5

Het overbruggen van de infrastructuurkloof

SINT-PETERSBURG – Iedere dag staan miljoenen mensen in de ontwikkelde wereld en de ontwikkelingslanden in lange files of wurmen zich in overvolle metrowagons om naar en van hun werk te komen. En dat zijn waarschijnlijk nog maar een paar van de vele frequente – zo niet dagelijkse – confrontaties met infrastructuursystemen die uit hun voegen barsten. Zowel in geavanceerde als in opkomende economieën moeten wegen en bruggen worden gerepareerd, zijn waterleidingsystemen verouderd of ontoereikend, en zijn elektriciteitsnetwerken overbelast, wat tot blackouts leidt.

Te veel landen hebben decennialang te weinig geld in infrastructuur gestoken, wat alledaagse ongemakken met zich heeft meegebracht en – erger nog – heeft geresulteerd in blokkades op de weg naar economische groei. Hoewel er grote financieringsbehoeften zijn om de infrastructurele gaten te dichten, is het vinden van geld slechts een deel van de oplossing. Overheden moeten ook de infrastructurele planning en het toezicht daarop hervormen. Het publiek kan het zich niet langer veroorloven projecten te accepteren met kosten die uit de hand lopen.

Erdogan

Whither Turkey?

Sinan Ülgen engages the views of Carl Bildt, Dani Rodrik, Marietje Schaake, and others on the future of one of the world’s most strategically important countries in the aftermath of July’s failed coup.

Beleidsmakers kennen het unieke vermogen van infrastructuurprojecten om op de korte termijn banen te creëren en op de lange termijn de productiviteit een impuls te geven. Toch heeft al dat gepraat zelden tot actie geleid, ondanks de ultralage rente van de afgelopen acht jaar.

De wereld moet tot 2030 de investeringen in transport, energie, water en telecommunicatiesystemen van $2,5 bln per jaar verhogen naar $3,3 bln, alleen al om de verwachte economische groei te kunnen bijbenen, aldus nieuwe schattingen van het McKinsey Global Institute. Maar ondanks de duidelijke noodzaak van actie zijn de investeringen in infrastructuur in elf van de G20-economieën sinds de mondiale financiële crisis van 2008 feitelijk gedaald.

De conventionele wijsheid luidt dat begrotingsproblemen het onmogelijk maken genoeg publieke middelen bijeen te brengen. Maar in feite zijn er substantiële mogelijkheden om de investeringen in publieke infrastructuur te verhogen, vooral nu de leenkosten zich op een historisch dieptepunt bevinden. In sommige gevallen kan financiering worden gevonden zonder de belastingen te verhogen: overheden kunnen inkomstenstromen creëren door gebruiksvergoedingen op te leggen, gebruik te maken van stijgingen van de eigendomswaarde, of bestaande bezittingen te verkopen en de opbrengst daarvan te recyclen. Boekhoudkundig kunnen infrastructurele bezittingen ook in de loop van hun levenscyclus worden afgeschreven, in plaats van dat hun kosten al tijdens de bouw onmiddellijk ten laste komen van de begroting.

Overheden kunnen ook veel méér doen om particuliere investeringen te bevorderen, te beginnen bij het bieden van toezichthoudende zekerheid en het verlenen van de bevoegdheid om prijzen in rekening te brengen die een aanvaardbaar, aan de risico's aangepast rendement opleveren. In bredere zin kunnen zij maatregelen nemen om een markt in het leven te roepen die op efficiëntere wijze institutionele beleggers die op zoek zijn naar stabiele langetermijnrendementen en projecten die financiering behoeven bij elkaar brengt.

Gezien het feit dat deze beleggers zo'n $120bln aan bezittingen onder beheer hebben, is de bottleneck niet zozeer een tekort aan kapitaal, maar eerder een tekort aan goed voorbereide, financierbare projecten. Eén manier om hier iets aan te doen zou het ontwikkelen van het noodzakelijke toezichthoudende en institutionele raamwerk zijn dat nodig is om ervoor te zorgen dat de financiering soepeler van institutionele beleggers in de geavanceerde economieën naar projecten in de opkomende landen kan stromen, waar grote groepen mensen nog steeds wachten op toegang tot essentiële infrastructurele diensten.

Afgezien van de financiering biedt het efficiënter maken van de infrastructuursector nóg grotere mogelijkheden. Jarenlange vertragingen en kostenoverschrijdingen van miljarden dollars zijn helaas een bekend verhaal bij openbare werken. En als bruggen kale staketsels blijven wordt het publiek onwillig om te investeren.

Iedere dollar die aan infrastructuur wordt toegewezen moet veel meer impact hebben. Dat vergt onder meer het eisen van betere prestaties van de bouwsector, waar de productiviteitsgroei decennialang vlak is geweest. Er zijn een paar positieve tekenen die op innovatie duiden, van het versneld bouwen van bruggen tot prefab- en modulaire constructietechnieken. Maar de sector als geheel heeft een grote stimulans nodig in termen van modernisering, de adoptie van technologieën en standaardisering.

Overheden moeten ook de instellingen en processen hervormen die onder hun directe controle vallen. Uit ons werk met overheden over de hele wereld is gebleken dat een beter bestuur over en een beter toezicht op infrastructuurprojecten de kosten met wel 40% kan verlagen.

Dit begint met het volgen van een systematische, door data gedreven aanpak van het kiezen van de juiste projecten. Goed presterende landen als Singapore en Zuid-Korea bekijken projecten in hun onderlinge samenhang; zij bekijken hoe ieder project de beleidsdoelstellingen steunt, en wegen mogelijke projecten af tegen andere projecten die misschien een beter rendement opleveren.

Als projecten hun voltooiing naderen, is het van cruciaal belang het beheer over de afrondende fases sluitender te maken. Het versnellen van milieurapportages, goedkeuringsprocessen en de verwerving van grond kan de kosten terugdringen, en vertragingen helpen voorkomen. Het streven naar verbetering kan veel waarde opleveren: op dit moment kunnen de prijskaartjes voor vergelijkbare projecten van land tot land met 50 tot 100 procent uiteenlopen.

Support Project Syndicate’s mission

Project Syndicate needs your help to provide readers everywhere equal access to the ideas and debates shaping their lives.

Learn more

Uitstel is geen levensvatbare strategie voor de aanpak van de infrastructuurbehoeften van de wereld. Het is aan ons om een erfenis van uitgestelde kosten en verslechterende infrastructurele voorzieningen voor de volgende generaties te voorkomen. Het geld is er. Laten we het gebruiken.

Vertaling: Menno Grootveld