10

De Marco Polo strategie van Xi Jinping

CAMBRIDGE – Afgelopen maand overzag de Chinese president XI Jinping een zwaar georkestreerd ‘Nieuwe Zijderoute’ forum in Peking. Het tweedaagse evenement trok 29 staatshoofden, waaronder de Russische president Poetin, en 1200 afgevaardigden uit meer dan 100 landen. Xi noemde het zogeheten Chinese ‘Belt and Road Initiative (BRI)’ (vert. Gordel en Weg Initiatief) het ‘project van de eeuw.’ De 65 betrokken landen omvatten twee derde van de totale landmassa van de aarde en ongeveer vier en een half miljard mensen.

Origineel aangekondigd in 2013 is het plan van Xi om Eurazië te integreren door middel van een biljoen dollar aan investeringen in infrastructuur die zich uitstrekt van China naar Europa met extensies naar Zuidoost-Azië en Oost-Afrika al het Chinese nieuwe Marshallplan genoemd, als wel zijn poging tot een grand strategy. Sommige waarnemers zagen het forum ook als onderdeel van Xi’s inspanning om het vacuüm achtergelaten door Trumps afwijzing van de Trans-Pacific Partnership handelsovereenkomst van Barack Obama op te vullen.

Het ambitieuze initiatief van China zou voorzien in zeer nodige snelwegen, treinverbindingen, pijpleidingen, havens, en energiecentrales in arme landen. Ook zou het Chinese bedrijven stimuleren om hun investeringen in Europese havens en spoorwegen te vergroten. De ‘gordel’ zou een enorm netwerk van snelwegen en treinverbindingen door Centraal-Azië omvatten, en de ‘weg’ refereert aan een reeks zeeroutes en havens tussen Azië en Europa.

Marco Polo zou trots zijn geweest. En wanneer China er voor kiest om zijn surplus in financiële reserves te gebruiken om infrastructuur te creëren die arme mensen helpt en de internationale handel omhelst zal het wat gezien kan worden als een mondiaal publiek goed bieden.

Natuurlijk zijn de Chinese motieven niet alleen maar altruïstisch. Herplaatsing van de grote Chinese financiële reserves aan buitenlandse valuta weg van Amerikaanse staatsobligaties met weinig rendement richting infrastructuurinvesteringen met een hoger rendement is een logische stap en creëert tegelijkertijd alternatieve markten voor Chinese goederen. Daar Chinese staal- en cementfabrieken onder overcapaciteit lijden zullen Chinese bouwbedrijven profiteren van de nieuwe investeringen. En terwijl de Chinese productie zich verplaatst richting minder toegankelijke provincies passen verbeterde verbindingen met de internationale markt precies bij de Chinese ontwikkelingsbehoefte.

Maar bestaat het BRI meer uit public relations rook dan investerend vuur? Volgens de Financial Timesdaalden de investeringen in het initiatief van Xi afgelopen jaar, wat twijfels oproept of commerciële bedrijven wel net zo geëngageerd zijn als de regering zelf. Er vertrekken elke week vijf treinen vol handel vanuit Chongqing naar Duitsland, maar er komt maar één volle trein terug.

Het vervoeren van goederen over land van China naar Europa is nog steeds twee keer zo duur als handel over zee. Zoals de FT stelt is het BRI ‘helaas minder een praktisch plan voor investeringen dan een algemene politieke visie.’ Bovendien bestaat het gevaar van schulden en niet terug betaalde leningen van projecten die een economische kat in de zak blijken te zijn, en veiligheidsconflicten zouden de projecten die zoveel internationale grenzen overschrijden kunnen een vloek kunnen opleggen. India zit niet te wachten op een grotere Chinese aanwezigheid in de Indisch Oceaan, en Rusland, Turkije, en Iran hebben hun eigen agenda in Centraal-Azië.

De visie van Xi is indrukwekkend, maar zal deze succes hebben als grand strategy? China wedt op een oude geopolitieke vooronderstellig. Honderd jaar geleden argumenteerde de Britse geopolitieke theoreticus Halford Mackinder dat wie het wereldeiland Eurazië zou controleren de wereld zou domineren. De Amerikaanse strategie daarentegen heeft lang voorkeur gegeven aan de geopolitieke denkbeelden van de negentiende-eeuwse admiraal Alfred Mahan die zeemacht en landen in de periferie van het continent benadrukte.

Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog nam George F. Kennan de benadering van Mahan over om zijn Koude oorlogsstrategie van indamming van de Sovjet-Unie te ontwikkelen, en betoogde dat wanneer de VS een alliantie aan zou gaan met Groot Brittannië, Japan en het West-Europese schiereiland aan de twee uiteinden van Eurazië de VS een mondiale machtsbalans zou kunnen creëren die de Amerikaanse belangen diende. Het Pentagon en het ministerie van Buitenlandse Zaken zijn nog steeds langs deze lijnen georganiseerd, waarbij weinig aandacht besteed wordt aan Centraal-Azië.

Er is veel veranderd in het internettijdperk maar geografie doet er, ondanks de aangekondigde dood van de afstand, nog steeds toe. In de negentiende eeuw draaide veel van de geopolitieke rivaliteit rond de ‘Oosterse kwestie’ wie het gebied van het afbrokkelende Ottomaanse Rijk zou controleren. Infrastructuurprojecten zoals de treinverbinding tussen Berlijn en Bagdad veroorzaakten spanningen tussen de grote machten. Zullen dit soort geopolitieke strubbelingen een nieuw leven ingeblazen worden door de ‘Euraziatische kwestie’?

Met het BRI wedt China op Mackinder en Marco Polo. Maar de landroute door Centraal-Azië zal de negentiende-eeuwse ‘Great Game’ om invloed waar Engeland en Rusland in verwikkeld raakten, net zoals voormalige imperia zoals Turkije en Iran, doen herleven. Tegelijkertijd accentueert de maritieme ‘weg’ door de Indische Oceaan de al beladen Chinese rivaliteit met India met groeiende spanningen over Chinese havens en wegen in Pakistan.

De VS wedt meer op Mahan en Kennan. Azië heeft zijn eigen machtsbalans en noch India noch Japan noch Vietnam willen Chinese overheersing. Zij zien Amerika als onderdeel van de oplossing. Het Amerikaanse beleid doelt niet op indamming van China – kijk maar naar de gigantische handelsstromen en uitwisseling van studenten tussen de twee landen. Maar nu China zich, in de ban van een visie van nationale grootheid, begeeft in territoriale conflicten met zijn maritieme buren neigt dit deze landen in de armen van Amerika te drijven.

Het echte probleem van China is dan ook ‘zelfindamming.’ Zelfs in het tijdperk van internet en sociale media blijft nationalisme een zeer krachtige drijfveer.

Over het algemeen gezien zouden de Verenigde Staten het Chinese BRI moeten verwelkomen. Zoals Robert Zoellick, voormalig Amerikaans Handelsvertegenwoordiger en president van de Wereldbank, heeft betoogd zou de VS wanneer China bijdraagt aan de voorziening van mondiale publieke goederen het moeten aanmoedigen om een ‘verantwoordelijke stakeholder’ te worden. Bovendien kunnen er mogelijkheden zijn voor Amerikaanse bedrijven om te profiteren van investeringen in het BRI.

De VS en China hebben veel te winnen bij samenwerking op een hele reeks transnationale kwesties zoals monetaire stabiliteit, klimaatverandering, cyber-regelgeving, en terrorisme. En terwijl het BRI China zowel geopolitieke voordelen als kosten zal opleveren zal het waarschijnlijk niet zo een grote gamechanger in de grand strategy zijn als sommige analisten wel denken. Een lastiger vraag is of de VS aan zijn rol zal kunnen voldoen.

Vertaling Melle Trap