0

We moeten ebola op alle fronten bestrijden

PARIJS – Te oordelen naar de berichtgeving in de media in de Verenigde Staten en Europa over de ebola-uitbraak in West-Afrika zou je tot de slotsom kunnen komen dat de omstandigheden in de getroffen landen geleidelijk aan beter worden. Maar hoewel de epidemie niet langer een voorpaginaverhaal is, is het virus nog lang niet bedwongen. Integendeel: het blijft een ernstige bedreiging van de wereldgezondheid.

Ik ben onlangs naar Conakry, de hoofdstad van Guinee, gereisd, samen met de Franse president François Hollande, en heb vervolgens een bezoek gebracht aan Macenta, een landelijk district in de bosstreek van het land, dichtbij de plek waar de uitbraak is begonnen. Op beide plekken was ik persoonlijk getuige van de verwoestende gevolgen van het virus: het leed, de angst, de wanhoop en uiteindelijk de dood. Zelfs het alledaagse heeft een loodzware betekenis gekregen: niemand schudde elkaar nog de hand.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

De waarheid is dat het ebola-virus zich blijft verspreiden – en snel. Toegegeven, in Liberia is het bedwongen, maar louter in Liberia, en zelfs daar is het volstrekt niet zeker dat zich geen nieuwe uitbraak zal voordoen.

Ebola verspreidt zich op manieren die verschillen van wat we eerder hebben gezien. Het virus verspreidt zich niet zo snel als veel andere virussen, zoals influenza, wat in het verleden de omvang van ebola-epidemieën heeft beperkt, vooral omdat de uitbraken niet verder kwamen dan het platteland. Maar ditmaal is het virus ook de steden binnengedrongen, waardoor het bijzonder gevaarlijk is geworden. Een hoge bevolkingsdichtheid biedt een vruchtbare voedingsbodem voor welk virus ook, en vooral voor ebola. De verraderlijke combinatie van de wijdverbreide armoede, de armzalige medische voorzieningen en de dichtbevolkte stedelijke gebieden van West-Afrika kan uiterst dodelijk zijn.

Naar verluidt zijn dit jaar bijna 7500 mensen aan ebola overleden. Ruim 16000 mensen zouden zijn besmet. Dit zijn schattingen, en hoewel ze belangrijke informatie verstrekken over de weg die de epidemie aflegt en over de effectiviteit van de indammingsmaatregelen, waarschuwen functionarissen dat de werkelijke cijfers waarschijnlijk veel hoger liggen.

Gezondheid is een mondiaal publiek belang. In de meeste landen wordt het recht op een goede gezondheid gewaarborgd in de grondwet en de wetgeving. Tot dat recht behoort volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) “de toegang tot tijdige, aanvaardbare en betaalbare gezondheidszorg van toereikende kwaliteit.” Maar in het geval van virussen zoals ebola kunnen maar weinig staten deze garantie waarmaken.

Vanuit moreel perspectief is de internationale gemeenschap, met zijn instellingen, autoriteiten, rijke bedrijven en individuen – en zijn kennis en welvaart – verplicht om de noodzakelijke maatregelen te treffen om de verspreiding van ebola een halt toe te roepen. Deze verplichting geldt net zozeer op grond van zuiver eigenbelang. Als het virus niet snel wordt bedwongen, zal iedereen – en elk land – risico lopen.

Het goede nieuws is dat ebola kan worden bedwongen. Uiteindelijk kan het virus zelfs worden uitgeroeid. Maar als we dat willen bewerkstelligen, moet het worden begrepen en onderzocht. De verspreiding ervan moet worden voorkomen, en er moet een behandeling worden geboden.

Hoewel er nog geen klinisch bewezen vaccin tegen ebola bestaat, zou dit binnenkort kunnen veranderen. Sinds de uitbraak van het virus in maart heeft het Institut Pasteur, een onafhankelijke, niet op winst gebaseerde onderzoeksorganisatie, hard gewerkt om te doorgronden hoe het virus kan worden bedwongen en welke behandeling kan worden geboden. Onze onderzoekers volgen de verspreiding van het virus om te begrijpen hoe epidemieën zich ontwikkelen, en we doen ons best om plaatselijk wetenschappelijk en medisch personeel van de juiste middelen te voorzien. We verachten dat we in 2015 twee vaccins klaar zullen hebben voor klinische testen.

De Ebola Task Force van het Institut Pasteur bindt de strijd aan tegen het virus in West-Afrika zelf en in onze laboratoria in Frankrijk. We bestuderen het virus en de manier waarop het zich verspreidt, en laten geen manier onbeproefd om een medische oplossing te vinden die deze uitbraak een halt zal toeroepen en nieuwe uitbraken zal voorkomen. Samen met de WHO en niet-gouvernementele organisaties als Médicins Sans Frontières (Artsen Zonder Grenzen) en het Rode Kruis en de Rode Halve Maan probeert het Institut Pasteur het virus en zijn oorzaken te bestrijden.

Fake news or real views Learn More

Landen in de hele wereld hebben hun steun toegezegd – financieel en anderszins – om de meest urgente problemen aan te pakken: het helpen van getroffen mensen en gemeenschappen. Veel landen dragen al bij aan het onderzoek naar de oorzaken, verspreiding en behandeling van het ebola-virus. Een internationale 'coalitie van bereidwilligen' is in het leven geroepen, en we roepen alle staten, geïnteresseerde bedrijven en gekwalificeerde individuen op zich daarbij aan te sluiten. Samen kunnen en zullen we een einde maken aan ebola.

Vertaling: Menno Grootveld