5

Een Big Bond voor Afrika

LAGOS – De landen van het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika hebben een cruciaal punt bereikt. Onder druk van een instorting van de grondstoffenprijzen en de economische inzinking van China is de groei van de regio in 2015 naar 3,4% teruggelopen – bijna 50% lager dan het gemiddelde percentage van de voorgaande vijftien jaar. Het geschatte groeicijfer voor 2016 is lager dan de bevolkingsgroei van ongeveer 2%, wat duidt op een inkrimping van het bbp per hoofd van de bevolking.

Duurzame economische groei is essentieel om de vooruitgang bij het terugdringen van de armoede, kindersterfte, ziekten en ondervoeding vast te houden. Het is ook de enige manier om voldoende goede banen te scheppen voor de aanstormende Afrikaanse jongerenpopulatie – de snelstgroeiende ter wereld. Gerd Müller, de Duitse minister voor Ontwikkelingszaken, zei op een recente persconferentie: “Als de Afrikaanse jeugd geen werk en geen toekomst kan vinden in eigen land, zullen het geen honderdduizenden maar miljoenen zijn die hun weg naar Europa zullen zoeken.”

Eén manier om de groei te ondersteunen en banen te creëren is samenwerking bij het plannen en ten uitvoer leggen van een enorme stijging van de investeringen in infrastructuur in heel Afrika. Met name publieke infrastructuur is belangrijk. Daartoe behoren snelwegen, bruggen en spoorwegen die producenten in door land omsloten gebieden verbinden met Afrika's stedelijke consumenten en externe markten; een omvangrijke transito- en internet-infrastructuur om meer commerciële activiteiten mogelijk te maken; en hoogspanningskabels die particulier gefinancierde centrales en elektriciteitsnetwerken op elkaar aansluiten.

Grote regionale projecten zijn ook nodig om de vele kleine economieën van het ten zuiden van de Sahara gelegen deel van Afrika met elkaar te verbinden. Dit is de enige manier om de schaalgrootte te bereiken die nodig is om het exportpotentieel van de Afrikaanse landbouw en industrie te vergroten, en om de binnenlandse prijzen van voedsel en fabrieksgoederen te verlagen.

Hoewel de Afrikaanse overheden zelf meer uitgeven aan publieke infrastructuur, is externe financiering nog steeds noodzakelijk, vooral voor regionale projecten, die zelden een topprioriteit zijn voor nationale overheden. Maar de hulp van de van oudsher gulle buitenlandse donoren, waaronder de Verenigde Staten en Europa, staat nu op het punt om te slinken, als gevolg van politieke en economische beperkingen.

Maar er is misschien een oplossing die Afrika kan helpen zijn groei te herstellen, op een manier die westerse leiders en hun kiezers aanvaardbaar vinden. We noemen het de “Big Bond” – een strategie voor het aanvullen van buitenlandse hulpfondsen op de internationale kapitaalmarkten om financiering te genereren voor omvangrijke infrastructuurinvesteringen.

In specifieke zin zouden donoren geld op de kapitaalmarkten kunnen lenen met de toekomstige hulpstromen als onderpand. Op die manier zouden ze gebruik kunnen maken van de huidige lage rente in eigen land, terwijl zij nieuwe hulpbronnen aanboren. Nu de rente op Amerikaanse staatsobligaties met een looptijd van dertig jaar ongeveer 3% bedraagt, zouden donoren slechts ongeveer $5 mrd hoeven te securitiseren om $100 mrd op te halen. Dat geld zou kunnen komen uit het deel van $35 mrd aan officiële jaarlijkse ontwikkelingshulp aan Afrika (die in totaal ongeveer $50 mrd bedraagt) dat uit pure giften bestaat.

De donoren zouden de rentekosten kunnen doorgeven aan de Afrikaanse landen, waardoor ze hun eigen fiscale lasten zouden verlagen. Voor Afrikaanse landen zouden de voorwaarden beter zijn dan die door Eurobonds worden geboden. Hoe gewaagd het ook mag klinken, het doorgeven van de rentekosten aan de ontvangende landen zou wel eens de duurzaamheid van hun schulden kunnen verbeteren.

Volgens een studie naar acht landen door het Policy Innovation Lab van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, zou een rentelast van 3% in Amerikaanse dollars lager zijn dan de marginale kosten van commerciële leningen die diverse Afrikaanse landen de afgelopen vijf jaar hebben opgenomen. Bovendien zouden de veel langere looptijden en soepeler voorwaarden, in vergelijking met marktfinanciering, de toenemende druk op de buitenlandse valutareserves doen afnemen.

Het nemen van een voorschot op toekomstige hulp is niet nieuw. In de beginjaren van deze eeuw heeft een soortgelijke manier van de financiering van vaccins miljoenen levens gered in de ontwikkelingslanden. Big Bond-gelden, beheerd door de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, zouden kunnen worden gebruikt om te helpen de financiering te garanderen voor grote regionale infrastructuurprojecten, die al heel lang op een laag pitje hebben gestaan, zoals de Oost-Afrikaanse Spoorweg die Tanzania, Rwanda en Burundi moet verbinden, en een snelweg van Nigeria naar Ivoorkust. Dergelijke projecten zouden ook mede-gefinancierd kunnen worden door particuliere beleggers.

Bovendien zou de Big Bond kunnen helpen de relatie tussen donoren en Afrikaanse landen nieuw leven in te blazen. En omdat het investeringen ondersteunt die belangrijke voordelen op nationaal niveau opleveren, kan het ook als een prikkel dienen voor Afrikaanse landen om hervormingen na te streven die hun absorberende vermogen versterken, als het gaat om het kiezen en ten uitvoer leggen van investeringen in de publieke infrastructuur.

De Big Bond-benadering is een broodnodige update van het raamwerk van de officiële ontwikkelingshulp, waardoor hogere en duurzamere groei in de ontvangende landen wordt ondersteund, terwijl de last voor de donorlanden wordt verlaagd. In een tijd dat de hulp onder druk staat, is zo'n stoutmoedige poging om de efficiency van de donorgelden te maximaliseren precies datgene wat de wereld nodig heeft.

Vertaling: Menno Grootveld