1

De route naar de zelfstandigheid voor Afghanistan

KABOEL – De Brusselse Conferentie over Afghanistan van deze week is een belangrijke mogelijkheid om een routekaart voor de toekomst van het land te creëren. Hoewel de huidige weg van Afghanistan tot enige vooruitgang heeft geleid, is het lang niet de meest rechtstreekse route naar welvaart – niet in de laatste plaats vanwege grote tekortkomingen in de levering van hulp en in het binnenlands bestuur.

Sinds de verkiezing van president Ashraf Ghani in 2014 is de hulpstroom naar Afghanistan scherp gedaald. En de ontvangen hulp werd niet altijd geleverd op een manier die werkelijk van pas kwam bij de opbouw van de staat, met internationale donoren die de Afghaanse regering grotendeels links lieten liggen, teneinde specifieke op zichzelf staande projecten te kunnen steunen. Van 2002 tot 2010 werd 82% van de $56 mrd aan hulp die aan Afghanistan werd geleverd besteed via niet-statelijke instellingen.

Chicago Pollution

Climate Change in the Trumpocene Age

Bo Lidegaard argues that the US president-elect’s ability to derail global progress toward a green economy is more limited than many believe.

Er was wel enige rechtvaardiging voor deze aanpak. Donoren geloofden dat de Afghaanse staat te zwak en te corrupt was om hun geld effectief te kunnen besteden. En ze zaten er niet helemaal naast: patronage en corruptie blijven welig tieren in Afghanistan.

Dit is deels een erfenis van de vroegere president Hamid Karzai. Tijdens zijn ambtstermijn, van 2004 tot 2014, verdeelde Karzai de hoogste posities in de nationale regering en bij de provinciale overheden in ruil voor politieke steun; hij verleende corrupte functionarissen ook vaak gratie.

Ondanks deze problemen heeft de hulp die via de regering is geleverd de binnenlandse economie gestimuleerd, evenals de ontwikkeling van de staatsinstellingen.

Maar de nadruk op hulp via niet-statelijke organisaties heeft geleid tot de ontwikkeling van een privé-sector voor publieke goederen die, in begrotingstermen, groter is dan de feitelijke regering van Afghanistan. Dit heeft de effectiviteit van de staatsinstellingen ondermijnd, de kosten laten oplopen (doordat er meervoudige contractuele regelingen nodig waren), en, in sommige gevallen, de corruptie verergerd.

Een ander probleem met de hulp voor Afghanistan is gelegen in de besteding ervan. Tussen 2002 en 2010 sluisden donoren ruim de helft van de totale hulp naar de veiligheidssector. Er ging ook veel ontwikkelingshulp naar militaire doelen, vooral in onveilige gebieden. (Niettemin is de veiligheidssituatie verslechterd, sinds het vertrek van de meeste internationale gevechtstroepen de laatste paar jaar).

Intussen werd slechts 3% van de totale hulp aan onderwijs uitgegeven. Het zal geen verbazing wekken dat 40% van de kinderen in de jongere leeftijdscategorieën helemaal niet naar school gaat.

De totale overheidsuitgaven van Afghanistan voor de komende vijf jaar (2017-2021) worden geschat op $60 mrd. Maar gemiddeld is er ieder jaar een financieringstekort van 74%. De Afghaanse regering verwacht dit gat te kunnen vullen met buitenlandse hulp. Om Afghanistan op eigen benen te laten staan is het nodig dat zowel de Afghaanse regering als haar donoren van koers veranderen.

Om te beginnen moeten de donoren een groter deel van de hulp via de Afghaanse overheid en de nationale systemen ter beschikking stellen. Dat is geen volledig nieuw idee. In 2010, op de Internationale Conferentie over Afghanistan in Kaboel, kwamen de donoren met de Afghaanse overheid overeen minstens 50% van de ontwikkelingshulp (exclusief militaire uitgaven) via het overheidsbudget te sluizen, en de hulp die buiten de begroting om werd verstrekt beter af te stemmen op de nationale prioriteiten.

Maar die overeenkomst ging niet ver genoeg om de staat in begrotingsopzicht groter te maken dan de privésector als het gaat om de levering van diensten (en slechts een paar donoren hebben deze doelstelling überhaupt verwezenlijkt of zelfs overtroffen). Feitelijk moet 75% van de totale ontwikkelingshulp aan Afghanistan via het overheidsbudget en de nationale systemen ter beschikking worden gesteld. Dit doel moet en kan in 2018 worden bereikt.

Uiteraard kan een dergelijke benadering alleen maar werken als de overheid haar eigen levering van publieke diensten verbetert, ook door de kwaliteit van haar ambtenarenapparaat te verhogen, en dit te bevrijden van politieke druk. Het goede nieuws in dit verband is dat de regering-Ghani de problemen al heeft onderkend die samenhangen met patronage, corruptie en institutionele zwakheid, en heeft beloofd die te zullen aanpakken. Tot nu toe is op dit punt echter weinig vooruitgang geboekt.

De regering-Ghani kan het tempo van de vooruitgang versnellen door een veel meritocratischer systeem van rekrutering en promotie van ambtenaren in te voeren. Een zero-tolerance-beleid met betrekking tot corruptie – vooral in de rechterlijke macht, in de financiële wereld, de handel, de mijnbouw, bij de politie, en op de ministeries van Volksgezondheid en Onderwijs – is van cruciaal belang.

Bovendien moet, om de aansprakelijkheid te verbeteren en de overheidsinkomsten te verhogen, het belastingsysteem worden hervormd en versterkt. Afghaanse burgers – via maatschappelijke organisaties – en internationale donoren kunnen een belangrijke rol spelen bij het aanmoedigen van de regering om dergelijke hervormingen te implementeren.

Het laatste stukje van de Afghaanse puzzel zal op zijn plaats vallen als de overheid en de donoren hulp sluizen naar investeringen in programma's met langetermijndoelstellingen. Hoewel kortetermijnmaatregelen nodig zijn om de stabiliteit te vergroten, zal hun impact snel verdampen zonder langetermijnprogramma's, gericht op de opbouw van instellingen en het leggen van de fundamenten voor een dynamische economie.

Er moet prioriteit worden gegeven aan investeringen in menselijk kapitaal, met name onderwijs en gezondheidszorg, en in sectoren die werkgelegenheid opleveren, zoals de landbouw. Ook de ontwikkeling van de energie- en infrastructuursectoren is belangrijk, omdat die kan helpen de groei van de industrie te schragen en omdat die broodnodige overheidsinkomsten kan opleveren.

Fake news or real views Learn More

Hoewel de uitdagingen waarvoor Afghanistan staat enorm zijn, zijn ze niet onoverkoombaar. Een betere levering en besteding van de hulpgelden, naast diepgaande hervormingen van het bestuur en slimme investeringen, kunnen het land op het pad naar welvaart zetten. Na tientallen jaren van oorlog en instabiliteit is dit duidelijk in het belang van de hele wereld.

Vertaling: Menno Grootveld