Monday, April 21, 2014
Exit from comment view mode. Click to hide this space
6

Het einde van de euro of juist het begin?

BRUSSEL – Toen de euroarchitecten eind jaren tachtig hun eerste plannen voor de vorming van een eenheidsmunt schetsten, kwamen economen al met waarschuwingen: er was meer nodig dan alleen een onafhankelijke centrale bank en een raamwerk voor begrotingsdiscipline om een monetaire unie levensvatbaar te maken. De ene na de andere studie wees vervolgens op haken en ogen, zoals ontwikkelingsasymmetrieën in het toekomstige eurogebied, de mogelijke ontoereikendheid van een uniform monetair beleid, de zwakheden van transmissiekanalen zonder grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit en de noodzaak van een soort begrotingsunie met verzekeringsmechanismen om in problemen verkerende landen te kunnen helpen.

Er waren ook niet-economische bedenkingen. Volgens veel waarnemers zou de bevolking van de Europese Unie monetaire handboeien alleen binnen een gedeelde politieke gemeenschap accepteren. Hans Tietmeyer, de voormalige president van de Bundesbank, citeerde in dit verband graag de Franse filosoof Nicolas Oresme die al in de Middeleeuwen schreef dat “het geld niet enkel aan de prins toebehoort, het is tevens van de gemeenschap.” De vraag luidde derhalve door welke politieke gemeenschap de euro ondersteund zou worden.

De waarschuwingen van sommigen waren ingegeven door diepgewortelde twijfel over de Europese monetaire eenwording. Anderen wilden slechts aangeven dat Europa voor de wateren die het wilde verkennen een beter toegerust en steviger vaartuig nodig had. De boodschap van de critici was klip en klaar: nationale overheden moesten hun economieën vormen naar het keurslijf van een monetaire unie; de euro had de steun van een grotere economische integratie nodig; en een gemeenschappelijke munt verlangde politieke legitimiteit – dat wil zeggen, een staatsbestel.

De toenmalige leiders – in het bijzonder de Duitse kanselier Helmut Kohl en de Franse president François Mitterrand en zijn opvolger Jacques Chirac – zijn uiteindelijk met een niet zeewaardig schip uitgevaren. Op het economische front wisten zij slechts overeenstemming te bereiken over het ‘casco’ van een economische en monetaire unie, uitgaande van monetaire oprechtheid en de niet afdwingbare belofte van begrotingsdiscipline. Op het politieke front werd helemaal geen overeenstemming bereikt: de vorming van een Europees staatsbestel bleef uit.

Enkelen, zoals de toenmalige voorzitter van de Europese Commissie Jacques Delors, wonden er in die tijd geen doekjes om hoe zij deze smalle basis betreurden. De politieke weerstand vierde hoogtij. De architecten van de euro waren echter niet naïef: zij wisten dat hun geesteskind nog niet voldragen was. Zij veronderstelden echter dat de monetaire eenwording in de loop der tijd een impuls zou geven aan nationale hervormingen, voortgaande economische integratie en een bepaalde vorm van politieke eenwording. Volgens die stapsgewijze benadering was de EU immers ook vanuit haar bakermat opgebouwd: de gemeenschap voor kolen en staal uit de jaren vijftig. Daarom verwachtten maar weinig voorstanders van de euro destijds dat er na de lancering géén aanmerkelijke veranderingen zouden plaatsvinden.

Die veronderstelling bleek echter niet juist. Vanaf de ondertekening van het Verdrag van Maastricht in 1992 tot de tiende verjaardag van de euro in 2009 bleef de verwachte impuls om een gemeenschappelijk Europees staatsbestel te creëren geheel uit.

Sterker nog, maar weinig landen hebben de moeite genomen om een door de euro geïnspireerde agenda van economische hervormingen te formuleren, laat staan te implementeren. Nadat de verantwoordelijkheid voor het monetaire beleid aan de Europese Centrale Bank was gedelegeerd, stuitte ieder nieuw plan voor een verdere overdracht van soevereiniteit op felle tegenstand. In 2005 werd nog een schuchtere poging ondernomen om via een constitutioneel verdrag naar politieke integratie toe te werken, maar dat werd door volksreferenda in Frankrijk en Nederland de grond ingeboord.

Tegen de verwachtingen in ging alles dus op de oude voet verder. Spoedig na de invoering van de euro in 1999 bleek dat het voorkeursscenario van de euroarchitecten niet gerealiseerd zou worden. Iedereen moest, zij het knarsetandend accepteren dat er niets meer dan een kale EMU-scheepsromp was.

Wat op basis van geleidelijke evolutie niet tot stand kwam, begint nu echter onder druk van crises vorm te krijgen. Na 2009 heeft Europa een mechanisme voor crisisbeheer en crisisaanpak in stelling gebracht waar het eerder niet eens over wilde praten. Tegelijkertijd komen overheden, genadeloos onder druk gezet door de obligatiemarkten, met hervormingen voor de arbeids- en productmarkten die slechts een paar kwartalen eerder nog als politiek onhaalbaar werden beschouwd.

Maar de obligatiemarkten willen meer. Iedere dag die verstrijkt vragen zij luider om antwoorden. Gaan de Europeanen de crisiskosten voor een deel gezamenlijk dragen? Schuldeisers van Griekenland (hoofdzakelijk te vinden in het eurogebied) hebben immers al een deel van de schuldenlast op zich genomen door met een gedeeltelijke schuldafstempeling in te stemmen. Mocht een ander land niet langer in staat zijn om de budgettaire kosten van de crisis te dragen, gaat dat dan ook een deel van de last in een of andere vorm op externe schuldeisers afwentelen?

Kan Europa, of een deel daarvan, bovenop alle overdrachten overeenstemming bereiken over de vorming van een bankunie (dat wil zeggen, ‘europanisering’ van het bankentoezicht, het depositogarantiestelsel en de crisisaanpak)? En kan Europa het eens worden over samenvoeging van belastinginkomsten zodat instituten op EU-niveau op geloofwaardige wijze voor financiële stabiliteit kunnen zorgen?

Deze vragen zijn essentieel voor de toekomst van de Europese eenheidsmunt. Europese leiders die deze vragen liever niet willen stellen, worden nu geconfronteerd met het ongemakkelijke vooruitzicht dat zij toch met antwoorden moeten komen – en wel zonder al te veel getalm.

Dat is de historische ironie: dat een omgeving van crisis Europa dwingt om keuzes te maken die het in rustiger vaarwater niet onder ogen wilde zien, laat staan het hoofd bieden. De Griekse schuldencrisis heeft een steunmechanisme afgedwongen. De Spaanse crisis dringt Europa mogelijk een bankunie op. En nu een Grieks uittreden uit de euro dreigt, moet Europa wellicht de knoop doorhakken hoe ver de begrotingsunie zal gaan.

Voor velen duiden de recente ontwikkelingen op ‘het begin van het einde’: de ondergang van de stoutmoedige creatie van de euroarchitecten. Maar stel dat de Europeanen de juiste antwoorden vinden: dan zouden de huidige crises op een dag ook als ‘het einde van het begin’ herinnerd kunnen worden.

Vertaling: Willemien Rijsdijk

Exit from comment view mode. Click to hide this space
Hide Comments Hide Comments Read Comments (6)

Please login or register to post a comment

  1. CommentedProcyon Mukherjee

    The doubt never waned on the other side of the Atlantic that Euro could die a pre-mature death, articles were galore on this topic right from the beginning. I particularly remember one in the National Geographic in the late eighties (rather capricious to have euro dedicated to the natural calamities), where Euro was favored to close at far less than the dollar in valuation; it just happened the other way.

    In the treatise 'This time is different', there are many examples devoted to the challenging times that european economies had gone through (including failures of economies as large as Spain, Italy, Austria when they were not even united monetarily), but times could be reversed. There is no doubt that Europe will prove the skeptics wrong this time again; after all monetary union has its advantages and the polity will always take the right course that is best amongst the available options.

    Procyon Mukherjee

  2. CommentedZsolt Hermann

    Thank you for the excellent review article.
    Indeed the initial plan backfired, and I cannot really understand the thought behind it except if we apply the usual American expression, "Kicking the can", hoping that things will somehow turn into happy ending, but nobody wanted to deal with the politically sensitive issue of further integration at the beginning.
    But we cannot build a house in a way that we built the top of the house without walls and foundation, thus it is not surprising that the top, a superficial financial union is falling apart.
    Unfortunately so far in human history we always made the next step, the next stage of our evolution when the present state has become intolerable, that we had no choice of staying put but we had to move on through blows and suffering.
    Today we are approaching a similar state not only in Europe but all over the world. It is clear that our present civilization, the whole socio-economic system based on an illusion of constant growth, and excessive overproduction, beyond our means and necessities is unsustainable and now entered a self destructing phase.
    We can also see that immediately as the chaotic state appears far right and far left forces started to emerge on populist, nationalistic promises.
    We still have a choice before we enter an inevitable volatile, unpredictable state but for that we have to make the difficult choice the "European forefathers" failed to make, to initiate and achieve the required full integration that would adjust us to the global, integral and interdependent conditions we evolved into.
    And in order to do that without backlash, demonstrations, riots and even more far left and far right, present leaders and public opinion formers have to start a global, integral education program through mass media, explaining the nature and laws of this global integral human system to each and every human being in an open, transparent and scientific manner, so they could make an informed, free and open decision about joining the new fully integrated, supra-national system after understanding that it is in their bast interest to support the interconnected network in order to achieve individual prosperity and future.
    We had enough experiments with forced, tricked social, and economical systems, it is time we create something mutually, willingly out of free choice not only by a small minority, but all of us together.

  3. CommentedHamid Rizvi

    Even, if by some unfathomable means Greece is able or better enabled to pull itself out of the fine mess it finds itself in there are others waiting in the wings to be bailed out.

    You have a team in which each member has its own play book, devices it's own plays and strategy with a common goal of winning and remaining a team.

    Dis-similar, systems brought togather as a matter of convenience. In haste people forgot to ask what if and everyone went along the merry way.

    It's a system built to fail. How ironic!

  4. CommentedBoris Krumov

    When your children are having some severe flu, or cold, or pox, you don't just trow them away because they are suffering, but you wait and help with the recovery.

    The euro is now passing trough its childhood diseases, that's all.

  5. CommentedWilliam Wallace

    Granted the crisis is forcing European leaders to get serious about the EU and the implications on policy of a common currency. Yet this is against a rising tide of public opinion that now questions the euro altogether.

    Europe may never see a charismatic leader capable of inspiring with a compelling vision of the benefits of gradual political union, and the perceived "democracy deficit" grows. Brussels and the EU are increasingly targeted as the cause of all ills, much as the Republican Party's attacks on the federal government have eroded faith in US institutions.

    At the very least - and this is hoping for much - the steady drumbeat of us vs them, North vs South name-calling needs to be calmed. Playing to national stereotypes and identifying economic problems as the result of the moral failure of others, as is often the case today, is steadily eroding the ability of Europeans to envision a rationale for union.

Featured