkig zijn om te lijden aan een ongeneeslijke genetische aandoening, zal het vaak makkelijker zijn daar iets aan te doen bij een voor het overige gezond persoon.

Gezondheid is het vermogen om stress te ondergaan en daar positief op te reageren – anti-breekbaarheid in een specifieke context. Zonder blootstelling aan besmettelijke ziekten zal het menselijk immuunsysteem bijvoorbeeld nooit leren hoe invasieve elementen moeten worden afgeweerd, en kan het zich zelfs tegen het eigen lichaam keren, zoals bij auto-immuunziekten. Spieren moeten hun werk kunnen doen (en onder spanning komen te staan) om sterk te worden. Het ongemak van de honger zet ons ertoe aan iets te eten.

In eerste instantie klinkt het idee om gezondheid te produceren enigszins pompeus, net als het “zich inbeelden van oplossingen” of het opgeven van “wettelijke interventie” (door de kogel van een politieman) als doodsoorzaak. Maar het is een concept dat de moeite van het onderzoeken en propageren waard is.

In de eerste plaats duidt het produceren van gezondheid een activiteit aan en geen toestand. Je kunt ziekten niet eenvoudigweg vermijden; je moet iets doen om de totstandkoming van de gewenste capaciteit te bewerkstelligen. Net als bij onderwijs hangt gezondheid uiteindelijk af van actieve participatie van de betrokken individuen.

Voor het produceren van gezondheid zijn investeringen nodig – in goede voeding, in een fijne en niet-giftige omgeving, en in banen die mensen motiveren om te werken en zich productief te voelen. (En misschien zijn er ook investeringen nodig om bijvoorbeeld slechte voeding onaantrekkelijk te maken, al was het maar door goede voeding goedkoper en makkelijker te maken, of zelfs te subsidiëren).

Maar voor het produceren van gezondheid zijn ook investeringen nodig van de betrokkenen zelf – dwz, ze moeten worden gestimuleerd hun “gezondheidsproductiviteit” te verbeteren, net zoals een bedrijf zijn werknemers moet motiveren hun productiviteit te verhogen. En net als bij ondernemingen zijn intrinsieke beloningen, uitdagingen, competities en dergelijke vaak effectiever dan louter geld.

Kortom, in een wereld van bewuste consumenten die online hun eigen vliegtuigstoelen boeken, hebben we ook “gezondheidsproducenten” nodig. Uiteraard zijn de voordelen van online boeken vrijwel onmiddellijk waarneembaar, terwijl de voordelen van gezondheidsproductie verder in de toekomst liggen (en minder tastbaar zijn). Maar we ontwikkelen in ieder geval betere meetinstrumenten – niet alleen mobiele zelf-monitoren en games, maar binnenkort ook niet-invasieve bloedtests – om dit te vergemakkelijken.

Tot de spelers in de branche van de gezondheidsproductie behoren niet alleen bedrijven en werkgevers, maar ook nationale en lokale overheden, gezondheidssystemen, scholen en gebouwen. Die hebben allemaal een langetermijnbelang bij de gezondheid van de mensen die ze dienen en bij het opbouwen van hun anti-breekbare capaciteit.

Toch moet ik bekennen dat ik ook wel een beetje twijfel. Het op de juiste manier formuleren van dit alles is makkelijker dan het in vervulling laten gaan van de belofte.

Om de analogieën nog iets verder op te rekken: de afgelopen paar jaar zijn werkgevers het belang gaan inzien van een goed werkklimaat – alles van comfortabele stoelen en makkelijk te gebruiken software tot beter coachen en bruikbaarder feedback. Bij goede bedrijven worden de werknemers behandeld als vrijwilligers en gemotiveerd – niet gemanipuleerd – om op heroïsche wijze te produceren. Mensen gaan dan van hun werk houden, en werken harder om hun managers te plezieren en zijn productiever. Maar er zijn veel plekken – die we allemaal kennen – waar deze kennis niet wordt toegepast.

Fake news or real views Learn More

Ik kan me niet voorstellen dat het met de gezondheidsproductie zoveel anders zal zijn. Als het op het produceren van gezondheid aankomt, is vrijwel iedereen een vrijwilliger. (De zieken zijn de niet-vrijwilligers). En net zoals sommige bedrijven rolmodellen zijn, zullen we ook rolmodellen in de gezondheidsproductie krijgen. Met de juiste taal om de begrijpen wat ze aan het doen zijn, wordt het steeds waarschijnlijker dat we ze zullen kunnen nabootsen.

Vertaling: Menno Grootveld