4

Het anti-wetenschappelijke Seed Treaty

STANFORD – In september ratificeerden de Verenigde Staten het International Treaty on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture, beter bekend als het International Seed Treaty. Net zoals zoveel internationale verdragen gefabriceerd onder auspiciën van de Verenigde Naties kent het zware tekortkomingen. Het Seed Treaty is waarlijk een politiek correct, anti-technologisch fiasco.

Zeker, het verdrag, dat in 2004 van kracht werd, komt voort uit enige prijzenswaardige intenties. Maar per saldo is het een samenraapsel van torenhoge ambities, vertaald in draconische wettelijke beperkingen op de uitwisseling van genetische hulpbronnen (voornamelijk zaden) tussen landen. De irrealiteit van de doelstellingen van het verdrag komt naar voren in de officiële bewoording van zijn objectieven: ‘de conservatie en het duurzaam gebruik van alle plant-genetische hulpbronnen voor voedsel en landbouw en het eerlijk en billijk delen van de voordelen die voortkomen uit het gebruik ervan voor een duurzame landbouw en voedselveiligheid, in harmonie met het Verdrag inzake Biologische Diversiteit.’

Het leidende principe van het Seed Treaty is dat genetische hulpbronnen vallen onder  het ‘soevereine recht’ van lidstaten (lees: regeringen). Dit leidt tot een expliciete afwijzing van het lang heersende begrip dat genetische hulpbronnen in planten en dieren ‘gemeenschappelijk menselijk erfgoed’ zijn. Het legt de notie naast zich neer dat bepaalde mondiale hulpbronnen, die gezien worden als profijtelijk voor allen, niet unilateraal geëxploiteerd en gemonopoliseerd mogen worden door individuen, staten, bedrijven, of andere entiteiten, maar in plaats daarvan zouden moeten worden beheerd op manieren die de hele mensheid bevoordelen.

Het Seed Treaty werd gemotiveerd door de angst voor ‘biopiraterij’; het plunderen van ’s werelds genetische hulpbronnen door agrarische zadenbedrijven, die vervolgens patenten op ze aanvragen en zo een monopolie zouden verwerven. Maar alhoewel beschuldigingen van biopiraterij wellicht aan het gevoel appelleren, hebben onpartijdige analyses aangetoond dat hier weinig feitelijke basis voor bestaat. Biopiraterij is in feite zeldzaam – zo zeldzaam dat er op rechtstreekse wijze tegen opgetreden kan worden.

In plaats daarvan creëerde de wereld een barok, bureaucratisch, en gepolitiseerd systeem dat systematisch wetenschappelijk onderzoek, het telen van gewassen, en het creëren van intellectueel eigendom belemmert. Het Seed Treaty bereikt dit door een multilateraal systeem op te zetten voor toegang tot een overeengekomen lijst van landbouwkundige genetische hulpbronnen.

Het Seed Treaty heeft verder de vijftien onderzoeksinstituten die de Consultative Group of International Agricultural Research (CGIAR) vormen, een invloedrijk wereldwijd partnerschap voor onderzoek, onder controle van zijn deelnemers en secretariaat gebracht. Wanneer een land het zadenverdrag ratificeert stemt het er in toe dat zijn eigen zaadbanken – in de VS is dat de bunker in Fort Collins, Colorado – zich zullen onderwerpen aan de zelfde regels als de CGIAR-centra.

Maar de gemeenschappelijke regels strekken nauwelijks tot voordeel. Als resultaat van het Seed Treaty behandelen landen hun genetische hulpbronnen helaas steeds meer als een hond een bot: er wordt niet gedeeld, zelfs niet tussen hun eigen wetenschappers en plantentelers, terwijl de meeste internationale uitwisselingen van genetische hulpbronnen de afgelopen twaalf jaar zijn beëindigd. De CGIAR-centra zijn in staat geweest om de uitwisseling van genetische hulpbronnen voort te zetten, maar het proces is nu veel meer gecompliceerd en veeleisend dan het was voordat het verdrag van kracht werd.

Voor de VS is de precieze impact van het Seed Treaty moeilijk in te schatten, niet in het minst omdat het verdrag bestaat uit gemeenplaatsen en dubbelzinnige frases die zijn betekenis en voorwaarden verdoezelen. Duidelijk is dat de ervaringen van landen die het verdrag geïmplementeerd hebben niet bijzonder positief zijn geweest, tenzij ze een hoge tolerantie hebben voor regulerende regimes die innovatie en ontwikkeling tegenhouden in de naam van verheven ambities.

Het Seed Treaty is uit hetzelfde anti-kapitalistische, anti-wetenschappelijke, anti-innovatieve hout gesneden als het Verdrag inzake Biologische Diversiteit (CBD). Het weerspiegelt ook het flagrant onwetenschappelijke, anti-genetische-technologie Cartagena Protocol on Biosafety to the CBD. En het heeft veel gemeen met het Nagoya-Kuala Lumpur Supplementary Protocol on Liability and Redress to the Cartagena Protocol, nog zo een anti-genetische-technologie waslijst, die weinig anders bereikt dan potentiele ondernemers af te schrikken van landbouwkundige biotechnologie. Het is te gedetailleerd, verwarrend, en complex – om kort te gaan vijandig naar uitvindingen die ‘s werelds armen voordeel zouden kunnen doen.

Het Seed Treaty gaat regelrecht tegen de wetenschap, landbouwontwikkeling, en intellectuele eigendomsrechten in. Op beleidsniveau zou dit moeten betekenen dat drie maal misgeslagen uit is. De Amerikaanse Senaat, die het Seed Treaty ratificeerde, zou op zijn beslissing terug moeten komen, zoals Artikel 32 van het verdrag toestaat. Hierna zou het ministerie van Buitenlandse Zaken van de VS het secretariaat van het verdrag inlichten, waarna de officiële terugtrekking een jaar later in gaat.

Aankomend president Donald Trump, auteur van Art of the Deal, heeft aan de Amerikanen beloofd dat hij een einde aan slechte deals zal maken. Terugtrekking uit het Seed Treaty zou een veelbelovende start zijn om die belofte te vervullen.

Vertaling Melle Trap