39

Economen op het vluchtelingenpad

NEW HAVEN – De wereldwijde vluchtelingencrisis van vandaag de dag roept herinneringen op aan de periode onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog. Volgens een schatting van destijds telde toen alleen Europa al ruim veertig miljoen vluchtelingen. Deze “ontheemden,” zoals ze indertijd genoemd werden, zagen zich gedwongen huis en haard te ontvluchten als gevolg van geweld, verplichte verhuizing, vervolging, en de verwoesting van vastgoed en infrastructuur.

De grimmige naoorlogse situatie leidde in 1950 tot het in het leven roepen van het Hoge Commissariaat van de Verenigde Naties voor de Vluchtelingen (UNCHR), een instelling met naar verwachting slechts een tijdelijk mandaat, die ontheemden drie jaar bescherming zou moeten bieden. Maar het probleem is nooit meer verdwenen. Integendeel, de UNHCR bestaat niet alleen nog steeds, de organisatie luidt nu ook de noodklok.

In haar rapport van halverwege 2015 schatte de organisatie het aantal “gedwongen ontheemden” eind 2014 wereldwijd op 59,5 miljoen mensen, inclusief 19,5 miljoen “internationaal ontheemden”, ofwel “echte vluchtelingen”. Sommige landen - Afghanistan, Azerbeidzjan, Colombia, de Centraal-Afrikaanse Republiek, de Democratische Republiek Kongo, Irak, Myanmar, Nigeria, Pakistan, Somalië, Zuid-Soedan, Soedan, Syrië en Oekraïne – namen eind 2014 ieder ruim een half miljoen gedwongen ontheemden voor hun rekening. Het rapport merkte op dat het totale aantal sindsdien zeker nog aanzienlijk moet zijn toegenomen.

Helaas onderstreept het rapport de onvolledigheid van ons begrip van het vluchtelingenprobleem. Door de hele geschiedenis heen is het lot van vluchtelingen die asiel zoeken in een ander land feitelijk grotendeels ononderzocht gebleven. Historici verslaan oorlogen en hebben het over diaspora's, maar tonen zelden veel belangstelling voor hoe vluchtelingencrises ontstaan en worden opgelost.