0

De kredietwaardige armen?

WASHINGTON, DC – De afgelopen vijf jaar hebben diverse lageinkomenslanden, waaronder Rwanda en Honduras, voor het eerst staatsobligaties aangeboden aan particuliere buitenlandse beleggers in Londen en New York. Tot voor kort was dit ondenkbaar, dus de obligatieuitgiftes van deze landen moeten worden gezien als een teken van een groot vertrouwen onder beleggers. Maar ze zouden ook vertrouwde alarmbellen af moeten laten gaan.

Zo'n twintig van dit soort 'debuutuitgiftes' hebben ongeveer 12 miljoen dollar opgeleverd, tegen rentepercentages die gemiddeld slechts 4,5 procentpunt hoger liggen dan wat de Amerikaanse regering betaalt voor obligaties met een looptijd van vijf of meer jaar. Dit is heel weinig in vergelijking met wat er in totaal omgaat in de mondiale financiële wereld, maar gezien het feit dat veel van deze landen nog geen tien jaar geleden in financiële problemen verkeerden of zelfs failliet gingen en schuldkwijtscheldingen nodig hadden, is het toch een opmerkelijke ontwikkeling.

Maar de toegang van lageinkomenslanden tot particuliere crediteuren gaat gepaard met risico's die van het begin af aan moeten worden onderstreept, voordat ze tot grote problemen uitgroeien.

Om te beginnen zijn er risico's in geval van schuldprolongatie. De obligaties moeten worden terugbetaald in een buitenlandse munt, meestal de Amerikaanse dollar, in één enkele betalingsronde. De daarmee gemoeide bedragen kunnen heel groot zijn, vooral in vergelijking met schuldverplichtingen uit het verleden of toekomstige exportverdiensten.